An other Christian WordPress.com site – Een andere Christelijke WordPress.com site

Posts tagged ‘16° Eeuw’

Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen #11 Vredelievende waarheidzoekers

Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen.

Vredelievende waarheidzoekers.

De jodenconversos (bekeerlingen) genoemd, en Moren die zich in de 14de eeuw, dikwijls uit de angst voor het antisemitisme en de pogroms van juni 1391,  tot het christendom hadden bekeerd bleven dikwijls in het geheim trouw aan het voorvaderlijk geloof. Het waren mensen die wilden vasthouden aan het geloof in één enkele God en niet in de drie godheden waartoe de ‘mainstream’ van het Christendom was naar over gegaan. Maar over geheel Europa zo wel als Azië bleven er broeders en zusters in Christus het geloof in de Ene Ware God verkondigen. Deze gelovigen wensten niet toe te geven aan de Drievuldigheidsgedachte en legden zich er op toe hun geloofsregels uit de Bijbel te halen in plaats van menselijke regels op te volgen.

Ook al mag godsdienst gebaseerd zijn op openbaringen door niet empirisch of ‘zuiver rationeel’ aantoonbare persoonlijkheden of actoren (God, goden, geesten, engelen etc.), is het waarheidsbegrip ook nauw verweven met dergelijke bovennatuurlijke openbaringen. Volgens de navolgers van christus kwam het er op aan Jezus ten volle na te volgen en zich te houden aan de Oude Geschriften, naast de verrijking van de evangeliën en brieven van de apostelen. Inzicht in de waarheid kon volgens hen volkomen verkregen worden door de bestudering van dit Oude Testament en het Nieuwe Testament. Veel dogmatische en bevindelijke theologieën gingen en gaan er nog steeds van uit dat de Bijbel als woord van God onfeilbaar juist is, ook vanuit historisch perspectief.

Spiritueel verlichte personen trachtten anderen het Licht te laten zien door de kennis van het Woord van God te vergroten. Een groot probleem hierbij was wel dat de Rooms Katholieke Kerk zich verzette tegen de kennis van de Heilige Schrift. Volgens hun geestelijke leiders waren de mensen niet opgewassen tegen de inhoud van die geschriften. De kennis van de Heilige Schrift zou echter ook bepaalde onschriftuurlijke regels blootleggen.

De bisschop van Rome was in het westen de “primus inter pares” (=”de eerste onder de gelijken”) geworden. Deze had meer en meer gezag gewonnen als hoofd van de Kerk, hoewel de gelovigen in het Griekstalige Oosten zich meer oriënteerden op de patriarch van Constantinopel en de patriarchen van Antiochië en Alexandrië ook veel invloed bleven houden.
In de loop van de 10e eeuw had de keizer van het Duitse Rijk gaandeweg de verregaande bevoegdheid verworven om bisschoppen te benoemen (dit werd symbolisch tot uitdrukking gebracht bij de ambtsaanvaarding waar de bisschop uit handen van de vorst de investituur (=bekleding) ontving, die bestond uit een ring voor zijn geestelijke taak en een staf voor zijn wereldlijke arbeid). Dit was voor veel geestelijken vanzelfsprekend een buitengewoon onverkwikkelijke zaak: tijdens de 11e eeuw  was er daarom een hervormingsbeweging op gang gekomen, de zgn. Gregoriaanse hervorming, onder meer in de abdijen van Gorze en Cluny, die de invloed van de wereldlijke macht op de benoeming van de bisschoppen wilde uitbannen. De Katholieke Kerk wenste haar macht uit te breiden en verlange ontegensprekelijke gehoorzaamheid en volgzaamheid. Met de investituur op straffe van excommunicatie kon paus Gregorius VII (ca. 1020/1025-1085) het kerkelijk gezag aan de wereldlijke macht ontnemen en het primaat van de Kerk verstevigen. er kwam een hele Investituurstrijd op gang. Er waren niet alleen problemen tussen de keizers en koningen; ook in de tweede helft van de dertiende eeuw waren er verscheidene conflicten met invloedrijke Romeinse families die aanleiding gaven voor de pausen om uit te wijken naar verschillende andere Italiaanse steden, onder andere Viterbo, Orvieto, en Perugia. Paus Bonifatius VIII (1294-1303) raakte door zijn bemoeienissen met wereldse zaken en door zijn claim op de hoogste positie binnen Europa in een ernstig conflict met Filips de Schone van Frankrijk. Er ontstond een machtsvacuüm in Italië en de strijd tussen rivaliserende steden en machtige families bedreigde de macht van de paus over de Kerkelijke Staat en de stad Rome zelf. Men had de Franse paus Clemens V (1305-1314) en Robert van Genève (1342–1394), de bisschop van Kamerijk, die tot tegenpaus Clemens VII werd verkozen tegenover de aartsbisschop van Bari, Bartolomeo Prignano (ca. 1318–1389) paus Urbanus VI.  De zogenaamde onfeilbare pausen begonnen nu driftig elkaars besluiten nietig te verklaren en elkaars volgelingen te excommuniceren. Om de ontstane impasse te doorbreken en een nieuwe kerkelijke scheuring te voorkomen werden tijdens het Concilie van Pisa (1409) de twee rivaliserende pausen afgezet en werd de aartsbisschop van Milaan Petrus van Candia (1340-1410) tot de nieuwe paus, en bijgevolg het hoofd van de heilige katholieke kerk, gekozen. dit leidde echter niet tot een afdoende oplossing en creëerde zelfs het bestaan van drie regerende pausen. Het Concilie van Konstanz (1414-1418) maakte aan deze delicate situatie echter een einde: de eerste paus trad af, de tweede paus werd gedwongen zijn aanspraak op de zetel van Petrus in te trekken en de derde paus: de voortvluchtige tegenpaus Johannes XXIII (ca. 1370-1419) (niet te verwarren met de latere paus Johannes XXIII), de opvolger van Alexander V (die na een kort pontificaat van slechts tien maanden was overleden), werd opgepakt en gevangengezet en pas na het concilie weer vrijgelaten, zodat er nu tot vreugde van de Kerk een nieuwe paus gekozen kon worden: de kardinaal-diaken van de San Giorgio in Velabro Oddone Colonna paus Martinus V (1417-1431).

De Bijbelstudent Nicholas Van Hereford of Nicholas of Herford, (stierf c. 1420, Coventry, Warwickshire, Eng.), was een theologische geleerde en voorstander van de Engelse hervormingsbeweging binnen de Romeinse Kerk die later terugkwam op zijn onorthodoxe overzichten en deelnam aan de repressie van andere hervormers.

Nicholas of Hereford en John Wycliffe die de "arme priesters" de Bijbel vertaling meegeven

Nicholas werd in 1370 aangesteld en ontving later een doctoraat van Oxford in theologie (1382) . Terwijl studeerde aan Oxford werd hij door Wycliffe (ca. 1328/1330–1384) , de stichter van een evangelische christelijke groep Lollards, beïnvloed. Hij ontwikkelde de hervormingstheologie van Lollardism verder door in zijn eigen preken. Ook hij gaf de administratieve luxe aan en bevestigde het recht van iedere Christen om zijn persoonlijk geloof door meditatie op de Bijbel te vestigen. Hij en Wycliffe, samen met andere Lollards, werden voor hun zienswijze veroordeeld en werden opgeroepen om te verschijnen voor de Aartsbisschop van Canterbury zijn rechtbank in 1382. Toen zij weigerden te verschijnen, werden zij geëxcommuniceerd.

Nicholas geloofde met de vertaling van het Oude Testament toegerust te zijn. Deze Hebreewse Geschriften in de Engelse vertaling werden door hem in 1382 vervolledigd. Het is goed mogelijk dat de gekende Wycliffe Bijbel eigenlijk meer gebasseerd is op Nicholas’ zijn onderzoekswerk en studie van de oude geschriften. Namelijk uitgaande van Nicholas van Hereford’s vertaling bracht Wycliffe meerdere Engelstalige bijbels in omloop. Al liep deze vertaling zeer veel kerkekelijke tegenstand op vond zij haar weg door het koninkrijk Engeland.  In 1408 besloot een synode van klerken bijeengeroepen door de aartsbischop van Arundel te Oxford om een verbod op te leggen op de de vertaling en het gebruik van de Bijbel in de spreektaal. Ook al werden er strenge maatregelen getroffen leek het een maat voor niets want de verbreiding zette zich gestaag door. In de loop van de volgende eeuw zou de overgetekende versie van Wycliffe de enige Engelse Bijbelversie zijn. Hij behaalde een wijdverspreide populariteit en met meer dan 200 overgebleven manuscripten kunnen wij het bewijs zien van deze meest gekopieerde Bijbelvertaling tussen 1420 en 1450.

Bij zijn excommunicatie verzocht Nicholas onmiddellijk paus Urbanus VI zijn geval te bekijken, maar hij werd opnieuw veroordeeld en werd tot gevangenschap voor het leven veroordeeld. Hij ontsnapte tijdens een populaire opstand tegen de Paus in juni 1385, maar werd door de Aartsbisschop van Canterbury gevangen genomen bij zijn terugkeer naar Engeland. Hij werd onderworpen aan een strenge behandeling in het Kasteel van Saltwood, Kent (1388–89), en er werd de hand gelegd op zijn schrijven op bevel van Koning Richard II die de geschriften, tijdens Nicholas gevangenschap in Saltwood Kasteel, liet vernietigen, hoewel documenten van de periode zijn Bekentenis van 1382 bewaren en andere openbare verklaringen van zijn geloof .

Onder druk herriep hij zijn geloof in 1391 en werd koninklijke bescherming gegund. Hij werd als theologische ondervrager van verdachte ketters aangesteld. Kroniekschrijvers van zijn tijd halen aan dat hij krachtig discussieerde met zijn voormalige Lollard collega’s . Hij werd aangesteld als kanselier van Hereford Kathedraal (1391) en in 1395 werd hij kanselier van Sint Paulus te Londen. Van 1397 tot 1417 was hij schatmeester aan Hereford; kort voor zijn dood trad hij van de post af en ging een kartuizer klooster binnen.

John Wycliffe in his study

John Wycliffe in zijn bureau

John Wycliffe, de Oxfordse doctor in de theologie (1360 Balliol college & later universiteit) en pastoor te Lutterworth, waar hij ook geïnteresseerd geraakte in de politiek, wilde de wijsbegeerte terugbrengen tot de Bijbel en de kerkvaders. Hij was er zich bewust van dat de Kerk een aardse bedoening was, die eigenlijk geen aards bezit mocht hebben. De goederen die zij bezat diende zij terug te geven aan de oorspronkelijke eigenaren, wat Wycliffe veel steun bezorgde van de Engelse adel.
De aardse kerk als instituut had geen invloed op de uitverkiezing van gelovigen en door God uitverkorenen. Hij vocht aan wat er door de eeuwen gegroeid was van scheiding en ontstane hiërarchieën.  Wycliffe keerde zich tegen de kerkorganisatie, tegen de pausen, priesters en religieuze orden. Volgens hem mochten zij die het Woord van God wensten verkondigen zich niet hechten aan materie of positie en was er dus geen rangorde in de organisatie van volgelingen van Christus.  Zij die Jezus lief hadden zouden ook datgene moeten doen wat Jezus van hen vroeg. De prediking van Jezus moest verder verkondigt worden door mensen met een eenvoud van karakter en zonder winstbejag. De “poor preachers” werden door Wycliffe uitgezonden om het evangelie in de eigen landstaal te verkondigen. Ook al werd hij door de koning en het Engelse parlement graag gezien werd hij door paus Gregorius XI openlijk aangeklaagd. Hij werd gewraakt en in 1377 liep er een arrestatiebevel tegen hem, maar hij werd toen niet in Engeland opgepakt. In 1382 werden zijn werken door de synode van London veroordeeld en werden zijn geschriften te Oxford verbannen.

“The King’s English”  had het Frans verdrongen en kon als verstaanbare taal naar de burgers toegebracht worden. Met deze taal en de versie van het volk, wenste hij het Boek der Boeken tot het volk te brengen. Na zijn dood zijn de “Lollards” in de geest van Wyclif verder gegaan met het preken in de volkstaal. De Engelse theoloog, priester en bijbelvertaler William Tyndale (ca. 1494–1536) of William of Tindale reisde in 1525 naar Keulen, Worms en Marburg waar hij het mogelijk zou maken dat de Engelsen de Heilige Schrift ook in hun eigen taal zouden kunnen gaan lezen. Tyndale was de eerste om aanzienlijke delen van de Bijbel in het Engels te vertalen, voor een amateurlezerspubliek (Worms 1526) . In 1529 hielp Miles Coverdale (1488?-1569) hem in Hamburg de Pentateuch te vertalen. Terwijl er reeds enkel gedeeltelijke en volledige vertalingen van de Bijbel waren gemaakt van af de zevende eeuw en in het bijzonder tijdens de 14de eeuw, was de Tyndalevertaling de eerste Engelse vertaling  rechtstreeks uit het Hebreeuws en uit de Griekse teksten. In de vertaling werd voor het tetragrammaton YHWH en de klinker van adonai: YaHoWaH gekozen voor het plaatsen en aldus kenbaar maken van de Naam van God: Jehovah. Verdere werden ook andere nieuwe woorden in het Engels gebracht zoals: Passover en Atonement en uitdrukkingen als het zout der aarde: salt of the earth. Ook was het de eerste vertaling die gebruik maakte van het nieuwe communicatiemiddel der drukkunst. Deze nieuwe vermenigvuldigingsvorm gaf de mogelijkheid om voor een wijde distributie te zorgen. Dit werd als een rechtstreeks uitdaging genomen  naar de hegemonie van zowel de rooms-katholieke Kerk als de Engelse kerk en staat. Aan zijn wijze van vertalen en ook aan zijn aantekeningen is de invloed van Luthers leer duidelijk te merken. In Engeland verzette de geestelijkheid zich hevig tegen de vertaling van de Bijbel. Uit het vasteland binnengesmokkelde exemplaren werden in beslag genomen en verbrand op bevel van Tunstall.

Portret van William Tyndale

De katholieke geestelijkheid verdroeg niemand die haar positie betwiste en kon het helemaal niet op prijs stellen dat er predikers waren die de mensen lieten horen wat er werkelijk in de Bijbel stond. Op de vlucht voor de kerkelijke achtervolgers ging Tyndale naar het boekdrukcentrum Antwerpen, waar hij bij de uit Frankrijk afkomstig drukker en uitgever Merten de Keyser (Martin Lempereur, Martinus Caesar, Martyne Emperowr)(?-1536), die een volledige Franse druk van de Bijbel maakte, een herziening van zijn Nieuwe Testament (1534), een vertaling van de Pentateuch en verscheidene theologische geschriften het licht liet zien. Merten de Keyser had ook in het Nederlands het Nieuwe Testament uitgegeven in 1525 (Dat nieuwe testament ons heeren Jesu Christi met alder neersticheyt oversien, ende verduytst), psalmboeken, en ander religieus werk. Zijn wapenschild is opgenomen in de tweede complete Nederlandstalige Bijbel van zijn collega Willem Vorsterman in 1528 in Antwerpen; dit wijst op een vorm van samenwerking tussen twee drukkers in dezelfde straat. In 1534 verzorgde hij ook de herziening van de Latijnse Vulgaat door Robert I Estienne (Robert Etienne, Robert Stephens, Robertus Stephanus) (1503 – 1559).

Vanuit Antwerpen kon Tyndale met de Keyzer het vervoer van zijn boeken verzorgen, een onthaaldienst voor Engelse vluchtelingen organiseren en de politieke verwikkelingen in Engeland op de voet volgen via informanten. Voor de Engelse markt drukte Merten de Keyser in 1528 William Tyndales The obedience of a Christen man, en in 1530 diens The practyse of Prelates alsmede diens vertaling van de Pentateuch. Tyndales Exposition of the fyrste Epistle of seynt Ihon kwam van onder de persen in 1531 waarna George Joyes vertaling van Isaiah, en Tyndales vertaling van Jonah volgden. Reeds in 1534 kon er een tweede herziene druk van Tyndales Bijbel voorzien worden. Ook publiceerde de Keyzer dan Joyes nieuwe uitgave van de Davids Psalmen gebaseerd op de Latijnse versie van Zwingli, en Joyes vertaling van Jeremiah. Volgens een onderzoek van Guido Latré in 1997, was het ook Merten de Keyser die de allereerste complete Engelse Bijbel drukte in 1535, de Coverdale Bible, waarvan de 1539 foliouitgave “the Great Bible” de koninklijke vergunning droeg en daarom de eerste officieel goedgekeurde Bijbel vertaling was in het Engels.

William Tyndale op de brandstapel in Vilvoorde 1536

Maar ook in Antwerpen was Tyndale niet veilig voor de Inquisitie. Men nam hem daar gevangen en bracht hem naar Vilvoorde waar verscheidene mensen gefolterd werden vooraleer zij hun dood vonden op de brandstapel. Ook deze gepassioneerde waarheidszoeker vond de marteldood op 6 september 1536 door wurging en verbranding op het binnenplaats van het kasteel van Vilvoorde. Een gedenksteen in de stad Vilvoorde en een klein museum ‘William Tyndale’ bij de protestantse William Tyndalekerk aldaar (Lange Molensstraat 58, bij de Mechelse steenweg – maar een verhuis naar een andere locatie wordt voorbereid) herinneren aan zijn levenswerk en zijn gewelddadige dood als martelaar. De Tyndale Bijbel, zoals hij gekend werd ging een hoofdrol spelen in het uitspreiden van Reformatie ideeën over Europa. De vierenvijftig onafhankelijke geleerden die de Koning James Versie van de bijbel of King Jamesbijbel in 1611 creëerden tekenden beduidend op de vertalingen van Tyndale.  Een schatting stelt voor dat het Nieuwe Testament in de Koning James Versie 83% van Tyndale is en voor het Oude Testament 76%.

Wolfgang Fabricius Capito (1478–1541), Martin Cellarius (1499–1564), Johannes Campanus (ca. 1500–1575) en Thomas Emlyn (1663–ca. 1741) aanvaardden de bijbel als Gods Woord en verwierpen de Drieëenheid. Ook Henry Grew (1781–1862) en George Storrs (1796–1879) aanvaardden de bijbel en verwierpen de Drieëenheid, en tevens brachten zij waardering tot uitdrukking voor het loskoopoffer van Christus.

In 1478 werd de Spaanse Inquisitie door de Reyes Católicos van Spanje opgericht om de katholieke orthodoxie te handhaven tijdens hun heerschappij.

6 Oktober 1530

Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen. #6 Constantijn de Grote

Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen.

Constantijn de Grote .

In 325 G.T. riep de Romeinse keizer Flavius Valerius Aurelius Constantinus of  Constantijn de Grote (272/280-337)  in de stad Nicea in Klein-Azië een concilie van bisschoppen bijeen. Zijn opzet was, de voortdurende religieuze geschillen over de verhouding tussen de Zoon van God en de Almachtige God te beslechten.

Concilie van Nicea 325

De historicus Philip Schaff merkte op dat „het meest opvallende punt” in de periode vóór het concilie van Nicea in 325 G.T. „het geloof [was] in een aan de algemene opstanding en het algemene oordeel voorafgaande en door de verheerlijkte Christus op aarde uitgeoefende zichtbare regering die duizend jaar zou duren en waarin de opgestane heiligen zouden delen”. In A Dictionary of the Bible, onder redactie van James Hastings, staat: „Tertullianus, Irenaeus en Hippolytus zien nog steeds uit naar een ophanden zijnde Advent [van Jezus Christus]; maar met de Alexandrijnse Vaders komt er een verandering in het gedachtengoed. . . . Toen Augustinus het Millennium met de periode van de strijdende Kerk vereenzelvigde, werd de Tweede Advent naar een verre toekomst geschoven.”

In 314 G.T. trachtte het concilie van Arles (Frankrijk) de Romeinse regeling door te drukken en alle alternatieven af te schaffen. De overgebleven Quartodecimanen hielden stand. In 325 G.T. riep de heidense keizer Constantijn een oecumenische synode bijeen, het concilie van Nicea, om deze en andere kwesties waardoor de belijdende christenen in zijn rijk werden verdeeld, op te lossen. Het concilie vaardigde een decreet uit waarin allen in Klein-Azië werd opgedragen zich aan het Romeinse gebruik aan te passen.[1]
Constantijn I, de Grote, was beslist een man van zijn tijd en zwichtte voor de tijdgeest en achtte het noodzakelijk religie een belangrijke plaats toe te kennen binnen het raamwerk van zijn politieke plannen. Aan het begin van zijn loopbaan had hij enige „goddelijke” steun nodig, en die konden de kwijnende Romeinse goden niet bieden. Het rijk, met inbegrip van de godsdienst en andere instellingen, verkeerde in verval, en er was iets nieuws en bezielends nodig om het weer te consolideren. De encyclopedie Hidria zegt: „Constantijn was vooral in het christendom geïnteresseerd omdat het niet alleen zijn overwinning maar ook de reorganisatie van zijn rijk ondersteunde. De christelijke kerken, die overal bestonden, werden zijn politieke steun. . . . Hij omringde zich met de grote prelaten van die tijd, en hij verlangde dat zij hun eenheid intact hielden.”

Constantijn begreep dat de „christelijkereligie — al was ze inmiddels afvallig en door en door verdorven — doeltreffend kon worden gebruikt als een vernieuwende en verenigende kracht ter verwezenlijking van zijn grootse plan om een absoluut heerser te worden. Hij nam de grondslagen van het afvallige christendom over om steun te winnen ter bevordering van zijn eigen politieke doeleinden en besloot de mensen te verenigen onder één „katholieke” of universele religie. Heidense gewoonten en vieringen kregen een „christelijke” naam. En „christelijke” geestelijken ontvingen de status, het salaris en het invloedrijke gezag van heidense priesters.

Constantinus

Constantinus

Om politieke redenen naar religieuze harmonie zoekend, bracht Constantijn iedereen die een afwijkende mening had, snel tot zwijgen, niet op basis van leerstellige waarheid maar op grond van aanvaarding door de meerderheid. De diepgaande dogmatische geschillen binnen de uiterst verdeelde „christelijke” kerk boden hem de gelegenheid als een „door God gezonden” middelaar tussenbeide te komen. Uit zijn bemoeienissen met de donatisten in Noord-Afrika en de volgelingen van Arius in het oostelijk deel van het rijk begreep hij al gauw dat overredingskracht niet voldoende was om een sterke, verenigde religie te smeden. In een poging de Ariaanse controverse op te lossen, riep hij het eerste oecumenische concilie in de geschiedenis van de kerk bijeen.

De historicus Paul Johnson zegt over Constantijn: „Een van de voornaamste redenen waarom hij het christendom tolereerde, was wellicht dat het hemzelf en de Staat in de gelegenheid stelde zeggenschap uit te oefenen over het beleid van de Kerk inzake orthodoxie en de behandeling van ketterij.”

Als de heidense Pontifex Maximus — en bijgevolg het religieuze hoofd van het Romeinse Rijk — trachtte Constantijn de bisschoppen van de afvallige kerk voor zich te winnen. Hij bood hun posities van macht, aanzien en rijkdom aan als functionarissen van de Romeinse staatsreligie. De Catholic Encyclopedia geeft toe: „Sommige bisschoppen, verblind door de pracht en praal aan het hof, gingen zelfs zo ver dat zij de keizer als een engel van God, als een heilig wezen, loofden en profeteerden dat hij, net als de Zoon van God, in de hemel zou regeren.”

Concilie van Nicaea 325 Verbranding Ariaanse boeken

Naarmate het afvallige christendom bij het politieke bestuur in de gunst kwam, werd het meer en meer een deel van deze wereld, van dit seculiere samenstel, en dreef het af van de leringen van Jezus Christus (Johannes 15:19; 17:14, 16; Openbaring 17:1, 2). Als gevolg daarvan vond er een versmelting plaats van het „christendom” met valse leerstellingen en praktijken — de Drie-eenheid, de onsterfelijkheid van de ziel, het hellevuur, het vagevuur, gebeden voor de doden, het gebruik van rozenkransen, iconen, beelden en dergelijke. — Vergelijk 2 Korinthiërs 6:14-18.

Van Constantijn heeft de kerk ook de neiging tot eigenmachtig optreden geërfd. De bijbelgeleerden Henderson en Buck zeggen: „De eenvoud van het Evangelie werd verdorven, er werden pompeuze riten en ceremoniën ingevoerd, aan de leraren van het christendom werden wereldse eerbewijzen en salarissen geschonken en het Koninkrijk van Christus werd grotendeels in een koninkrijk van deze wereld veranderd.”

De Catholische Kerk werd als de Romeinse Kerk gepromoveerd tot de Koninkrijkskerk. In de Encyclopædia Britannica wordt uiteengezet dat, volgens de theologie van Aurelius Augustinus van Hippo (354–430 G.T.), „het Koninkrijk van God al in deze wereld begonnen is bij de oprichting van de kerk” en „reeds aanwezig [is] in de sacramenten van de kerk”.

De historische feiten onthullen de waarheid achter de „grootheid” van Constantijn. In plaats van gegrondvest te zijn door Jezus Christus, het Hoofd van de ware christelijke gemeente, is de christenheid voor een deel het resultaat van het politieke opportunisme en de slinkse manoeuvres van een heidense keizer. Heel passend vraagt de historicus Paul Johnson: „Is het rijk voor het christendom gezwicht, of heeft het christendom zich met het rijk geprostitueerd?”

Vanaf het concilie van Nicea in 325 G.T. fuseerde keizer Constantijn de heidense Romeinse staatscultus met het afvallige christendom en werd hij het hoofd van de nieuwe Katholieke Kerk. De Rooms-Katholieke Kerk kan haar bestaan derhalve terugvoeren tot de vierde eeuw van onze gewone tijdrekening.

Ondertussen bleven Christelijke broeders en zusters elkaar steunen en het geloof onderhouden, niettegenstaande verhoogde tegenstand.


[1]A Short History of Christian Doctrine; A History of Christianity; Istoria tou Ellinikou Ethnous (Geschiedenis van de Griekse natie); Encyclopedie Hidria; WT 1998; Catholic Encyclopedia

De tegenpaus Hippolytus van Rome ( omstreeks 170 – omstreeks 235) leerling van Irenaeus een van de belangrijkste kerkleraren van zijn tijd. Hij verzette zich openlijk tegen de pausen van zijn tijd die hadden geopteerd om over te gaan naar een Drie-eenheidsleer, opeenvolgend Zephyrinus, Calixtus I en Pontianus, met name wat betreft de heilige drie-eenheid. Hij beschuldigde Paus Zephyrinus van modalism, de ketterij die inhield dat de namen Vader en Zoon eenvoudig verschillende namen waren voor hetzelfde onderwerp zijn. Hippolytus verdedigde de Logo’s doctrine van de Griekse Apologeten, die de Vader van de Logo’s (“Woord”) onderscheidden.

zie ook: “Saint Hippolytus of Rome.” Encyclopædia Britannica. 2010. Encyclopædia Britannica Online. 15 Aug. 2010 > Saint Hippolytus of Rome + Saint Hippolytus of Rome

Constantijns hoofddoel was stabiliteit. De religieuze en theologische geschillenwaren voor hem een doorn in het oog en een gevaar ovor de stabiliteit in zijn rijk. Daarom leek het voor hem ook zeer belangrijk dat er in de uitvoering van het geloof ook een consensus kon gevonden worden en een vrede tussen de heidenen en navolgers van Jezus Christus kon verkregen worden. Voor hem moest de zonnegod  Sol Invictus het symbool zijn van de algemene goddelijkheid.  Het labarum dat als symbool werd aangebracht op de soldaten hun schildenen en het ermee geassocieerde motto in hoc signo vinces (in dit teken zal je overwinnen) zou volgens de overlevering aan Constantijn zijn verschenen in een visioen toen hij in Saxa Rubra was, tot welk Constantijn zijn overwinning toeschreef aan de god van de christenen.

De eenheid of katholiciteit der religies die Constantijn I op het oog had bracht mee dat die gemeenschap van gelovigen die zich profileerde als De Kerk sinds het Eerste Concilie van Nicea in 325 in haar officiële documenten de term ‘Katholieke Kerk’ staande voor Algemene Kerk of Universele Kerk, ook in de documenten van de twee laatste oecumenische concilies ging gebruiken.  Constantijn gaf de paus het Lateraanse paleis, dat jarenlang de pauselijke residentie zou zijn, naast de basiliek San Giovanni in Laterano. Dit paleis werd het bestuurscentrum van de Katholieke Kerk. Ook werd hier de synode van Lateranen gehouden, waar Caecilianus werd vrijgesproken van de aanklacht dat hij de onrechtmatige bisschop van Carthago was. Zijn tegenstander Donatus werd schuldig bevonden aan ketterij, evenals zijn aanhangers, de donatisten. Het begrip ‘rooms-katholiek’ dat wij ook meermaals gebruiken is ontstaan aan het begin van de 16e eeuw, ten tijde van de Reformatie, om onderscheid te maken tussen hen die de paus, of de bisschop van Rome, trouw bleven, alsook om te onderscheiden tussen de  Orthodox, Charismatische en andere Trinitarische Katholieken en de protestanten. Het woord rooms duidt op de stad Rome en verwijst naar de kleine stadstaat Vaticaan waar de pauselijke zetel is gevestigd. Met Rooms-katholieke Kerk wordt dus de organisatie aangeduid: de Katholieke Kerken die verenigd zijn rond de bisschop van Rome.

Ook al waren er sommige keizers die openlijk Ariaans gezind waren en zelfs soms actief het trinitarische christendom tegenwerkten kon de unitaristische gedachte het halen en werd het Trinitarisme de hoofdstroming in het Christendom.

Doordat een groot deel van het christendom zich met het rijk geprostitueerd heeft wordt die Catholische Kerk of Katholieke Kerk ook als de hoer Babylon gepersonifieerd.

Vindt ook achtergrondinformatie:
Apologetics – A theological science which has for its purpose the explanation and defence of the Christian religion

Constantinus (Constantijn) de Grote Augustus van het Westen (313 – 324); Augustus van het Romeinse Rijk (324-337)

Constantine the Great – Information on the Roman emperor
Constantine, Donation of – By this name is understood, since the end of the Middle Ages, a forged document of Emperor Constantine the Great, by which large privileges and rich possessions were conferred on the pope and the Roman Church
Constantinople – Capital, formerly of the Byzantine, now of the Ottoman, Empire (As of 1908, when the article was written.)
Constantinople, First Ecumenical Council of – Called in May, 381, by Emperor Theodosius, to provide for a Catholic succession in the patriarchal See of Constantinople, to confirm the Nicene Faith, to reconcile the semi-Arians with the Church, and to put an end to the Macedonian heresy

Nicaea, First Council of – First ecumenical council, held in 325 to combat Arianism

Nicene Creed – The profession of the Christian Faith common to the Catholic Church, to all the Eastern Churches separated from Rome, and to most of the Protestant denominations.

Aurelius Augustinus (354-430)

Augustine of Hippo, Saint – Biography, with extensive hyperlinks to related articles
Augustine of Hippo, Teaching of Saint – Article on Augustine as a Doctor of the Church, and his influence in the history of philosophy and theology. Particular interest in his teaching on grace
Augustine of Hippo, Works of Saint – Annotated bibliography of Augustine’s principal writings
Augustinian Canons – According to St. Thomas Aquinas, a canon regular is essentially a religious cleric

Tatianus een 2° eeuwse apologist

Athanasian Creed, The – One of the symbols of the Faith approved by the Church and given a place in her liturgy

Tag Cloud

Zsion, Zion and Sion Mom Signal for the Peoples!

Thy Empire and Kingdom Zsion Come as In Heavens So on Earth. Diatheke. Matthew.6.10 ~ <<All Lives, Remainder Loves, Faiths and Hopes matter!>>

johnsweatjrblog

Doxology rooted in Theology: Nothing more, Nothing less

jamesgray2

A discussion of interesting books from my current stock A WordPress.com site

Unmasking anti Jehovah sites and people

Showing the only One True God and the Way to That God

The Eccentric Fundamentalist

Musings on theology, apologetics, practical Christianity and God's grace in salvation through Jesus Christ

John 20:21

"As the Father has sent me, so I am sending you."

The Biblical Review

Reviewing Publications, History, and Biblical Literature

Words on the Word

Blog by Abram K-J

Bybelverskille

Hier bestudeer ons die redes vir die verskille in Bybelvertalings.

Michael Bradley - Time Traveler

The official website of Michael Bradley - Author of novels, short stories and poetry involving the past, future, and what may have been.

BIBLE Students DAILY

"Be faithful unto death, and I will give you the crown of life." Revelation 2:10

God's Simple Kindness

God's Word Made Simple

takeaminutedotnet

All the Glory to God

Groen is Gezond

van zaadjes in volle grond tot iets lekkers op het bord

Jesse A. Kelley

A topnotch WordPress.com site

JWUpdate

JW Current Apostate Status and Final Temple Judgment - Web Witnessing Record; The Bethel Apostasy is Prophecy

Sophia's Pockets

Wisdom Withouth Walls

ConquerorShots

Spiritual Shots to Fuel the Conqueror Lifestyle

Examining Watchtower Doctrine

Truth Behind the "Truth"

Theological NoteBook

Dabbling into Theology

%d bloggers like this: