An other Christian WordPress.com site – Een andere Christelijke WordPress.com site

Posts tagged ‘God de zoon’

Valse profeten en leraren als roofzuchtige wolven in schaapskleren #6 Valse leraren en geestelijke hoererij

Erg genoeg en spijtig genoeg moeten wij vast stellen dat de grote meerderheid van christenen ver afgeweken zijn van het Ware Geloof.

Als men weet dat Dé Allerhoogste Goddelijke Schepper zich aan de mens openbaar heeft gemaakt, zich zelf een volk heeft gekozen en hen duidelijk heeft gemaakt dat Hij hun Enige God hoort te zijn, waar geen afbeeldingen van mogen gemaakt worden en die niet duld dat andere godheden aanbeden worden of zaken worden afgesmeekt, dan zien wij bepaalde kerken waar men wél beelden van hun god aan de muur heeft hangen en waar ook beelden van mensen hangen, die ze heiligen noemen en waar zij wél dingen van afsmeken of hopen dat zij bepaalde dingen voor hen kunnen verwezenlijken, ook al zijn ze al lang geleden gestorven. Aan die kerkgemeenschappen kunnen wij zien dat zij afgeweken zijn van de teksten die zijn overgeleverd door de mannen van God, de profeten en Bijbelschrijvers of Schriftstellers.

Opmerkelijk is ook dat wij vele kerkgemeenschappen zien waar men eerder de woorden van de schrift heeft aangepast aan hun leven en hun tijd in plats van zich aan te passen aan de woorden van de Bijbel en hun leven op te bouwen zoals de eerste christenen probeerden naar Jezus leerstellingen te leven en God te dienen op de wijze dat God verlangt.

Uit de Schrift komen wij te weten dat er een tijd zal komen waar het kaf en het koren duidelijk zichtbaar zullen worden en van elkaar gescheiden zullen worden. Valse leraren zullen ontmaskerd worden. Het onderscheid tussen de groepen zal steeds duidelijker worden (Openb. 18:1, 4) De Universele Kerk zal meer en meer haar ware gezicht gaan laten zien. De Bijbel spreekt van Babylon de hoer en van de duivel die meer en meer heviger te keer zal gaan. De satans of tegenstrevers van God zullen meer en meer gepikeerd geraken dat er meer verkondigers opduiken die Gods Waarheid verkondigen. De Schrift vertelt ons namelijk dat het één van de tekenen der eindtijd zal zijn dat er meer verkondigers het Goede Nieuws zullen komen te verkondigen en alle moeite zullen doen om anderen ook heet licht der waarheid te laten zien.

Die instelling die zogezegd de ware kerk moest zijn zal ontmantelt worden door vele schandalen, waarbij het letterlijk hoereren ook blootgelegd zal worden. De laatste jaren doken er dan ook meer en meer schandalen in de Rooms Katholieke Kerk op.

Sinds de 19de eeuw gingen veel meer gewone mensen bewust de bijbel onderzoeken en zich aan te sluiten bij andere Bijbelonderzoekers. Deze Studenten van de bijbel vormden geloofsgemeenschappen met namen als Bijbelstudenten of Bible Students of wensten te verwijzen naar hun broederschap met Christus of aan te tonen dat zij onderdeel maakten van de Stad van Jezus Christus, Christadelphia of van een broederschap als Filadelphia of Christadelphians of Broeders in Christus.

Onder de Bijbelonderzoekers waren er die de leiding namen om te sturen en ondersteuning te geven aan diegenen die er bewust van waren van de noodzaak en belangrijkheid van het predikingswerk. Zij gingen de nadruk leggen op een persoonlijk aandeel aan de prediking van het Koninkrijk. Getrouwe christenen vonden het belangrijk om van deur tot deur te gaan om de Waarheid te verkondigen.

Naar de jaren zestig toe van de vorige eeuw werden vele christelijke leiders zo bang voor de naam van God dat zij er zelfs op stonden om die Heilige naam beter weg te laten. Zij die van God hielden en beseften hoe belangrijk die Naam wel is gingen verder om die Naam te verkondigen. Meerdere groepen zetten zich in om Gods Naam uit te dragen. Zo zijn de Getuigen van Jehovah wel de meest gekende groep van Bijbelonderzoekers. Die uitdragers van de Naam van God werden als om meer geschoffeerd. Op allerhande manieren wenst men ze nog steeds zwart te maken. Hiertoe worden vele leugens uit de kast gehaald om hen zwart te maken en om met hen te spotten. Andere niet-trinitarische bewegingen worden te samen met hen op dezelfde lijst van ongewenste ‘sekten’ geplaatst.

In het Christendom zitten de Universele Kerken, van het katholicisme en Protestantisme, nog lekker hoog op hun troon. Zo hoog gezeten en aanzien als de Grote Kerk en als Rijke Kerk en Politiek sterke kerk, zien zij zich nog onaantastbaar. Als koningen en koninginnen kunnen hun leiders nu nog zetelen, zoals in de Schrift vermeld.

„Ik zit als koningin, en ik ben geen weduwe, en ik zal nooit rouw zien” (Openb. 18:7).

Die grote instellingen in het christendom voelen zich inderdaad nog erg zeker. Zij zijn zelfs in de veronderstelling dat ze ’als een koningin zitten’ op de klasse van politieke leiders. Op dit moment zijn degenen die door het onkruid worden afgebeeld in Jezus parabels niet bepaald aan het wenen. Maar daar komt binnenkort verandering in.

Aan de hechte samenwerking tussen diegenen die leiding hebben in het christendom en de politieke leiders komt binnenkort een eind

Eeuwenlang hadden protestantse denominaties verwezen naar het Babylon uit Bijbelse profetieën, met de vinger wijzend naar de Rooms Katholieke Kerk. De vele Bijbelonderzoekers kunnen ook als een strekking in het protestantisme aanschouwd worden, maar in tegenstelling tot vele protestanten houden zij niet aan een drievoudige godheid maar aanbidden zij slechts één Ware God, de God van Israël. Met de jaren gingen meer Bijbelonderzoekers geleidelijk beseffen dat vele kerken van het christendom bij het hedendaagse Babylon horen. Dit omdat ze allemaal leugens onderwijzen zoals o.a. de leer van de Drie-eenheid.

Al in 1891 werd bijvoorbeeld in het derde deel van Millennial Dawn over Gods verwerping van het hedendaagse Babylon gezegd:

„Het hele systeem — een systeem van systemen — is verworpen.”

Er werd aan toegevoegd dat iedereen

„die het niet eens is met haar valse leerstellingen en gebruiken nu opgeroepen wordt om zich van haar af te scheiden”.

Die afscheiding is ook waar Jezus en zijn apostelen naar wezen … het niet van de wereld zijn … het durven afstand nemen van populaire maar valse leerstellingen. Dat afstand nemen van die kerken waar niet kosher wordt geleefd is voor zeer veel mensen zeer moeilijk. Het grotendeel van de mensen wil ook vasthouden aan de gangbare tradities en is ook bang om anderen te laten merken dat zij zich hebben aangesloten bij een kleine kerkgemeenschap die er de voorkeur aan geven om constant met dat Woord van God bezig te zijn.

De Bijbelonderzoekers leerden en leren nog steeds, dat geloofsgenoten waar mogelijk voor aanbidding bij elkaar moeten komen. Voor ware christenen is het niet genoeg om valse religie te verlaten zij moeten zich ook gaan verenigen met anderen die het Ware Geloof willen aanhouden. Zij moeten beseffen dat men niet op zichzelf moet blijven en in zijn eentje moet zitten de Bijbel te lezen of te studeren. Men moet beseffen dat het belangrijk is om ook samen te komen om deel te nemen aan ware aanbidding.

In de Nieuwe Wereld beseften vele uitwijkelingen van Europa hoe kerken hen misleid hadden en hoe zij meerdere dingen hadden moeten aan nemen omdat het zogezegd onbegrijpbaar was voor een mens en omdat het een dogma was. De in de 19de eeuw rondtrekkende bijbelonderzoekers voelden aan hoe opbouwend hun bijeenkomsten waren die zij in de verschillende nederzettingen konden bijwonen.

In juli 1880 bracht broeder Russell bijvoorbeeld verslag uit van een rondreis die hij had gemaakt om lezingen te houden. Hij vertelde hoe opbouwend alle bijeenkomsten waren geweest. Vervolgens spoorde hij de lezers aan om briefkaarten op te sturen over hun vooruitgang. Sommige daarvan zouden in het tijdschrift gepubliceerd worden. Het doel?

„Laat ons allemaal weten (…) hoe de Heer jullie voorspoed geeft, en of jullie geregeld samenkomen met hen die hetzelfde kostbare geloof hebben.”

Een groep Bijbelonderzoekers in Kopenhagen in 1909

Russell met een groep Bijbelonderzoekers in Kopenhagen (1909)

De Bijbel bestuderend kwamen meerdere mensen tot meer inzicht dat de beschrijving die de bijbel van Babylon de Grote geeft, past bij de valse religie als geheel, als een collectief lichaam. Hoewel de duizenden godsdiensten die de wereld telt niet officieel één wereldorganisatie vormen, zijn ze wat hun doel en daden betreft onafscheidelijk verbonden. Zoals door de immorele vrouw in Openbaring wordt afgebeeld, heeft de valse religie een reusachtige invloed op regeringen. Net als een vrouw die zich niet aan haar huwelijksgeloften houdt, heeft de valse religie zich geprostitueerd door verbintenissen aan te gaan met de ene politieke macht na de andere.

„Overspeelsters, weet gij niet dat de vriendschap met de wereld vijandschap met God is?”,

schreef de discipel Jakobus.

„Al wie daarom een vriend van de wereld wil zijn, maakt zich tot een vijand van God.” — Jakobus 4:4.

Op vele plaatsen waar Bijbelonderzoekers kwamen verkregen zij weerstand en werden zij regelmatig beschimpt. Vandaag zijn zij nog steeds een bespotte groep, waarvoor velen graag een ommetje maken of de deuren niet openen, om niet te moeten spreken met zulk iemand.

Johannes 15:19: 19 Als jullie een deel van de wereld zouden zijn, zou de wereld aan jullie gehecht zijn als iets van haarzelf. Omdat jullie geen deel van de wereld zijn+ maar ik jullie uit de wereld heb uitgekozen, daarom haat de wereld jullie.+

Geen deel uit makend van de wereld is voor de Bijbelonderzoekers of Bijbelstudenten belangrijker dan ongehoorzaamheid aan God Zijn Woord. Voor ons is de liefde voor God het voor op liggende.

1 Johannes 2:15: 15 Heb de wereld niet lief en ook de dingen in de wereld niet.+ Als iemand de wereld liefheeft, is de liefde voor de Vader niet in hem.+

Wij beseffen dat onze weg niet altijd makkelijk zal zijn doordat onze voorkeur voor de vriendschap met God niet zo veel vrienden van deze wereld zal opleveren. Wij beseffen dat wij om vrienden van God te zijn, ons moeten losmaken van elke emotionele gehechtheid aan de huidige goddeloze wereld, en dat wij ons moeten ontdoen van al de valse leerstellingen.

God houd niet van valse aanbidding en zij die van God houden willen God niet tegen de borst stoten. Naleven van God Zijn geboden is veel belangrijker dan het na leven van mensen hun leringen en regels.

De diverse „christelijke” en heidense sekten die deze wereld rijk is maken er aanspraak op organisaties te zijn die de ware aanbidding beoefenen. Maar in haar zucht naar macht en materieel gewin heeft ze vriendschappelijke betrekkingen aangeknoopt met de heersers van deze wereld, en „de koningen der aarde hebben hoererij met haar bedreven”. Haar onreine, smerige handelwijze in verband met haar hoererij is in Gods ogen verfoeilijk en heeft tot veel bloedvergieten en grote benauwdheid op aarde geleid (Opb 17:1-6; 18:3). Derhalve zal God het voor hoereerders bestemde oordeel aan haar voltrekken: vernietiging. (Opb 17:16; 18:8, 9).

Laat iedereen beseffen dat wij best de valse leraren links laten liggen en dat wij de woorden in de Bijbel nemen zoals zij er staan. Als er dus “zoon van God” staat, laat ons dan ook lezen en denken “zoon van God” en niet zoals velen u proberen diets te maken dat u (zou) moeten geloven dat het om een “god de zoon” gaat. Als u volgeling van Christus wil zijn, dus een christen zijn, moet u de zelfde God aanbidden als Jezus en moet u zijn leerstellingen volgen en niet deze van die zo vele mensen die als zogenaamde theoloog de bijbel duidelijker zouden kunnen maken dan God Zijn woord zelf.

Besef ook dat als u zich laat dopen en opgenomen wordt in het Lichaam van Christus, dat dit inhoud dat u zich bereid voelt om onder Christus Jezus te staan. Bij zulk een overgave in een doop hebt u dan ook als christen aan Jehovah opgedragen om zodoende onder de Gave van Genade in het nieuwe verbond te zijn opgenomen. Zij die zich als christen uit geven en valse leerstellingen aanhouden en zich met het huidige samenstel van dingen verontreinigen, plegen geestelijk overspel.  (Jakobus 4:4.)

+

Voorgaande

Valse profeten en leraren als roofzuchtige wolven in schaapskleren #1 Stromen van gelovigen

Valse profeten en leraren als roofzuchtige wolven in schaapskleren #2 Een Zoon als gids en Geschriften als leidraad

Valse profeten en leraren als roofzuchtige wolven in schaapskleren #3 Van een bepaalde wereld zijnde

Valse profeten en leraren als roofzuchtige wolven in schaapskleren #4 Ambitieuze mannen, verdraaide woorden en akkoorden met wereldleiders

Valse profeten en leraren als roofzuchtige wolven in schaapskleren #5 Valse leraren en afvalligen

Andere aanpak in de organisatie van de diensten # 3

++

Aanverwante lectuur

  1. Wetenschappers, filosofen hun zeggen, geloven en waarheden
  2. Filosofen, theologen en ogen naar de ware kennisgever van bestaan van God
  3. Bedenkingen: Gods eigen Volk
  4. Joodse Wetten en Wetten voor Christenen
  5. Kerkshoppen: “Arrogant tegenover kerklidmaatschap”
  6. Benedictus XVI treedt af
  7. Christelijke, geestelijke zaken kunnen leiden tot hoogmoed
  8. Kerkzijn in een ik-gerichte tijd
  9. Jongmense wil nie meer sit en luister nie
  10. De Ware Kerk
  11. Kleine gemeenschap in ongeïnteresseerde wereld
  12. Intenties van de ecclesia
  13. Stichter van een beweging
  14. Wie kan zich beroepen op C.T. Russell
  15. Biblestudents & T.C.Russell
  16. Bijbelonderzoekers en Russelism
  17. Bijbelonderzoekers, Bijbelstudents, Jehovah Getuigen, Russell en denominaties
  18. Bijbelonderzoekers niet steeds Getuigen van Jehovah
  19. Volharding en Bijbelstudenten
  20. Christadelphia
  21. Is uitleg over christadelphians op Katholieke website correct
  22. Goed Nieuws brengen met en door voorbeeld
  23. Is de Beleidvolle Slaaf van de Getuigen van Jehovah Gods enige instrument
  24. Niet alle Getuigen behorend tot Getuige van Jehovah
  25. De naam van Jehovah gebruikend maar geen getuigen met die naam
  26. Bijbelvorsers uitkijkend om meerdere lezers te bereiken
  27. Eenheid van spreken onder de loep genomen
  28. Een terugblik op Christadelphianisme en de Broeders in Christus in België
  29. Gebed ter bescherming en versterking van de verkondigers van het Goede Nieuws
  30. Belangrijkheid van Gods Naam
  31. Gods volk onderweg – Het leven in de gemeente
  32. Redding, vertrouwen en actie in Jezus #9 Omgang met anderen
  33. Verzoening en Broederschap 3 Verenigen onder de Hoeksteen
  34. Verzoening en Broederschap 4 Deelgenoten in Christus
  35. De Ekklesia #10 Addendum 1: een moderne theocratie?
  36. Is God een Drie-eenheid
  37. Heilige-drievuldigheid of drie-eenheid

+++

Politiek en macht eerste prioriteit # 3 Verhoging van Maria en de Heilige Geest

In de vorige artikelen hebben we gezien dat geestelijken van de late derde en vroege vierde eeuw, zoals Athanasius, hun politieke invloed gebruikten om hun geformuleerde ideeën over de Drie-eenheid door te drukken zodat  op het Concilie van Nicea (325) werd besloten dat de Vader en de Zoon “van dezelfde substantie” moesten zijn. 
In het Westen had men Hilarius van Poitiers ( ca. 315367), en in het Oosten Basilius van Caesarea, ook Basilius de Grote[1] (c.330-379), Griekse prelaat, bischop van Caesarea in Cappadocia, en één van de Vier Vaders van de Griekse Kerk met zijn broer Gregorius van Nyssa en zijn beste vriend Gregorius van Nazianze (c.330-390) die de Nicene formule van de orthodoxe leer van de Drievuldigheid (Drie-eenheid) bleven verdedigen en de Niceense geloofsbeleidenis interpreteerden met God als één wezen in drie hypostasen als een te nemen voorwaarde om christen te zijn. Het niet-christelijk idealisme met zijn hoge morele en esthetische niveau boeide hen en men kan zich indenken dat de beleving van de heidenen door hun verering van meerdere goden een grotere devotie bleek te verwezenlijken. De kerkvaders van die tijd waren er van overtuigd dat de toelegging voor een verering van meerdere goden de kerk tengoede zou komen en daarom opteerden zij voor de gratie van de machtshebbers met instemming voor hun godendom te transplanteren naar hun christelijke figuren, zodat de Maagd Maria en andere heiligen ook vereerd konden worden.

De wijding van Hilarius van Poitiers ook gekend als de ‘Athanasius van het Westen’ – Prent uit een 14e eeuws manuscript.

Het arianisme was een belangrijke levensbeschouwelijke stroming. Ook de keizer van het West-Romeinse Rijk, Constantius II, was het arianisme vriendelijk gezind. Hilarius verzette zich tegen de door de keizer geëiste veroordeling van kerkvader Athanasius en daarmee van de geloofsbelijdenis van Nicea, waaraan andere Gallische bisschoppen meededen, en werd daarom naar Klein-Azië verbannen (356359). In deze periode schreef hij zijn hoofdwerk, De Trinitate (‘Over de Drievuldigheid‘). In zijn De synodis seu de fide orientalium (‘Over de synoden of de geloofstrouw van de Oosterse bisschoppen’) gaf hij daar een historische toelichting bij.
In het Griekse Oosten geraakte hij nog veel beter thuis in de christologische strijd en deze zette hij, in 360 teruggekeerd, in Gallië voort, in de eerste plaats tegen Saturninus van Arles op een synode te Parijs (361) en enige jaren later – met weinig onmiddellijk succes – tegen Auxentius van Milaan.

Voorafgaand: Politiek en macht eerste prioriteit #2 Arianisme, Nestorianisme en Monofysitisme

De vroege dagen van het Christendom

2.2.3 Politiek en macht de eerste prioriteit: Verhoging van Maria en de Heilige Geest

De keizer Constantinus voltooide wat Paulus was begonnen –  een wereld vijandig aan het geloof  waarin Jezus had geleefd en wasgestorven. De Raad van Nicea of Oecumenische Concilie in Nicea in 325 bepaalde dat de Kerk en de Synagoge niets gemeenschappelijk zouden moeten hebben, en dat wat er ook van de eenheid van God en van de vrijheid van de mens sloeg of een Joods aspect van verering aanbood, van het Katholiek Christendom moest worden geëlimineerd. Alles wat er maar op zou kunnen wijzen dat Jezus zijn leer op de Joodse leer  zou geschoeid zijn wenste men te verwijderen. Mits vele Joden de volgers van Jezus toch als een Joodse sekte beschouwden, zou het niet moeilijk zijn om  door zich te ontdoen van de Joodse verbondenheid zich als een nieuwe godsdienst te laten opmerken.

De overdracht van de zetel van macht van Rome tot Constantinopel, en het oprichten van het Oost Romeinse Rijk onder Constantinus I gaf aan Klein-Azië, en vooral aan Constantinopel, een belangrijk belang in de geschiedenis van de Kerk voor verscheidene eeuwen. De zeven oecumenische Raden van 325 tot 787 waren allen gehouden in die stad of in haar buurt, en de doctrinaire controversen op de Drievuldigheid en de persoon van Christus werden voornamelijk gedragen in Klein-Azië, Syrië, en Egypte.

Het geërodeerde rots-standbeeld van de godin Cybele op de berg Sipylus, op een vroeg 20ste-eeuwse Franse postkaart

Niet ver van Frygië (ook vaak als Phrygië gespeld) in het midwesten van de Anatolische hoogvlakte in Klein-Azië werd Montan of Montanus geboren in Ardaban (Misië) (?- 195), die zich ontdeed van zijn priesterschap van de godin Cybele en zich geroepen vond om als de profeet uit te geven als de trooster, de Parakleet, van wie Jezus beloofd had dat hij hem in de laatste dagen zou sturen.

De Romeinse Staat keurde en ontwikkelde een bepaalde vorm de cultus van de goddelijkheid van de Staat van Frygië goed. Alsook werd deze door Griekse kolonisten van Klein-Azië aangepast, en werd ze verder verspreid van daar naar het  vasteland Griekenland en zijn verdere westelijke kolonies rond de 6de eeuw vGT. In Rome, werd Cybele Magna Mater („Grote Moeder“) genoemd.  Om priester of priesteres te zijn moest men zich castreren en werden Gallos of Galli genoemd. Deze barbaarse verminking werd gerechtvaardigd door de mythe over Attis, de god van de vruchtbaarheid en minnaar van de Grote Moeder, die zichzelf ontmande onder een dennenboom. Cybeles ‘priesteressen’ gingen de uitgelaten festiviteiten voor in ceremonies met veel drank en wilde muziek, waarbij zij, en veel van haar fanatieke volgelingen, zichzelf met messen sneden. De feesten werden in grote processies gevierd nog tot 268 n.Chr. Ook de Nijldelta godin Isis (Grieks) of Aset (Egyptisch Au Set), dochter van Geb en Nut, de god van de aarde en de godin van de hemel geraakten meer verweven met de christelijke gedachten. De Egyptische Moedergodin Isis stond bekend als vruchtbaarheidsgodin zoals Cybele die in de verering werd opgenomen als evenbeeld van Maria, de moeder van Jezus, zodat deze als de ‘moeder van God’  in de cultus kon worden vereerd.[1]

De Romeinen schreven hun succes tegen Carthago tijdens de Punische Oorlogen toe aan de verheerlijking van Cybele en meerdere volgelingen en gelovigen na Montanus dachten dat hun verzoeken aan de Magna Mater of ‘Moeder Gods’ in vervulling gingen door hun toewijding aan haar.

Toen Montanus zich had bekeerd tot het Christendom nam hij de cultus van zijn godin mee over en nadat hij in een trance was gevallen begon hij aan „het profeteren onder de invloed van de Geest.“ Hij werd spoedig vergezeld door twee jonge vrouwen, Prisca, of Priscilla, en Maxirnilla, die ook aan voorspellingen begonnen. Hij kreeg het bericht dat Christus spoedig zou terugkeren en dat de Heilige Geest nu zou regeren.

Als profeet van God, overtuigd dat de Parakleet door hem sprak, kondigde Montanus de steden van Pepuza en Tymion in west-centraal Frygië aan als plaats van het Nieuw Jeruzalem. Hiervoor maakte hij het grotere Pepuza tot zijn hoofdkwartier. Zijn aanhangers, de Montanisten wachtten op de komst van de Heilige Geest om de plaats van de zoon in te nemen en een meer perfect Evangelie aan te kondigen. De Heilige Geest werd gemaakt tot het voorwerp van een exclusieve verering.

De Kerk moest die verering onderdrukken, maar zowel deze verering van de Heilige Geest als van Maria paste netjes in het raamwerk om de Heilige Drievuldigheid aanvaardbaar te maken. Door  de Anatoolse godin naar Maria te transponeren kon de moeder van Jeshua (Jezus) als de Magna Mater, de Grote Moeder, genomen worden en moest zij wel de moeder van God zijn en haar zoon Jeshua (Jezus) kon dan niet anders dan de reïncarnatie van God zijn. Nu kon zij ook tot de andere figuren  behoren als  „heilig“ of ‘apart geplaatste’ .[2]

Deze Maria verering en het maken van de Heilige Geest tot een godheid,  kwam de machthebbers ten goede en stimuleerde de handel van nog meer beeldjes en gekapte stenen.

Meer en meer werden allerlei figuren uit de heidense traditie overgenomen om als beeltenis plaats te nemen voor ‘heiligen’ uit de stroming van Jezus volgers. De anathema’s of artefacten dat in de oudheid door een bezoeker van een heiligdom aan een godheid werden geschonken geraakten alsmaar meer ingeburgerd in het christelijk geloof. Nu kon de Heilige Geest ook voorgesteld worden en kreeg deze ook een plaats op de offeraltaren en in gebedshuizen naast de vele andere artefacten die hun weg vonden in de gebedshuizen.

De Allerhoogste God, Elohim Jehovah, verafschuwt standbeelden of artefacten die vorm wordt gegeven door de mens voor verering. In het Oude Testament, werd reeds vermeld dat geen beeltenis van God hoorde gemaakt te worden. Voorwerpen die werden gebruikt voor votieve dienstenaanbod, mochten niet hergebruikt worden voor een profaan gebruik . Dergelijke voorwerpen moesten vernietigd worden. Deze voor vernietiging bestemde voorwerpen werden „vervloekt“ evenals gewijd of geconsacreerd. De gewijde beelden of anathema werden populair maar de  Apostel Paulus beschouwde ze ook als verwerpelijke standbeelden of steengravures die zouden moeten worden uitgesloten. Hij sprak over het aan de kaak stellen“ [anathema] of vervloeken „maar ook over het  „ aanbieden aan God“.Voor de eerste Christenen gold het bidden tot standbeelden als een misdaad.

De Apostel Paulus gebruikt de naam van die beeltenissen ook als de verwijzing van wat christenen zich niet mogen welgevallen. Aanbidding van beeltenissen is namelijk iets verwerpelijk voor God. Voor de Allerhoogste is het een vervloeking om met een menselijk ontwerp te worden vergeleken of uitgebeeld. Daarom gebruikt Paulus ‘anathema sit’ om uit te drukken dat “hij zij vervloekt” worde. Afbeeldaanbidders hoorden niet thuis bij de eerste christenen en werden ‘vervloekt’ of uit gesloten.  Eigenlijk zijn het afgodenaanbidders. In de betekenis van uitsluiting (excommunicatie, kerkelijke ban) is de formulering sinds de 4e eeuw tegen verschillende ketterijen gebruikt op particuliere en oecumenische concilies in de geijkte vorm “indien iemand dit of dat zegt (dat in strijd is met de besluiten van het concilie), hij zij in de ban is (anathema sit)”.[3]

Zij die hun liefde aan beelden of standbeelden toonden deden iets tegen de bevelen van God en toonden aan dat zij niet zo zeer hielden van Elohim de Hoogste God maar voorwerpen waren van afschuw en execratie aan alle heilige wezens. Voor de eerste Christenen waren zij zonder schuldgevoelens voor een misdaad die de strengste veroordeling verdient en konden zij als dusdanig niet meer deel uitmaken van de ecclesia. Bij zulke ‘verschrikkelijke daden’ moest overwogen worden hen uit de gemeenschap te verwijderen. Zij werden blootgesteld aan de zin van „eeuwige vernietiging van de aanwezigheid van de Heer“ want zij omhelsden geen blijvend geloof, zoals de zin was van geheel de mensheid vóór het zoenoffer, de rechtvaardiging en heiliging van het bloed van Christus dat de afkoop van zonden toestond.[4]

{{{název}}}

Cyrillus I van Alexandrië (Grieks: Κύριλλος Α΄ Αλεξανδρείας) (Alexandrië, 375-380 – Alexandrië, 27 juni 444) monnik en patriarch van Alexandrië van 412 tot 444. Fel bestrijder van het arianisme.

Het gebruik van het woord „anathema“werd verder gebruikt om een vloek en een gedwongen uitwijzing van de gemeenschap van Christenen te betekenen. Het werd overgenomen en werd de standaardtermijn in de kerk na de heilige Cyrillus van Alexandrië, die zijn 12 anathema’s tegen de afvallige Nestorius (in 413 GT) uitsprak. In de 6de eeuw, kwam het anathema als de strengste vorm van excommunicatie te betekenen dat een afvallige van de Christelijke Kerk formeel gescheiden werd en zijn doctrines veroordeeld; maar ook werd het gebruikt voor minder belangrijke excommunicaties, terwijl het vrije ontvangst van de sacramenten belemmerde, de zondaar verplichtend om zijn zondige staat door het sacrament van vergiffenis (Sacrament van verzoening) te rectificeren.

In de eeuw 4° hield men van de idee van de bewondering van de Heilige Geest en Magna Mater of Theotokos, de Griekse titel van Maria, de moeder van Jezus, vooral gebruikt in de Oostelijke Orthodoxe, Oosterse Orthodoxe, en Oostelijke Katholieke Kerken (het Oosters christendom). Haar letterlijke Nederlandse vertalingen omvatten `god-Drager ` ‘God baarster’ en `wie geboorte aan God’ geeft. De Raad van Ephesus die, in oppositie tegen hen werd verordend ontzegden Maria die de titel Theotokos („wie geboorte aan God“geeft) maar noemden haar Christotokos („wie geboorte aan Christus“ geeft).
In de theologische discussie over de natuur van Christus kwam het tot verschillend woordgebruik, dat voor verwarring zorgde. De mens Jezus maakte van Maria een antropotokos (Moeder van de mens Jezus), maar ook een theotokos (moeder van God). Volgens Nestorius (Nestorius van Constantinopel) kon het “eeuwig voortkomen van de Zoon uit de Vader” niet eeuwig via Maria voltrokken worden, en hij koos daarom voor de alternatieve term “christotokos” (moeder van Christus). Het leverde Nestorius een aanval van Cyrillus van Alexandrië op, die in de nestoriaanse Jezus een eenheid, die pas door de ontmoeting tussen de eeuwige Logos en de tijdelijke mens op grond van genade (van God) en vrije wil (van de mens Jezus) tot stand kwam. Hierin zou Jezus Christus niet pre-existent zijn en bovendien meenden sommigen (m.n. Dioscurus, opvolger van Cyrillus) dat de benadrukte twee naturen in een persoon zou kunnen worden geïnterpreteerd als twee personen (Jezus en Christus) in een verschijning.
Athanasius van Alexandrië in 330, Gregorius de Theoloog in 370, Johannes Chrysostomos in 400, en Augustinus gebruikte allen theotokos.[5] (De formulering Theotokos werd op het anti-nestoriaanse Concilie van Efeze in 431 bevestigd.)

Een 18e-eeuwse Russische pictogram dat verschillende soorten van de Theotokos iconen voorstelt

Naast de incarnatie van God kon nu ook de Geest op de aarde komen en kon hij bemind of aanbeden worden. In 380 zouden anathema’s die door de overspelige Paus Damasus uitgesproken werden, in de Vierde Raad van Rome, de veroordeling uitspreken over hen die zouden ontkennen dat de Heilige Geest moest bemind worden  als de Vader en de Zoon door elk schepsel [6]. Deze anathema’s werden vernieuwd door Celestinus I en Virgilius, en de oecumenische raad van 381 in zijn symbool, dat zijn plaats in de liturgie nam, formuleerde haar geloof in de Heilige Geest, „Wie te samen met de Vader en de Zoon is bemind  en verheerlijkt.“ Deze uitdrukkingen wijzen op de eenheid van de bewondering van de Vader, de Zoon, en de Heilige Geest; namelijk dat de één of andere Persoon van de Drievuldigheid kan bemind worden afzonderlijk maar niet met de uitsluiting van de andere twee.

De idee van een Drievuldigheid, die, aangezien de Raad van Nicea in370, en vooral door Basilicum de Grote of Basilius van Caesarea, ook Basilius de Grote en Vader van het Oosterse Monastieke Leven genoemd, (ca. 330 – 379) , het Katholieke dogma was geworden, werd natuurlijk niet alleen door Joden tegenstrijdig aan hun monotheïstisch geloof beschouwd. De echte studenten van de Bijbel vonden geen reden om in zulk een onderwijs te gaan. Voor hen was de Bijbel duidelijk met woorden zoals “de zoon van God”. Het werd nog slechter wanneer bepaalde Christenen ook deze drie-Ene God, `God de zoon‘ `God de Vader‘ samen met de God „de Heilige Geest [“ Ruaḥ Ha-Ḳodesh“]opvatten als een vrouwelijk wezen dat, haar parallellen had in al de heidense mythologieën.[7]

De respons op de Nieuwe Profetie bracht nog een splitsing onder de christelijke gemeenschappen, en vooral de meer orthodoxe geestelijkheid vocht hard om deze stroming te onderdrukken. Men geloofde dat de Frygische profeten werden bezeten door boze geesten, en dat zijn twee profetessen Maximilla en Priscilla, vrouwelijke presbyters, voorbeelden waren van mislukt exorcisme.

Montanisten, die in de tweede eeuw predikten, en uitkeken naar de komst van de Heilige Geest om  de plaats van de Zoon in te nemen en een meer perfect Evangelie aan te kondigen, gaven zeer veel aandacht aan droomduidingen en extase-ervaringen. Bij hen valt het eindtijd denken vooral op. Hun eindtijdverwachting legde hen een sobere levensstijl op met een strikte publieke en individuele moraal , vol vasten, seksuele onthouding, boetedoening, loslaten van het huwelijk en bereidheid tot het martelaarschap.

Montanus zag zich als de laatste definitieve openbaring en Priscilla bezag zichzelf als allerlaatste  profetes waarna  slechts het einde zou komen.

Hun exclusieve verering van de Heilige Geest werd wel hoog geschat en als een aan te nemen element in de godsdienst verering. Zo kon Gods Kracht als derde persoonlijkheid gestaafd worden.

Na het overlijden van Priscilla in 179 zagen de mensen dat Jezus niet terug kwam en liet het nieuwe Jeruzalem op zich wachten waardoor  aan de eindtijdprofetieën een einde kwam, toch bleef het verder bestaan tot het meer te lijden kwam onder de strenge legislatie tegen het Montanisme door keizer Justinianus I die heerste van 527 tot 565. Enkele overgebleven groepen zetten de beweging echter voort tot in de 9° eeuw.

In 380 werd zo een vervloeking of banspreuk uitgesproken door Paus Damasus, op de Vierde Raad of Concilie van Rome. Er werd  uitgesproken dat wie ook maar zou ontkennen dat de Heilige Geest moet worden bemind worden als de Vader en de Zoon door elk schepsel, deze zou verbannen worden uit de Katholische Kerkgemeenschap.  Deze anathema’s werden vernieuwd door Celestinus I en Virgilius, en de oecumenische raad van 381. De anathemata als versierselen in de gebedshuizen werden nu als een vorm van devotie aangekondigd en de liturgische gewaden en symbolen als tekenen van macht.

De Oost-Romeinse / Byzantijnse keizer Theodosius I zag dat er iets moest gedaan worden om de verscheurde christelijke kerk tot een eenheidskerk te brengen. Alsook wenste hij zijn keizerlijke macht te gebruiken  om de nog zeer grote invloedrijke groep aanhangers van het arianisme, dat door het eerste oecumenische concilie in 325 in Nicea al als ketterij was veroordeeld, zoveel mogelijk uit te schakelen.

De Heilige Geest werd nu door nog meer mensen hoog geschat en als een te vereren persoonlijkheid aanschouwd. Het geloof in de Heilige Geest als gelijkwaardige goddelijke derde persoon van de in essentie éne God werd in de – in 325 in Nicea vastgestelde – geloofsbelijdenis opgenomen.

De heilige drie-eenheid, icoon van Andrej Roebljov (ca. 1400)


[1] Jezus werd aanschouwd als de verwerkeling van God op aarde en werd als  Horus de zoon van Isis  de symbolisering van  het jaarlijks verdwijnen en opkomen van het leven, zoals dat in de landbouw zichtbaar wordt (zie ook: Geboorte van Horus). Het gebruik om poppen van de korengeest te maken bestaat nu nog altijd bij de Kopten. Tijdens de goede week wordt een voorstelling van Christus in de vorm van een mummie op het altaar gelegd van vrijdag tot zondag, omgeven door bloemblaadjes e.d. Vrouwen (mannen niet) vullen ook nog altijd potjes met aarde en zaaien daarin. Dit doet denken aan de tuin van Adonis.

[2] In deze betekenis werd de vorm van het woord anathema ooit (in meervoud) gebruikt in het Griekse Nieuwe Testament, in Lukas 21:5, waar het als „giften“ of “geschenken” wordt weergegeven.

[3] De uitdrukking werd ook gebruikt tijdens het Concilie van Trente (15451563) over de aanhangers van de (vanuit de katholieke leer gezien) dwaling van de Reformatie 126 keer het anathema heeft uitgesproken.

[4] Alternatief, zou de apostel Paulus kunnen voorstellen dat zij die niet van de Heer houden zouden moeten tot God aangeboden worden.

[6] Denzinger, Enchiridion, n. 80

[7] Zoals door vele Christelijke geleerden, zoals Zimmern, in zijn „Vater, Sohn, und Fürsprecher“  is aangetoond, 1896, en in Schrader’s „K.A.T.„1902, p. 377; Ebers, in zijn „Sinnbildliches: die Koptische Kunst „1892, p. 10; en anderen.


[1] Enkele van zijn vermeende ruggenwervels worden bewaard als relikwie in Brugge, namelijk drie in de Sint-Salvatorskathedraal en één in de Sint-Basiliuskapel op de Burg (de Heilig Bloedbasiliek).

+

Voorgaand artikel: Politiek en macht eerste prioriteit #2 Arianisme, Nestorianisme en Monofysitisme

Vervolg: Politiek en macht eerste prioriteit #3 Samengaan van Joodse, Oosterse en Helleense gedachtegoed

English version: Politics and power first priority #3 Elevation of Mary and the Holy Spirit

Mozaïek van Maria als theotokos in de Chora-kerk in Istanboel

Vindt ook:

De belangrijkste concilies

  1. Nicaea I
  2. Constantinopel I
  3. Efeze
  4. Chalcedon
  5. Constantinopel II
  6. Constantinopel III
  7. Nicaea II

Lees meer over:

  1. Doctrine van de Drievuldigheid

  2. Drievuldigheid of Heilige Drie-Eeenheid
  3. Is God Drie-één
  4. De Allerhoogste is het Opperwezen
  5. Drie Heilige Hiërarchen: Basilius de Grote, Gregorius van Nazianze en Johannes Chrysostomus worden in de Byzantijnse Kerken de Drie Heilige Hiërarchen genoemd.
  6. Niet goddelijkheid van Christus toch
  7. God, Jezus Christus en de Heilige Geest
  8. Jezus van Nazareth #2 De zoon van Maria
  9. Jezus van Nazareth #3 De zoon van God
  10. Voorbestaan van Christus
  11. Al of niet verenigen
  12. De ecclesia als lichaam van Christus
  13. Verzamelen of Bijeenkomen
  14. Maken van een kerk
  15. Congregation – Congregatie
  16. Parish, local church community – Parochie, plaatselijke kerkgemeenschap
  17. Kerst en wenslampions
  18. Waarom gaf Jezus Maria aan Johannes
  19. Slechts één ding is nodig
  20. Groei eerste christenen
  21. Is er een komende Eindtijd
  22. Visie op Jezus’ wederkomst van invloed op vraag hoe met deze aarde omgaan
  23. Laatste dagen omroepers

***

Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen. #5 Apologeten

Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen.

Apologeten.

Tijdens de vreedzame tweede eeuw herleeft het heidendom en worden de christenen nog slechts sporadisch vervolgd. Een christelijke volksliteratuur versterkt het geloof en het gnosticisme en marcionisme belagende kerk.

Ongeveer vanaf het midden tot aan het einde van de tweede eeuw van onze gewone tijdrekening verschenen de kerkleiders die men nu Apologeten noemt. Hun geschriften hadden ten doel het christendom dat zij kenden, te verdedigen tegen vijandige filosofieën die in de Romeinse wereld van die tijd gangbaar waren. Hun werk dateert uit de tijd dat de Apostolische Vaders hun geschriften zo ongeveer hadden voltooid, en uit de periode daarna.

Icon of Tatian the Asssyrian

Tatianus de Assiriër

Tot de Apologeten die in het Grieks schreven, behoren Justinus de Martelaar (Justinus Martyr/Justin Martyr), Tatianus, Athenagoras, Theophilus, en Clemens van Alexandrië. Tertullianus was een apologeet die in het Latijn schreef. Onderwezen zij de Drieëenheid van de hedendaagse christenheiddrie aan elkaar gelijke personen (Vader, Zoon en Heilige Geest) in een Godheid, waarbij ieder waarlijk God is en er nochtans niet drie Goden zijn maar er één God is?

In het boek The Formation of Christian Dogma zegt dr. Martin Werner over de vroegste opvatting omtrent de verhouding van de Zoon tot God:

„Die verhouding werd onmiskenbaar beschouwd als een verhouding van ’ondergeschiktheid’, i.e. in de zin van ondergeschiktheid van Christus aan God. Overal waar in het Nieuwe Testament de verhouding van Jezus tot God, de Vader, ter sprake wordt gebracht, . . . wordt deze categorisch als ondergeschiktheid opgevat en weergegeven. En de meest overtuigde Subordinatianist van het Nieuwe Testament, volgens het synoptische verslag, was Jezus zelf . . . Dit oorspronkelijke standpunt, krachtig en duidelijk als het was, heeft zich lange tijd kunnen handhaven. ’Alle grote pre-Niceense theologen wezen op de ondergeschiktheid van de Logos aan God.’”[1]

„De ondergeschiktheid van de Zoon werd over het algemeen, zo niet eenstemmig, door de ante-Niceense Vaders onderstreept . . . Dat zij de Zoon als onderscheiden van de Vader bezagen, blijkt uit de omstandigheid dat zij zijn ondergeschiktheid duidelijk onderstrepen. . . . Zij beschouwden hem als onderscheiden en ondergeschikt.”[2]

„De christologie van de apologieën, evenals die van het Nieuwe Testament, is in wezen subordinatiaans. De Zoon is altijd ondergeschikt aan de Vader, die de ene God van het Oude Testament is. . . . Wat wij dus bij deze vroege auteurs aantreffen, is geen Drie-eenheidsleer . . . Vóór Nicea was de christelijke theologie bijna universeel subordinatiaans.”5

Volgens de Drie-eenheidsleer van de christenheid is de Zoon wat betreft eeuwigheid, macht, positie en wijsheid gelijk aan God de Vader. Maar de Apologeten zeiden dat de Zoon niet gelijk is aan God de Vader. Zij bezagen de Zoon als ondergeschikt. Dat is niet de Drie-eenheidsleer.[3]

Vóór Tertullianus zelfs geen melding gemaakt van de Drie-eenheid. En de ’heterodoxe’ Drie-eenheid van Tertullianus was geheel verschillend van die waarin velen heden ten dage geloven.

Onder Trajan Decius breekt een kerkvervolging uit die tijdens Diocletianus nog heviger wordt.


[1] The Formation of Christian Dogma (oorspronkelijke titel: Die Entstehung des christlichen Dogmas), door Martin Werner, 1957, blz. 125.

[2]The Church of the First Three Centuries, door Alvan Lamson, 1869, blz. 70, 71.

[3]Gods and the One God, door Robert M. Grant, 1986, blz. 109, 156, 160.

Lees ook: Tatianus aankondiging aan de Grieken: Tatian’s  Address to the Greeks

Ga de geschiedenis van de Kerkelijke dogma’s na en vergelijk met wat er in uw Bijbel te vinden is.

Dogma’s of aan geen beredenering meer onderworpen geloofsartikelen houden een risico in dat de mens een regel op legt waaraan iedereen zich moet aan houden. Iedere zogenaamde waarheid waarvan een Kerkgemeenschap plechtig heeft verklaard dat zij door God geopenbaard is en derhalve door de mens geloofd moet worden, zoals het dogma van de Heilige Drievuldigheid, de Onfeilbaarheid of enige andere leerstelling die hun geloofwaardigheid aan zichzelf of aan het gezag van een leermeester ontlenen, zouden moeten onderzocht worden in het licht van wat er werkelijk te vinden is in de Heilige Schrift, het Woord van God. Indien er geen verwoording of kennisgeving in het Boek der Boeken, de Bijbel staat kan men aannemen dat het een menselijke oplegging is, daar God wel duidelijkheid zou gegeven hebben in Zijn Woord.

Tag Cloud

Zion, Sion and Zsion News and Journal

About Politics, Religion, Culture, Society, Joy, Thank, Praise, Faith, Hope, Love, Community, Freedom, Peace, Islam, Justice, Truth, Patience and much more.

johnsweatjrblog

Doxology rooted in Theology: Nothing more, Nothing less

jamesgray2

A discussion of interesting books from my current stock A WordPress.com site

Unmasking anti Jehovah sites and people

Showing the only One True God and the Way to That God

The Eccentric Fundamentalist

Musings on theology, apologetics, practical Christianity and God's grace in salvation through Jesus Christ

John 20:21

"As the Father has sent me, so I am sending you."

The Biblical Review

Reviewing Publications, History, and Biblical Literature

Words on the Word

Blog by Abram K-J

Bybelverskille

Hier bestudeer ons die redes vir die verskille in Bybelvertalings.

Michael Bradley - Time Traveler

The official website of Michael Bradley - Author of novels, short stories and poetry involving the past, future, and what may have been.

BIBLE Students DAILY

"Be faithful unto death, and I will give you the crown of life." Revelation 2:10

God's Simple Kindness

God's Word Made Simple

takeaminutedotnet

All the Glory to God

Groen is Gezond

van zaadjes in volle grond tot iets lekkers op het bord

Jesse A. Kelley

A topnotch WordPress.com site

JWUpdate

JW Current Apostate Status and Final Temple Judgment - Web Witnessing Record; The Bethel Apostasy is Prophecy

Sophia's Pockets

Wisdom Withouth Walls

ConquerorShots

Spiritual Shots to Fuel the Conqueror Lifestyle

Examining Watchtower Doctrine

Truth Behind the "Truth"

Theological NoteBook

Dabbling into Theology

%d bloggers like this: