An other Christian WordPress.com site – Een andere Christelijke WordPress.com site

Posts tagged ‘Prediken’

Jehovah kan hem staande houden

Wie zijt gij, dat gij de huisknecht van een ander oordeelt?+ Hij staat of valt voor zijn eigen meester.+ Hij zal trouwens staande worden gehouden, want Jehovah* kan hem staande houden.+ (Romeinen 14:4)

een ander oordeelt?:

  • Jakobus 4:12: 12 Eén is wetgever en rechter,+ hij die kan redden en vernietigen.+ Maar gij, wie zijt gij, dat gij [uw] naaste oordeelt?+
  • Lukas 6:37: 37 Houdt bovendien op met oordelen, en GIJ zult geenszins geoordeeld worden;+ en houdt op met veroordelen, en GIJ zult geenszins veroordeeld worden. Blijft vrijlaten, en GIJ zult vrijgelaten worden.+
  • Romeinen 2:1 2 Daarom zijt gij, o mens,+ wie gij ook zijt, niet te verontschuldigen wanneer gij oordeelt;+ want waarin gij een ander oordeelt, veroordeelt gij uzelf, aangezien gij die oordeelt,+ dezelfde dingen beoefent.+
  • Romeinen 14:10: 10 Maar waarom oordeelt gij uw broeder?+ Of waarom ziet gij ook neer op uw broeder? Want wij zullen allen voor de rechterstoel+ van God staan;
  • Romeinen 14:13: 13 Laten wij elkaar daarom niet langer oordelen,+ maar neemt liever deze beslissing,+ een broeder+ geen struikelblok+ in de weg te leggen noch iets waarover hij kan vallen.
  • 1 Korinthiërs 4:5: Oordeelt daarom niets+ vóór de bestemde tijd, totdat de Heer komt,+ die zowel de verborgen dingen der duisternis aan het licht zal brengen+ als de raadslagen der harten openbaar zal maken,+ en dan zal een ieder zijn lof van God ontvangen.*+
  • Jakobus 4:11-12: 11 Spreekt niet langer ten nadele van elkaar, broeders.+ Wie ten nadele van een broeder spreekt of zijn broeder oordeelt,+ spreekt ten nadele van de wet en oordeelt de wet. Nu dan, indien gij de wet oordeelt, zijt gij geen dader van de wet, maar een rechter.+  12 Eén is wetgever en rechter,+ hij die kan redden en vernietigen.+ Maar gij, wie zijt gij, dat gij [uw] naaste oordeelt?+

Hij staat of valt voor zijn eigen meester

  • 1 Korinthiërs 4:4: Want ik ben mij er niet van bewust+ dat er iets tegen mij is. Toch is daardoor nog niet bewezen dat ik rechtvaardig ben, maar hij die mij onderzoekt, is Jehovah.*+

Jehovah {„Jehovah”, J18,23; P46אABC(Gr.): ho Kuʹri·os; DVgSyh: „God.”} kan hem staande houden:

  • Jeremia 35:19:19 daarom heeft Jehovah der legerscharen, de God van I̱sraël, dit gezegd: „Van Jo̱nadab, de zoon van Re̱chab, zal niet worden afgesneden een man die voor altijd*+ voor mijn aangezicht staat.”’”*+

 

Jehovah kan hem staande houden. — Rom. 14:4.

Het gaat erom wat God van ons vindt. Jehovah waardeert onze toewijding en loyaliteit aan hem en beoordeelt ons niet op onze prestaties. En het zou kunnen dat je meer voor Jehovah hebt gedaan dan je beseft. Waarschijnlijk heb je een goede invloed gehad op anderen in de gemeente en ook op personen in je gebied die dankzij jouw inspanningen over de waarheid hebben gehoord. Bezie elke taak die je van Jehovah krijgt als een bewijs dat hij met je is (Jeremias 20:11). Misschien ben je ontmoedigd omdat je dienst onproductief lijkt of omdat een bepaald geestelijk doel onbereikbaar lijkt. Toch heb je nog steeds het grootste voorrecht dat er is: het goede nieuwsprediken en Gods naam dragen. Blijf Jehovah daarom trouw. Dan kan er ook tegen jou gezegd worden:

„Ga de vreugde van uw meester binnen” (Matth. 25:23).

w14 15/3 2:17, 18

Saam sterk verenig in die deel met mekaar van die Waarheid van God, vol durf om daar op uit te trek om die Goeie Nuus te verkondig - samen sterk in de verkondiging van het Goede Nieuws en bekendmaking van Gods Heilige Naam en Zijn Plan van wereldvrede

Saam sterk verenig in die deel met mekaar van die Waarheid van God, vol durf om daar op uit te trek om die Goeie Nuus te verkondig – samen sterk in de verkondiging van het Goede Nieuws en bekendmaking van Gods Heilige Naam en Zijn Plan van wereldvrede

+

Voorgaande:

Jehovah kan hom staande hou

Deel van God se Rykdom en Wysheid

Freigeben von Gottes Reichtum und Weisheit

Delen van God’s Rijkdom en Wijsheid

Meerderheid protestantse kerken zit op zwart zaad

++

Aanvullende lektuur:

  1. Geloof aan mijn voordeur
  2. De Mens op zoek naar God
  3. Intentie en Toewijding

Advertisements

Meerderheid protestantse kerken zit op zwart zaad

Nederland en België gaan gebukt onder dezelfde ziekte. De mensen in onze contreien zijn niet geïnteresseerd in God noch gebod. En diegenen die wel graag God beter zouden leren kennen en een goede relatie met Hem zouden willen hebben zijn verward en voelen zich misleid of bedrogen door de reguliere kerken in hun streek die wel dikwijls verdoemenis prediken of met de angstzweep slaan, maar zich zelf niet gedragen naar de prediking die zij geven. Indien de gelovigen dan ook nog eens geconfronteerd worden met wat er werkelijk in de Bijbel staat kunnen zij dikwijls helemaal niet meer volgen en slaat de verwarring in afstoting om.

Mensen moeten echter weten dat naast de ‘regulier’ of ‘mainstream’ kerken en groeperingen van mensen te vinden zijn die wel de liefde voor God diep in hun hart dragen en die er ook alles aan willen doen om Gods Naam en Zijn Plan kenbaar te maken over de gehele wereld. Het komt er nu op aan dat die gelovigen die werkelijk God liefhebben die Woorden van God ook ter harte nemen en verder uitdragen, in liefde deze samen willen delen waar maar ook in ieder klein hoekje van het land. Ook al zijn het maar enkele in een dorp kunnen deze gelovigen hun hartsverlangen delen met elkaar en moeten zij nu de juiste zaden op de juiste grond zaaien en verzorgen zodat deze goed kunnen opkomen, bloeien en vrucht dragen.

Wij zitten in de Nederlanden, zoals in ettelijke andere plaatsen in Europa met een woestijn van Godskennis, maar zij die Jehovah in hun hart dragen zijn het die nu moeten opstaan en vooruit gaan, doortastend in hun geloof en ijverig het werk van de nodige prediking voortzettend, zonder ophouden durvende en vooruitkijkende naar een geweldige tijd die vast en zeker voor ons ligt.

Ook al zullen de aantallen gelovigen in de Katholieke en bepaalde protestantse kerken nog dalen en al mogen de moslimgemeenschappen een enorme groei waarnemen zullen er toch die kleine of grotere groepen van Ware Gelovigen zijn die de Ware God in hun hart dragen en willen en zullen delen met vele anderen.

God zij met u en met allen die samen willen gaan om Jehovah te dienen.

+

Aanvullend:

  1. Apathie voor het geloof en Vorm van Eredienst
  2. Judaisme & Katholicisme Universele ‘kerken’
  3. Het ‘Nieuwe Geloven’ – Overal en in van alles, maar niet in de Kerk
  4. De Kerk als realiteitsspel
  5. Dementia in de Kerk
  6. Keerpunt in de Kerk
  7. Jongmense wil nie meer sit en luister nie
  8. Scheiding van kerk en staat
  9. On-Bijbelse instituut van de kerk
  10. Kloof tussen de boodschap van God en de mensen van vandaag
  11. Al of niet toegeven aan de wereld
  12. Kijkend naar het Oosten en het Westen voor Waarheid
  13. Kerkgroei en samengaan
  14. Een samenkomst of meeting
  15. Maken van een kerk
  16. Parochie
  17. Kerk hospitaal voor zondaars
  18. Vele kerken
  19. Geloofstwijfel, geloofsafval en kerk in moeilijkheden
  20. Kerklidmaatschap belangrijk of niet
  21. Wat levert het mij op?
  22. Helft Amerikanen verandert wel van geloofstraditie
  23. Ontdopen gaat verder in België, een keerpunt om stil bij te staan
  24. Niet gebonden door labels maar vrij in Christus
  25. Een kerk verlaten om lid te worden van een ander
  26. Nederlandse man vervrouwelijkt volgens Jaap Marinus
  27. Kerkshoppen: “Arrogant tegenover kerklidmaatschap”
  28. De Ware Kerk
  29. Kerk niet bepaald gebouw
  30. Doop en Geloof
  31. Wedergeboorte en lidmaatschap tot een kerk
  32. Nieuwkomers, nieuwelingen, immigranten, allochtonen en import
  33. Een Manifest voor Gelovigen
  34. Manifest Gelovigen nemen het woord
  35. Paustoespraak voor de Raad voor de nieuwe evangelisatie
  36. De kerk moet blijvend hervormd worden
  37. De voordelen van een kleine gemeenschap of een huiskerk
  38. Zichtbaar houden van oudste kerken
  39. Stop met zeuren over uw kerk
  40. Bereid zijn toegang te krijgen tot vreugde in het aangezicht van tegenspoed
  41. Nieuwe energie ontwikkelen
  42. Door doorzettingsvermogen bereikt de slak de ark
  43. Ernstig strijdend voor het geloof
  44. Bijbelonderzoekers, Bijbelstudents, Jehovah Getuigen, Russell en denominaties
  45. Intenties van de ecclesia

+++

Andere aanpak in de organisatie van de diensten # 3

Radio-oproepen en boekjes

Vandaag zijn de Jehovah Getuigen de grootste bekende Bijbel Studenten organisatie in België. Eerst konden ze Bijbelonderzoekers groepen vinden die met hen, ten tijde van Rutherford, wilden associëren. Diegenen die Charles Taze Russell eerst hadden gevold en nu verder wensten te gaan met Rutherford begonnen verder uit te groeien. Maar de interne onenigheden veroorzaakten ook breuken, die zelfs tot in België voelbaar waren.

Français : Blason de Jumet (Charleroi-Belgique...

Blazoen van Jumet (Charleroi België), ook wapenschild van de abdij van Lobbes. (Foto credit: Wikipedia)

Als gevolg van radio uitzendingen, in het Frans en gesponsord door de Broeders van Dawn uit de VS; waren 3 Belgische gezinnen geïnteresseerd in de tegenwoordige waarheid. Het was Broeder Lechien Armand, die in contact kwam met broeder Félix Pilarski via de mail service van Radio Luxemburg: Broeder Félix richte zich tot hem in Jumet. Deze 3 families werden ook eerst lid van de vereniging met de naam “Jehova Getuigen” of Getuigen van Jehovah. Toen zij merkten dat Rutherford met zijn Genootschap meer en meer afweek van de leerstellingen van Russell en vonden dat de leringen die zij hoorden niet in harmonie waren met de Schrift, verlieten zij de beweging. Maar zij bleven verder de Heilige Schrift onderzoeken.

Families die samen kamen in huizen of Huiskerken vormden

De Pools-Belgische broeder en zuster Wlodarski hadden Franse broeders en zusters in hun kennissenkring en vonden meer broeders van de Franse vereniging Association des étudiants de la Bible die ook vaker bij hen wilden komen om te het Woord van God te dienen. Zo konden zij een paar broeders van Saint Etienne treffen: François Wozniak, Kosmalski A. Liszka, T. Kubiak, J.Osorowski S., TF et Ed Pilarski, Speil, en vele anderen; de familie Kula, hun jongste dochter en een zoon woonden de vergaderingen bij. In de volgende jaren, net als in Frankrijk, kwamen pelgrim broeders uit de Verenigde Staten en later uit Polen hen bezoeken.

De families – Armand en Louise Lechien Ernest en Helena Duchateau – Edmond en Jeanne Henrioule besloten bijeenkomsten tijdens de week (woensdag en donderdag) te houden waarbij zij een studie hielden over de Figuren van het Tabernakel. Met hun toestemming voegden zich de families Wlodarski en Kula bij hen. De studies werden gehouden in twee talen met de hulp van een vertaler (de 2 talen die werden gesproken waren Frans en Pools).
Broeder Félix Pilarski en andere broeders werkten veel voor het welslagen van deze bijeenkomsten, omdat ze
perfect Frans spraken.

De Sint-Lambertuskerk in Courcelles.

Broeder Félix Pilarski maakte een fraaie bijdrage aan de ontwikkeling van de vergadering van Courcelles met stichtelijke Bijbelse discoursen en met zijn bezoeken. Hij was ook persoonlijk actief in het streek van Liège (Luik) en in Brussel, waar hij een voorraad van boekjes had. Andere broeders leverden ook vele bezoeken af, onder hen kunnen we onder andere broeder Joseph Wozniak, Adolphe Debski noemen.
Nadat  Broeder
Ernest Duchateau plotseling overleed werden de bijeenkomsten nog  voortgezet voor bepaalde tijd. Toen broeder Lechien overleed na een heel lange ziekte konden we een repetitieve zaak zien rond de huis kerken. De ecclesia van Courcelles verdween in het midden van de jaren ’70.

Voormaling Gemeentehuis. Gebouwd in 1825-1827 door Jan Kuypers, waar de Bijbelstudenten film “Waarom kwam Hij naar de aarde?” werd vertoond.

Op 24 oktober 1987, organiseerde de ecclesia van Jumet twee uitsteeksels van de film Waarom kwam Hij naar de aarde?” In het gemeenschapscentrum van het stadhuis van Charleroi. Die shows werden aangekondigd met reclame: affiches op openbare plaatsen, reclame in de stad met luidsprekers, advertenties in de lokale kranten, op radio en tv, weergave op elektronische schermen, distributie van folders.
Meer dan honderd personen woonden deze filmprojecties bij. Pamfletten en traktaten werden gegeven aan de deelnemers, maar slechts weinigen vroegen voor meer informatie en andere boekjes.

De leer van Christus ‘regering op aarde’

Al snel in de geschiedenis van het Christendom zag men de meerderheid valse leraren nalopen. De mythen waren meer een lust voor het oor dan de werkelijke waarheid. Ze werden tot rust gewiegd met hetgeen zij zelf graag wensten te horen. Wat was er niet fijner om die zaken te horen die je niet moesten doen veranderen van gewoonten en zeden.

Al vroeg in de geschiedenis geraakten de ware volgers van Jezus Christus in de verdrukking. In sommige streken moesten zij zelfs voor hun leven gaan vrezen. Die angst voor vervolging maakte dat zij eerder verdoken hun godsdienst beleden.

De Broeders hun geloof van het ware evangelie was van oorsprong’ puur, maar door de menselijke onzuiverheden werd het ook heen en weer geschud doorheen de jaren. De verscheiden kleine groepjes die thuis de bijbel bestudeerden handelden verder in hun eigen kleine kring. Dit maakte ook dat er niet veel kennis naar buiten bloeide.

In België en Nederland bleven Bijbel Getrouwen naarstig de Bijbel bestuderen maar ook de opdracht van Jezus volgen, met het blijven prediken van het Evangelie van het Koninkrijk van God.
De eerste noch de tweede wereld oorlog had hen er van kunnen weerhouden, hoewel velen van hen angstvallig uitkeken naar de werking van de twee strijdende kampen, omdat ze
tegen het vechten waren en omdat ze handelden op grond van een geloof dat helemaal niet graag gezien werd door iedereen .

Dat Jezus en zijn apostelen spraken over het nieuws dat er een koninkrijk op aarde zou worden opgericht dat zou worden geregeerd door Jezus Christus en dat daar de gelovigen van alle tijden een plaats zouden krijgen naast hun Heer: dwz als coheersers, klonk natuurlijk niet fijn in de oren voor hen (die de Duitse Führer als de enige heerser wilde). Maar de blijde boodschap voor de mensheid overleefde nu de strijd onder de mensen en bracht een ongekende vrede in sommige families.

De leer van Christus’ regering op aarde werd eerst behandeld als zeer symbolisch, werd geleidelijk bestempeld als een zeer twijfelachtige en nutteloze gedachte en werd uiteindelijk als een absurde uitvinding van ketterij en fanatisme afgewezen.
Gods licht dooft gelukkig niet; het is een eeuwige vlam. Het volk van Israël in de oudheid bereikte ook detritus. Zij dienden ook andere goden. Toch blijven er op dit moment gelovigen in de Ene God die ook Hem Alleen als Allerhoogste willen dienen. Ook na de grote verschrikking van de wereldoorlogen kon de geschiedenis zich
nu herhalen. Trouw aan God wilden die Bijbel studenten, niet zo maar één werelds man en zijn organisatie (Rutherford en de Getuigen van Jehovah) volgen. Naast het trouw blijven aan de hoeksteen Jezus, als het enige fundament voor Gods Kerk, bleven er getrouwen aan Dr.Thomas en aan de Bijbel hun bevindingen met anderen delen en ondanks de voortdurende tegenstand durfden zij in te gaan tegen de meest populaire leer van de meeste mensen.

Het krijgen van een basis in Holland

Na pogingen die vanuit Nederland werden gemaakt om de Waarheid naar Engeland te brengen (in de 16e eeuw) en de vlucht van de waarheidszoekers naar de Nieuwe Wereld in de 19e eeuw, konden nu brieven van waarheidszoekers uit de Nieuwe Wereld weer de waarheid naar Europa toe sturen.
De Europeanen konden nu vanuit de Nieuwe Wereld de andere denkwijze horen van mensen die veel tijd hadden gestoken in het onderzoeken van de Bijbel. Het onderricht van Elias Smith en John Thomas kon nu de tijd rijp was, een gelegenheid geven aan een opleving’ van de Bijbel Getrouwen. Zij vonden ook hun weg over de oceaan en in alle Engels sprekende landen, waar ze een voet aan de grond kon vinden. Van daaruit druppelde het naar de Lage Landen.

Door de eeuwen heen, toonde het Evangelie van Gods Koninkrijk, zoals het voorheen gepredikt werd door Jezus en de apostelen, een dynamische kracht die alle tegenstand van de machtige religieuze groepen die het kon trotseren. Dat evangelie van Gods Koninkrijk dient nog steeds als de enige basis van het geloof voor hen die God willen zoeken. En de Engelsen die dat wisten en de Noordzee hadden overgestoken om te gaan verkondigen, konden in Nederland ook mensen vinden die dat Woord van God trouw wensten te blijven.

Website of the Brothers in Christ or Christadelphians in the Netherlands - Website van de Nedrlandse Broeders in Christus

Website of the Brothers in Christ or Christadelphians in the Netherlands – Website van de Nedrlandse Broeders in Christus

In 1956 kon in Nederland eindelijk de groep van Broeders in Christus soliditeit krijgen en ontstonden gemeenschappen in Den Haag, Amersfoort, Ede en Groningen. In Nederland officieel erkend sinds 1957, bleven zij het als hun plicht tegenover onze Heer zien, om zijn Naam bekend te maken onder de mensen in hun omgeving, alsook onder andere volken. Daarbij ligt hun nadruk op de Bijbel als de bron van alle kennis, waarbij hun leidraad daarbij het woord van onze Heer is:

“Om niet hebt gij het ontvangen, geeft het om niet.”

De gemeenschap van Broeders in Christus begon ook het magazine “Met Open Bijbelte verspreiden  waarvan Rudolf Rijkeboer de drijvende kracht was tot aan zijn dood vorig jaar.

Verdwijnende interesse

Het bleek duidelijk dat na de gouden eeuw’ met de kinderboom en inwoners van België die hun leven steeds beter zagen worden, dat hiermee ook de belangstelling voor de Bijbelse boodschap van de Waarheid verminderde. De laatste jaren kan men spreken van totaal geen interesse meer voor Geloof, Bijbel of Kerk.
De Bijbel Studenten zagen hun leden aantal in Ecclesiae verminderen. De enige troost die zij konden hebben was dat ook in de algemeen reguliere kerk een neerwaarste spiraal op gang was gekomen. De bezoekende broeders en zusters van de Christadelphian Bijbel Missie [Christadelphian Bible Mission (CBM)] uit Groot-Brittannië, die voor 25 jaar regelmatige bezoeken maakten aan België om folders en pamfletten in de brievenbussen te steken, konden minder geestdrift vinden bij hun eigen leden, omdat het niets bleek uit te halen. Met hun korte bezoeken probeerden ze mensen op straat te bereiken en hoopten dat er op hun folders zou worden gereageerd. De Nederlandse Broeders die de algemene leiding toen nog hadden over het gehele gebied kregen echter verwaarloosbaar weinig reacties van het zuiden. Op het moment dat ze het allemaal wilden opgeven en verschillende Christadelphians Holland begonnen te verlaten om terug te keren naar hun geboorteland (Engeland of naar Australië), vond in België toch een kentering plaats in de wereld van Bijbelvorsers.
In de jaren ’90 vormden sommige Bijbel Studenten met exJehovah Getuigen de Vrije Christenen. In die beweging was ook de niet-trinitarische Doopsgezinde Marcus Ampe. Nog voordat hij zelf werd opgenomen in de Christadelphian gemeenschap had hij als niet-trinitarisch Baptist al anderen tot het Christadelphian geloof gebracht. Met hem predikend in Vlaams-Brabant en in Henegouwen, plus op het net, werd wederom een poging gedaan om het goede nieuws van het komende Koninkrijk te brengen.

Verwoede pogingen

Vorig jaar deed hij een poging om de verschillende Bijbel Studenten groepen bij elkaar te krijgen. Hij hoopte zo dat de verscheidene splintergroepen meer tot een uitwisseling van ideeën en vergaderingen zouden komen. Spijtig genoeg, werden zijn verzoeningspogingen tussen onderling strijdende groepen niet gewaardeerd. Een man uit het hoge noorden met zijn organisatie die nochtans het linken van hulp in haar naam heeft, hield het tegen dat door hem en zijn organisatie gedoopte Christadelphians met de Christadelphians van de Vrije Christadelphians (toen nog gewoon genaamd: Christadelphians en onder bescherming van CBM) met als basis de regio Leuven en met de Bijbelstudenten Christadelphians samen zouden kunnen komen. Broeder Marcus zijn onderneming liep faliekant uit. In plaats van de Christadelphians verenigd onder één dak te krijgen werd de kleinste groep nog meer uitgedund door onenigheid omtrent unificatie. Bepaalde mensen wensten zelf alles onder controle te hebben en konden het niet verdragen dat iemand anders in hun boeken zou kunnen mee kijken. Vooral de man van het Noorden zorgde voor de grootste struikelsteen.
Een aantal van onze medebroeders konden wij zelf niet zo ver krijgen dat zij over hun meningsverschillen heen zouden kijken. Voor onze Australische broeders, van de Australische Bijbel Studenten werden de CBM-leden niet zuiver genoeg gevonden. Volgens hen zijn de CBM leden te ver afgeweken van de originele leer van broeder Dr. John Thomas. Voor hen zou een samengaan met een groep, die (volgens hen) te los omspringt met de leer, het hele systeem verzwakken. Hierdoor kregen wij het ook moeilijk te verduren om mensen in eigen rangen er toe te bewegen over de menselijke tekortkomingen heen te kijken, en waren wij dan ook slachtoffer van een leegloop.
Bijbelvorsers, Vereniging voor Bijbelstudie, opgericht door Marcus Ampe - Bijbelvorsers (Bible Scholars), association for Bible study, founded by Marcus Ampe

Bijbelvorsers, Vereniging voor Bijbelstudie, opgericht door Marcus Ampe – Bijbelvorsers (Bible Scholars), association for Bible study, founded by Marcus Ampe

Onze uitnodiging om zich te verenigen als Broeders en zusters in Christus blijft open staan. Door al zijn tevergeefse inspanningen heeft broeder Marcus Ampe er ook genoeg van gekregen om de Vereniging voor Bijbelstudie verder te onderhouden en zal hij de website Bijbelvorsers in de nabije toekomst gaan afsluiten. Dit om zich meer te concentreren op de belangrijke opdracht die volgelingen van Jezus hebben gekregen, namelijk de verspreiding van het Goede Nieuws. Hij zal zich dan ook, met enkele doorzetters, verder het Goede Nieuws verkondigen. Broeder Marcus Ampe wil zich meer toeleggen op het prediken zelf in plaats van tijd en energie te verliezen aan het trachten mensen te verenigen, wanneer het er klaarblijkelijk geen tijd voor is om daarin te slagen.

We zijn ervan overtuigd dat ons prediking werk belangrijk is en dat zelfs als we niet zo veel mensen in België kunnen  bereiken, we toch ook hopen dat we enkelen hier kunnen bereiken, maar ook wat anderen die misschien wel ver weg van ons wonen. We hopen dat onze stem ook mag klinken in de duisternis en wat licht tot mensen zal mogen brengen die we niet kennen, maar die we hopen te ontmoeten in het Koninkrijk van God. We kijken ernaar uit om veel nieuwe gezichten, gelukkig te zien onder leiding van de Heer, niet begrensd door enkele mensen, maar gebouwd op de hoeksteen van Jezus Christus.
Hoewel we een andere aanpak in de organisatie van de diensten mogen hebben, geloven we dat we allemaal samen zouden moeten gaan voor dezelfde waarheid en voor de eenwording onder Christus, waarbij elke groep een andere naam zou kunnen hebben, maar bereid is om te worden verenigd in de geest, bereid te delen en samen te werken om positief op te bouwen, elkaar te helpen en constructief gemeenschappen onder Christus te vormen. Wij hopen dat er in de toekomst meer gegadigden kunnen gevonden worden die wel tezamen elkaar willen ondersteunen en er aan werken om nog meer mensen warm te maken om samen op weg te gaan en elkaar te helpen om door de nauwe poort het komende Koninkrijk binnen te kunnen gaan.

+

Voorgaand:

Andere aanpak in de organisatie van de diensten # 1

Andere aanpak in de organisatie van de diensten # 2

++

Aanvullende lectuur:

  1. Welkomstwoord
  2. Staat Europa voor vrijheid van godsdienst
  3. Godsdienstvrijheid mensenrecht
  4. EU wetsvoorstel banning levensbeschouwelijke symbolen
  5. EU wil christenen het zwijgen opleggen
  6. Werk maken van Godsdienstvrijheid
  7. Christendom blijft van invloed
  8. Politiek en macht eerste prioriteit #1
  9. Wat betreft Waar Elke mens recht op heeft
  10. Marx, het Volk, Religie, Christendom en verwrongen ideeën
  11. Materialisme, “would be” leven en aspiraties #1
  12. Materialisme, “would be” leven en aspiraties #3
  13. Materialisme, “would be” leven en aspiraties #4
  14. Materialisme, “would be” leven en aspiraties #5
  15. De Dag is nabij #8 Overzicht
  16. De nacht is ver gevorderd 2 Studie 1 Zijn het de laatste dagen? 1 Intro
  17. De nacht is ver gevorderd 20 Studie 4 Nu actueel: Financiële Crisis
  18. De nacht is ver gevorderd 22 Studie 4 Nu actueel: Nut van tekenen
  19. Een kerk naar smaak en taal
  20. De marketing van God een op maat gemaakt bedrijfsadvies
  21. Oorlog in kerkenland
  22. Manifest Gelovigen nemen het woord
  23. Fragiliteit en actie #6 Juistheid van handelen
  24. Fragiliteit en actie #7 Gebeurtenissen en Prioriteiten
  25. Redding, vertrouwen en actie in Jezus #6 Samenhoren
  26. Redding, vertrouwen en actie in Jezus #9 Omgang met anderen
  27. In de hand #5 Niet bang zich te geven
  28. Geloof heeft te maken met hoe je voelt
  29. Wegen die tot God leiden
  30. Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen. #4 Volgelingen van Jezus
  31. Opwekking begint in het gezin
  32. Kerklidmaatschap belangrijk of niet
  33. Kerk niet bepaald gebouw
  34. Samen komen in huizen
  35. Opbouw van een ecclesia
  36. Schijnbaar onmogelijke opdracht
  37. Hermeneutiek om uit te dragen #10 Verkondigen
  38. Verkondigen
  39. Opdracht tot getuigenis
  40. Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen #11 Vredelievende waarheidzoekers
  41. Zoeken naar waarheid, studiemateriaal, Jehovah Getuigen, ex-Jehovah Getuigen en anderen
  42. Wie, wat & hoe Christadelphians
  43. Volharding en Bijbelstudenten
  44. Overgang 2013-2014 en Met Open Bijbel
  45. Duncan Heaster en Carelinks onverbiddelijke verhinderaars
  46. Nieuwe naam een feit
  47. Seizoen 2013-2014
  48. Op weg naar 2014-2015
  49. Een nieuw seizoen voor de deur
  50. Een terugblik op Christadelphianisme en de Broeders in Christus in België
  51. Denken aan het ontbinden van de Vereniging voor Bijbelstudie: Bijbelvorsers
  52. Bij de opheffing van de Vereniging voor Bijbelstudie
  53. Jehovah steile rots en vesting, bron van inzicht
  54. Jehovah steep rock and fortress, source of insight
  55. By the closing down of the Association for Biblestudy
  56. Dissolution of Bijbelvorsers (Bible scholars), Association for Bible study

+++

Na de sabbat na Pesach, de verrijzenis van Jezus Christus

File:Alexandr Ivanov 087.jpg

Een engel die de steen wegrolt voor het graf van Jezus Christus – Alexander Andreyevich Ivanov (1806–1858)

 

 


*

“1  Toen de sabbat voorbij was, kochten Maria Magdalena, Maria de moeder van Jakobus, en Salome welriekende kruiden om Hem te gaan balsemen. 2 Op de eerste dag van de week, heel vroeg, toen de zon juist op was, gingen zij naar het graf. 3 Ze zeiden tot elkaar: ‘Wie zal de steen voor ons van de ingang van het graf wegrollen?’” (Markus 16:1-3 WV78)

“Op de eerste dag van de week kwam Maria Magdalena, vroeg in de morgen – het was nog donker – bij het graf en zag dat de steen van het graf was weggerold.” (Johannes 20:1 WV78)

“En mocht dit soms de landvoogd ter ore komen, dan zullen wij hem wel kalmeren en er voor zorgen dat gij geen last krijgt.’” (Mattheüs 28:14 WV78)

“1  Op de eerste dag van de week echter gingen zij zeer vroeg in de morgen naar het graf, met de welriekende kruiden die zij klaar gemaakt hadden. 2 Zij vonden de steen weggerold van het graf, 3 gingen binnen, maar vonden er het lichaam van de Heer Jezus niet. 4 Terwijl zij niet wisten wat daarvan te denken, stonden er plotseling twee mannen voor hen in een stralend wit kleed. 5 Toen zij van schrik bevangen het hoofd naar de grond bogen, vroegen de mannen haar: ‘Wat zoekt ge de levende bij de doden? 6 Hij is niet hier, Hij is verrezen. Herinnert u, hoe Hij nog in Galilea tot u gezegd heeft: 7 De Mensenzoon moet overgeleverd worden in zondige mensenhanden en aan het kruis geslagen, maar op de derde dag verrijzen.’ 8 Zij herinnerden zich zijn woorden, 9 keerden van het graf terug en brachten dit alles over aan de elf en aan al de anderen.” (Lukas 24:1-9 WV78)

“39 Maar Hij gaf hun ten antwoord: ‘Een slecht en overspelig geslacht verlangt een teken, maar geen ander teken zal hun gegeven worden dan dat van de profeet Jona. 40 Zoals mogelijk Jona drie dagen en drie nachten verbleef in de buik van het zeemonster, zo zal de Mensenzoon drie dagen en drie nachten verblijven in de schoot van de aarde. {drie dagen in sheol/hel}” (Mattheüs 12:39-40 WV78)

“23 Hem, die volgens Gods vastgestelde raadsbesluit en voorkennis is uitgeleverd, hebt gij door de hand van goddelozen aan het kruis genageld en gedood. 24 Maar God heeft Hem ten leven opgewekt na de smarten van de dood te hebben ontbonden; want het was onmogelijk dat Hij daardoor werd vastgehouden. 25 Doelend op Hem toch zegt David: De Heer had ik voor ogen, altijd door, Hij is aan mijn rechterhand, opdat ik niet zou wankelen; 26 daarom is er blijdschap in mijn hart en jubelt mijn mond van vreugde; ja, ook mijn lichaam zal rust vinden in hoop, 27 omdat Gij mijn ziel niet over zult laten aan het dodenrijk en uw heilige geen bederf zult laten zien. 28 Wegen ten leven hebt Gij mij doen kennen, Gij zult mij met vreugde vervullen voor uw aanschijn. 29 Mannen broeders, ik mag wel vrijuit tot u zeggen van de aartsvader David, dat hij gestorven en begraven is; we hebben immers zijn graf bij ons tot op deze dag. 30 Welnu, omdat hij een profeet was en wist, dat God hem een eed gezworen had, dat Hij een van zijn nakomelingen op zijn troon zou doen zetelen, 31 zei hij met een blik in de toekomst over de verrijzenis van Christus, dat Hij niet is overgelaten aan het dodenrijk en dat zijn lichaam het bederf niet heeft gezien. 32 Deze Jezus heeft God doen verrijzen en daarvan zijn wij allen getuigen. 33 Verheven aan Gods rechterhand heeft Hij de beloofde heilige Geest van de Vader ontvangen en Deze uitgestort, zoals gij ziet en gij hoort. 34 David immers is niet ten hemel opgestegen, maar toch zegt hij zelf: De Heer heeft gesproken tot mijn Heer: Zit aan mijn rechterhand, 35 totdat Ik uw vijanden als een voetbank voor uw voeten heb gelegd. 36 Voor heel het huis van Israel moet dus onomstotelijk vaststaan, dat God Hem en Heer en Christus heeft gemaakt, die Jezus, die gij gekruisigd hebt.’” (Handelingen 2:23-36 WV78)

“3 Het is de boodschap over zijn Zoon, die naar het vlees is geboren uit het geslacht van David, 4 die naar de heilige Geest is aangewezen als Zoon van God door Gods machtige daad, door zijn opstanding uit de doden, Jezus Christus onze Heer.” (Romeinen 1:3-4 WV78)

“1  Broeders, ik vestig uw aandacht op het evangelie dat ik u heb verkondigd, dat gij hebt ontvangen, waarop gij gegrondvest zijt 2 en waardoor gij ook gered wordt: in welke bewoordingen heb ik het u verkondigd? Ik neem aan dat gij die onthouden hebt; anders zoudt gij het geloof zonder nadenken hebben aanvaard. 3 In de eerste plaats dan heb ik u overgeleverd wat ik ook zelf als overlevering heb ontvangen, namelijk dat Christus gestorven is voor onze zonden, volgens de Schriften, 4 en dat Hij begraven is, en dat Hij is opgestaan op de derde dag, volgens de Schriften, 5 en dat Hij is verschenen aan Kefas en daarna aan de Twaalf. 6 Vervolgens is Hij verschenen aan meer dan vijfhonderd broeders tegelijk, van wie de meesten nog in leven zijn, hoewel sommigen zijn gestorven. 7 Vervolgens is Hij verschenen aan Jakobus, daarna aan alle apostelen. 8 En het laatst van allen is Hij ook verschenen aan mij, de misgeboorte. 9 Ja, ik ben de minste van de apostelen, niet waard apostel te heten, want ik heb Gods kerk vervolgd.” (1 Corinthiërs 15:1-9 WV78)

“3 Daarop gingen Petrus en de andere leerling op weg naar het graf. 4 Ze liepen samen vlug voort, maar die andere leerling snelde Petrus vooruit en kwam het eerst bij het graf aan. 5 Vooroverbukkend zag hij de zwachtels liggen, maar hij ging niet naar binnen. 6 Simon Petrus die hem volgde, kwam ook bij het graf en trad wel binnen. Hij zag dat de zwachtels er lagen, 7 maar dat de zweetdoek die zijn hoofd had bedekt, niet bij de zwachtels lag, maar ergens afzonderlijk opgerold op een andere plaats. 8 Toen pas ging ook de andere leerling die het eerst bij het graf was aangekomen, naar binnen; hij zag en geloofde, 9 want zij hadden nog niet begrepen hetgeen er geschreven stond, dat Hij namelijk uit de doden moest opstaan.” (Johannes 20:3-9 WV78)

“11  Maria stond buiten bij het graf te schreien. En al schreiend boog zij zich naar het graf toe 12 en zag op de plaats waar Jezus’ lichaam gelegen had, twee in het wit geklede engelen zitten, een aan het hoofdeinde en een aan het voeteneinde. 13 Zij spraken haar aan: ‘Vrouwe, waarom schreit ge?’ Zij antwoordde: ‘Zij hebben mijn Heer weggenomen en ik weet niet waar zij Hem hebben neergelegd.’ 14 Toen zij dit gezegd had, keerde zij zich om en zag Jezus staan, maar zonder te weten dat het Jezus was. 15 Jezus zei tot haar: ‘Vrouw, waarom schreit ge? Wie zoekt ge?’ In de mening dat het de tuinman was, vroeg zij: ‘Heer, mocht gij Hem hebben weggenomen, zeg mij dan waar ge Hem hebt neergelegd, zodat ik Hem kan weghalen.’ 16 Daarop zei Jezus tot haar: ‘Maria!’Zij keerde zich om en zei tot Hem in het Hebreeuws: ‘Rabboeni!’- wat leraar betekent. 17 Toen sprak Jezus: ‘Houd mij niet vast, want Ik ben nog niet opgestegen naar mijn Vader, maar ga naar mijn broeders en zeg hun: Ik stijg op naar mijn Vader en uw Vader, naar mijn God en uw God.’ 18 Maria Magdalena ging aan de leerlingen berichten dat zij de Heer gezien had, en wat Hij haar gezegd had.” (Johannes 20:11-18 WV78)

“28  Gij heb Mij horen zeggen: Ik ga heen, maar Ik keer tot u terug. Als gij Mij zoudt liefhebben, zoudt gij er blij om zijn dat Ik naar de Vader ga, want de Vader is groter dan Ik. 29 Nu, eer het gebeurt, zeg Ik het u, opdat gij, wanneer het gebeurt zult geloven. 30 Veel zal Ik niet meer met u spreken, want de vorst van de wereld is op komst. Weliswaar vermag hij niets tegen Mij, 31 maar de wereld moet weten dat Ik de Vader liefheb en dat Ik handel zoals Hij Mij bevolen heeft. Staat op, laten we hier vandaan gaan.” (Johannes 14:28-31 WV78)

“25 In beelden heb Ik hierover tot u gesproken; er komt een uur, dat Ik niet meer in beelden tot u zal spreken, maar Mij onomwonden tegenover u zal uiten omtrent de Vader. 26 Op die dag zult gij bidden in mijn Naam; het is niet nodig te zeggen dat Ik bij de Vader uw voorspreker zal zijn, 27 want de Vader zelf heeft u lief omdat gij Mij liefhebt en gelooft dat Ik van God ben uitgegaan.
28  Ik ben van de Vader uitgegaan en in de wereld gekomen; weer verlaat Ik de wereld en ga naar de Vader.’” (Johannes 16:25-28 WV78)

“13 Nooit is er iemand naar de hemel geklommen, tenzij Hij die uit de hemel is neergedaald, de Zoon des Mensen. 14 En deze Mensenzoon moet omhoog worden geheven, zoals Mozes eens de slang omhoog hief in de woestijn, 15 opdat eenieder die gelooft in Hem eeuwig leven zal hebben.” (Johannes 3:13-15 WV78)

“15 Ik bid niet, dat Gij hen uit de wereld wegneemt, maar dat Gij hen bewaart voor het kwaad. 16 Zij zijn niet van de wereld, zoals Ik niet van de wereld ben.
17  Wijd hen U toe in de waarheid. Uw woord is waarheid. 18 Zoals Gij Mij in de wereld gezonden hebt, zo zend Ik hen in de wereld, 19 en omwille van hen wijd Ik Mij aan U, opdat ook zij in waarheid aan U toegewijd mogen zijn.” (Johannes 17:15-19 WV78)

“19  In de avond van die eerste dag van de week, toen de deuren van de verblijfplaats der leerlingen gesloten waren uit vrees voor de Joden, kwam Jezus binnen, ging in hun midden staan en zei: 20 ’Vrede zij u.’ Na dit gezegd te hebben toonde Hij hun zijn handen en zijn zijde. De leerlingen waren vervuld van vreugde toen zij de Heer zagen. 21 Nogmaals zei Jezus tot hen: ‘Vrede zij u. Zoals de Vader Mij gezonden heeft, zo zend Ik u.’” (Johannes 20:19-21 WV78)

“1  De geest van Jahwe, mijn Heer, rust op mij, want Jahwe heeft mij gezalfd. Hij heeft mij gezonden om de armen het blijde nieuws te brengen, om te verbinden wier hart gebroken is, om aan de gevangenen vrijlating te melden, en aan de geboeiden de terugkeer naar het licht; 2 om een jaar van Jahwe’s genade te melden, een dag van wraak voor onze God; om alle treurenden te troosten, 3 om aan de treurenden van Sion een kroon te geven in plaats van as, vreugdeolie in plaats van een rouwgewaad, een kleed van roem in plaats van een kwijnend gemoed. Men noemt hen eiken van heil, door Jahwe geplant, een blijk van zijn luister.” (Jesaja 61:1-3 WV78)

“Gij onderzoekt de Schriften in de mening daarin eeuwig leven te vinden, maar juist dezen getuigen over Mij.” (Johannes 5:39 WV78)

“Uit uw eigen broeders zal Jahwe uw God een profeet doen opstaan zoals ik dat ben, naar wie gij moet luisteren.” (Deuteronomium 18:15 WV78)

“18 Jezus trad nader en sprak tot hen: ‘Mij is alle macht gegeven in de hemel en op aarde. 19 Gaat dus en maakt alle volkeren tot mijn leerlingen en doopt hen in de naam van de Vader en de Zoon en de heilige Geest en 20 leert hun te onderhouden alles wat Ik u bevolen heb. Ziet, Ik ben met u alle dagen tot aan de voleinding der wereld.’” (Mattheüs 28:18-20 WV78)

“1  En gij, mijn kind, wees sterk door de genade van Christus Jezus. 2 De leer die gij in het bijzijn van vele getuigen van mij hebt gehoord, geef die door aan betrouwbare mannen, bekwaam om op hun beurt anderen te onderrichten.” (2 Timotheüs 2:1-2 WV78)

“Neem als richtsnoer de gezonde beginselen die gij uit mijn mond hebt vernomen, en houd ze vast in het geloof en de liefde van Christus Jezus.” (2 Timotheüs 1:13 WV78)

“24 Tomas, een van de twaalf, ook Didymus genaamd, was echter niet bij hen, toen Jezus kwam. 25 De andere leerlingen vertelden hem: ‘Wij hebben de Heer gezien.’ Maar hij antwoordde: ‘Als ik niet in zijn handen het teken van de nagelen zie en mijn vinger in de plaats van de nagelen kan steken en mijn hand in zijn zijde leggen, zal ik het niet geloven.’
26  Acht dagen later waren zijn leerlingen weer in het huis bijeen, en nu was Tomas er bij. Hoewel de deuren gesloten waren, kwam Jezus binnen, ging in hun midden staan en zei: ‘Vrede zij u.’ 27 Vervolgens zij Hij tot Tomas: ‘Kom hier met uw vinger en bezie mijn handen. Steek uw hand uit en leg die in mijn zijde, en wees niet langer ongelovig, maar gelovig.’ 28 Toen riep Tomas uit: ‘Mijn Heer en mijn God!’ 29 Toen zei Jezus tot hem: ‘Omdat ge Mij gezien hebt, gelooft ge? Zalig die niet gezien en toch geloofd hebben.’” (Johannes 20:24-29 WV78)

“Wij leven in geloof, wij zien Hem niet.” (2 Corinthiërs 5:7 WV78)

“8 Hem hebt gij lief zonder Hem ooit gezien te hebben. In Hem gelooft gij, ofschoon gij Hem ook nu niet ziet. Hoe onuitsprekelijk, hoe hemels zal uw vreugde zijn, 9 als gij het einddoel van uw geloof, de redding van uw ziel, bereikt.
10  Naar dat heil hebben reeds profeten gezocht en gevorst, toen zij profeteerden over de genade die voor u bestemd was. 11 Zij vroegen zich af op welk tijdstip en welke omstandigheden de Geest van Christus in hen doelde, toen Hij voorspelde al het lijden dat over Christus zou komen, en de daarop volgende verheerlijking. 12 Maar hun werd geopenbaard, dat zij deze boodschap moesten beheren voor u, niet voor zichzelf. En nu is die boodschap bij monde van de evangeliepredikers openlijk aan u verkondigd, in de kracht van de heilige Geest, die van de hemel is neergezonden. Dit zijn geheimen waarin zelfs engelen verlangen door te dringen.” (1 Petrus 1:8-12 WV78)

“Toen zij dit gezegd had, keerde zij zich om en zag Jezus staan, maar zonder te weten dat het Jezus was.” (Johannes 20:14 WV78)

“Terwijl ze daarover spraken, stond Hijzelf plotseling in hun midden en zei: ‘Vrede zij u.’” (Lukas 24:36 WV78)

“43 Hij nam het en at het voor hun ogen op. 44 Hij sprak tot hen: ‘Dit zijn mijn woorden, die Ik tot u sprak, toen Ik nog bij u was: Alles wat over Mij geschreven staat in de Wet van Mozes, in de profeten en psalmen moet vervuld worden.’ 45 Toen maakte Hij hun geest toegankelijk voor het begrijpen van de Schriften. 46 Hij zei hun: ‘Zo staat er geschreven: dat de Christus moest lijden en op de derde dag verrijzen uit de doden 47 en dat in zijn naam bekering tot vergiffenis van de zonden gepredikt moet worden onder alle volken, te beginnen met Jeruzalem. 48 Gij zijt getuigen hiervan 49 Daarom zend Ik tot u wat door mijn Vader beloofd is; blijft dus in de stad, totdat gij uit den hoge met kracht zult zijn toegerust.
50  Nu leidde Hij hen naar buiten tot bij Betanie, hief de handen omhoog en zegende hen. 51 En terwijl Hij hen zegende, verwijderde Hij zich van hen en werd ten hemel opgenomen. 52 Zij aanbaden Hem en keerden met grote blijdschap naar Jeruzalem terug. 53 Zij hielden zich voortdurend op in de tempel en verheerlijkten God.” (Lukas 24:43-53 WV78)

“19  Nadat de Heer Jezus aldus tot hen gesproken had, werd Hij ten hemel opgenomen en zit aan de rechterhand van God. 20 Maar zij trokken uit om overal te prediken, en de Heer werkte met hen mee en schonk kracht aan hun woord door de tekenen die het vergezelden.” (Markus 16:19-20 WV78)

“30 Die Hij heeft voorbestemd, heeft Hij ook geroepen. Die Hij riep, heeft Hij gerechtvaardigd, en die Hij rechtvaardigde, heeft Hij verheerlijkt.
31  Wat moeten wij hieraan nog toevoegen? Indien God voor ons is, wie zal dan tegen ons zijn? 32 Hij heeft zelfs zijn eigen Zoon niet gespaard, voor ons allen heeft Hij Hem overgeleverd. En zou Hij ons na zulk een gave ook niet al het andere schenken? 33 Wie zal Gods uitverkorenen aanklagen? God die rechtvaardigt? 34 Wie zal hen veroordelen? Christus Jezus misschien, die gestorven is, meer nog, die is opgewekt en die, gezeten aan Gods rechterhand, onze zaak bepleit? 35 Wie zal ons scheiden van de liefde van Christus? Verdrukking wellicht of nood, vervolging, honger, naaktheid, levensgevaar of het zwaard? 36 Er staat immers geschreven: Om Uwentwil bedreigt ons de dood de gehele dag; wij worden behandeld als slachtvee. 37 Maar over dit alles zegevieren wij glansrijk, dank zij Hem die ons heeft liefgehad. 38 Ik ben ervan overtuigd, dat noch de dood noch het leven, noch engelen noch boze geesten, noch wat is noch wat zijn zal, en geen macht 39 in den hoge of in de diepte, noch enig wezen in het heelal ons zal kunnen scheiden van de liefde Gods, die is in Christus Jezus onze Heer.” (Romeinen 8:30-39 WV78)

*

Voorgaande rond de dood van Christus Jezus:

Jezus vindt de dood op Golgota op voorbereidingsdag

Gevangenneming en terechtstelling van Christus Jezus

Voor de Wil van Hem die groter is dan Jezus

Op de eerste dag voor matzah

Dienstknecht voor velen terwille van de waarheid van God

De Gezalfde en de eerste dag van de feestperiode van Ongezuurde Broden

In andere talen:

Duitstalig / Deutsch: Nach der Sabbat nach dem Passahfest, die Auferstehung von Jesus Christus

Franstalig / Version en Français: Après le sabbat après la Pesach ou Pâque, la résurrection de Jésus-Christ

Engelstalig: After the Sabbath after Passover, the resurrection of Jesus Christ

+

Vindt ook:
Omtrent de laatste ogenblikken van Jezus zijn leven:
  1. Jesaja profeet en boodschapper van God
  2. Zalving van Christus als profetische repetitie van de begrafenisrituelen
  3. Dienaar van zijn Vader
  4. 14 Nisan, de avond om Christus Zijn predikingswerk te herinneren
  5. 14 Nisan een dag om te herinneren #1 Oorsprong
  6. 14 Nisan een dag om te herinneren #2 In Jezus tijd
  7. 14 Nisan een dag om te herinneren #3 Voor het Overgangsfeest
  8. 14 Nisan een dag om te herinneren #4 Een Gedood Lam
  9. 14 Nisan een dag om te herinneren #5 De te vieren dag
  10. Jezus aanbod op het laatste avondmaal
  11. Teken van het Verbond
  12. Verontrustheid van Jezus
  13. Jezus moest sterven
  14. Een Messias om te Sterven
  15. Een Feestmaal en doodsherinnering
  16. Een Groots Geschenk om te herinneren
  17. Jezus stervensdag
  18. Jezus is verrezen

  19. Niet goddelijkheid van Christus toch
  20. De Afstraling van Gods Heerlijkheid
  21. Achtergelaten aan een paal tot in de dood
  22. Waarom vast houden aan het kruisbeeld
  23. Zweeds theoloog vindt in historische geschriften dat Jezus niet aan een kruis stierf
  24. Een gedicht voor Pasen
  25. Pasen 2006
  26. Niet gebonden door labels maar vrij in Christus
  27. Laat mij kiezen voor eerste-belang-dingen

  28. Alles zal worden opgeslorpt door de overwinning van het goede

  29. Dagelijkse schoonheid

  30. Hoe zullen de doden weer levend gemaakt worden?

+++

  • Thoughts About Easter (donnaharris.wordpress.com)
    Mary completely forgot what Jesus promised he would do on the third day. She turns and quickly runs to find her friends. I imagine her running on a dirt path as fast as she possibly could, stumbling over rocks, tired, sweaty and breathless. Her friends, Peter and John listened as she told them, “They have taken his body away!” and they too ran quickly to see for themselves.
  • He is not here, He is risen, just as He said (prhayz.com)
    After his resurrection, Jesus appeared to the women near the tomb and afterwards at least twice to the disciples while they had gathered at a house in prayer. He visited two of the disciples on the road to Emmaus, and he also appeared at the Sea of Galilee while some of the disciples were fishing.
  • What Happened on Easter? (citizentom.com)
    Some insist the Bible speaks metaphorically. Others insist the Bible speaks of what actually happened. Over and over again the Bible itself says it speaks of what actually happened. As Settled In Heaven explains in Easter Week Devotion: The Importance of the Resurrection, the Apostle Paul took this issue head on in 1 Cor 15:12-23 (KJV).
  • Easter: He is Risen (christianityandvirtue.wordpress.com)
    Today we celebrate the risen Christ. Let us remember the victory we have in Jesus. Death is defeated. Not only are our sins forgiven, but we are being made new; not only  are we being made new, but Christ is saying to us, “I say you are gods.” Let us celebrate the new reality that Christus Victor brings.
  • He IS Alive.. (ourchristianwalkinfaith.wordpress.com)
    After the Sabbath, at dawn on the first day of the week, Mary Magdalene and the other Mary went to look at the tomb.
  • The Empty Tomb (newcovenantofgrace.wordpress.com)
    Simon Peter, who was behind him, arrived and went into the tomb. He saw the strips of linen lying there, as well as the burial cloth that had been around Jesus’ head. The cloth was folded up by itself, separate from the linen.
  • Jesus is Risen!! (myeverydaygod.com)
    This morning turned the deepest grief into the most passionate praise! As the day dawned, death fell in defeat! Jesus is alive!! He is standing! He is seeking those whom He has called.
  • Happy Easter: Christ Has Died, Christ Has Risen (independentsentinel.com)
    Jesus said to her, “Woman, why are you weeping? Whom do you seek?” Supposing him to be the gardener, she said to him, “Sir, if you have carried him away, tell me where you have laid him, and I will take him away.”
  • Jesus is alive, the tomb is empty. (truthorshame.com)
    There are “many infallible proofs” of the bodily resurrection of the Lord Jesus Christ, but the testimony of the empty tomb is the most conclusive of all. Jesus had been buried, with the tomb sealed and guarded by a watch of Roman soldiers. Yet on the third day of His burial, on the morning of the first day of the week, the body was no longer there, and the empty tomb still stands today as an unanswerable proof that the Lord Jesus rose from the dead.
  • When Nothing Meant All (theonlywai.com)
    I attended a service at the crack of dawn to celebrate the resurrection of our Lord and Saviour Jesus Christ. My sacrifice of lost sleep is insignificant compared with His at Calvary, yet denying my flesh those extra 40 winks made today’s service for St John’s and St Luke’s churches in Colchester seem the sweetest Easter I have ever celebrated.
    +
    In minus degrees temperatures at Highwoods Country Park, about 50 folk encircled a camping table bedecked with a tablecloth, bread and wine. Our breath clouded our voices as we joined the bird’s dawn chorus singing praises to the Risen Lord. Our warm booted feet melted the frost encrusting the grass (see our footprints in the pic) as a rosy blanket slowly covered the horizon.

Eerste Eeuw van het Christendom

Geschiedenis van het Christendom

1. De vroege dagen van het Christendom

1.1. Eerste Eeuw van het Christendom

Toen Jezus (Yeshua) op deze Wereld rond liep sprak hij over het Woord van God dat gegeven werd  aan de mensen door het geschrift in de Heilige Boeken. Tijdens zijn gehele dodelijk leven ter wereld, met inbegrip van de twee of drie jaar van zijn actief ministerie, leefde Christus als godsvruchtige Jood, zelf waarnemend, en aandringend op zijn aanhangers om ook de bevelen van de Wet waar te nemen (Mattheüs 23:3). Het algemene van het zijn onderwijs, zoals dat van zijn voorloper, was de benadering van het „Koninkrijk van God“,niet alleen betekenende dat de regel van oprechtheid in het individuele hart ligt (het „koninkrijk van God is binnen u“ – Lukas 17:21), maar ook in de Kerk (zoals duidelijk uit vele van de gelijkenissen) welke hij zou oprichten.[1]

Jarenlang hadden vele mensen die boekrollen bestudeerd. Jezus zijn discipelen, de apostelen schreven een verslag over het leven van Jezus en over de dingen die zij deden om Jezus bekend te maken in de wereld. Hun brieven werden gelezen door velen en heel wat aanhangers van Christus, die als beweging als de Israëlitische sektede Weg” bekend stond, bestudeerden die geschriften van deze apostels. Voor hen was de gehele geschiedenis van de Joden zoals die in het Oude Testament gedetailleerd wordt iets dat zij met volgende generaties moesten delen. Wanneer dit gelezen werd in het licht van andere gebeurtenissen moest het voor hen duidelijk een geleidelijke voorbereiding voor het prediken van Christendom zijn. De nieuwe godsdienst die in bestaan kwam na de dood van Jezus en na de dag van Pinksteren, in 29 G.T., werd eerst geheel beperkt tot de synagoge, en hun leden hadden nog een groot aandeel van Joodse exclusiviteit; de Wet lezend, besnijdenis uitoefenend, en aanbidding in de Tempel, evenals in de Opperkamer in Jeruzalem.

Lange tijd beschouwde het Christendom zich als deel van het Judaïsme. Apostelen waren als Jezus Joden en beschouwden zich nog als Joden. De aanhangers van Christus en degenen die studenten van het onderwijs van Jezus de Nazareen werden en gedoopt werden overwogen om deelgenoten te worden van één of andere communiën, van het lichaam van Christus. Zij hadden hun centrum in Jeruzalem[2] de stad die God aan Zijn mensen had beloofd.

In de eerste eeuw waren de discipelen betrekkelijk gering in aantal. Hun Leider, Jezus, was als een vermeende oproerling terechtgesteld. Aanvankelijk werden die aanhangers van de Jood Jezus nog aanschouwd als deel van de joodse religie die vast in het zadel zat en in Jeruzalem haar luisterrijke tempel had waar zij ook terecht konden.

Rabbijn Jezus leest voor uit de Thora

De eerste christelijke gemeente in de wereldgeschiedenis bestond uit natuurlijke joden en proselieten en werd in 33 G.T. in Jeruzalem opgericht. Met Pinksteren 33 G.T. bevonden zich in Jeruzalem ook joden uit Kappadocië en uit Pontus (Handelingen van de Apostelen2:9). Het kan zijn dat enkele van deze joden uit Pontus die Petrus’ toespraak hoorden, christenen werden en naar hun eigen gebied terugkeerden. Waarschijnlijk verbreidde het christendom zich tengevolge van de aanwezige Kappadociërs al vroeg naar Kappadocië, en werd Petrus zijn eerste brief aan hen en aan „de tijdelijke inwoners die verstrooid zijn in Pontus” en in andere streken van Klein-Azië gericht.(1Petrus 1:1).

In de eerste eeuw bestonden er overal in de omliggende heidense natiën joodse gemeenschappen. Die gemeenschappen hadden synagogen waar mensen geregeld bijeenkwamen om de Schrift te horen voorlezen en bespreken. Aldus waren vroege christenen in staat om voort te bouwen op de religieuze kennis die mensen reeds bezaten (Handelingen 8:28-36; 17:1, 2).

Geleidelijk aan verspreide het Goede Nieuws van het Koninkrijk van God zich en kwamen de volgelingen van Jezus Christus onder goddelijke leiding als christenen bekend te staan. Deze term werd voor het eerst in Syrisch Antiochië gebezigd, van waaruit Barnabas en Paulus, vergezeld van Johannes Markus, aan hun eerste zendingsreis begonnen. (Handelingen 11:26).

Ware christenen deden hun uiterste best om dit goede nieuws, dat een begrip omtrent het heilige geheim bevatte, in „heel de schepping die onder de hemel is” te prediken (1Korinthiërs 2:1; Efeziërs 6:19; Kolossenzen 1:23; 4:3, 4). De apostelen en de andere eerste christenen hebben in dit opzicht een duidelijk voorbeeld gegeven. In Handelingen 5:42 lezen wij over hun activiteit: „Zij bleven zonder ophouden elke dag in de tempel en van huis tot huis onderwijzen en het goede nieuws bekendmaken.”

Het boek over de Handelingen van de Apostelen laat zien dat saamhorigheid voor de eerste christenen een belangrijk deel van hun aanbidding vormde. Wij lezen daar: „En dag aan dag waren zij eensgezind voortdurend in de tempel aanwezig en braken eensgezind het brood van huis tot huis, hun vlees etend met eenheid van hart. En zij loofden God en stonden bij het gehele volk in de gunst, diegenen die gered waren hun vlees etende met vreugde en eensgezindheid van hart” (Handelingen 2:46, 47).

Ook de apostel Paulus vroeg aan de gelovigen eensgezind vast te houden aan het geloof. „Laten wij zonder wankelen vasthouden aan de openbare bekendmaking van onze hoop, want hij die beloofd heeft, is getrouw” (Hebreeën 10:23). Voor hem en de andere apostelen was het duidelijk dat deze openbare bekendmaking zich niet beperkte tot uitingen tijdens bijeenkomsten van de gemeente (Psalm 40:9, 10). Een profetisch gebod om buiten de gemeente, tot de natiën, te prediken, kan gevonden worden in de woorden van Psalm 96:2, 3, 7, 10: „Vertelt van dag tot dag het goede nieuws van de redding door hem. Maakt onder de natiën zijn heerlijkheid bekend, onder alle volken zijn wonderwerken. Geef aan Jahweh/Jehovah glorie en sterkte. Gij geslachten der volken, families van gemeenschappen, brengt Jahweh/Jehovah, glorie en lof. Brengt Adonai Jehovah de glorie welke Zijn Naam toekomt, breng een offer en treed zijn voorhoven binnen. Verkondigt het onder de volken: ’Jehovah zelf is koning geworden.’” En inderdaad gaf Jezus in Mattheüs 28:19, 20 en Handelingen 1:8 Christenen het gebod tot alle natiën te prediken.

Op deze openbare prediking doelt Paulus in zijn verdere woorden tot de gezalfde Hebreeuwse Christenen: „Laten wij door bemiddeling van hem God altijd een slachtoffer van lof brengen, namelijk de vrucht der lippen die zijn naam in het openbaar bekendmaken” (Hebreeën 13:15). Het boek Openbaring laat ons zien dat ook de „grote schare” die uit alle natiën is bijeengebracht, uit personen bestaat die met een luide stem uitroepen: „Redding hebben wij te danken aan onze God, die op de troon is gezeten, en aan het Lam” (Openbaring 7:9, 10).

Christus had met zijn discipelen vaak vergaderd om hun geestelijk onderricht te geven, en na zijn dood zetten zijn leerlingen deze traditie voort. Zijn volgelingen kwamen bijeen, zoals op de pinksterdag in 33 G.T., toen de heilige geest werd uitgestort op degenen die aldus bijeenwaren. (Handelingen der Apostelen 2:1-4). De eerste Christenen hielden er aan zich, meestal in kleine groepen, te verzamelen en regelmatig ofwel in elkaars huis of in de synagoge samen te komen om het Woord van God te bestuderen. Het was voor de eerste joodse christenen niet moeilijk ordelijke, leerzame Bijbelstudiebijeenkomsten te houden, want het grondpatroon hadden zij in de synagogen waarmee zij vertrouwd waren. De fundamentele kenmerken van de in de synagoge geleide diensten werden door de christenen overgenomen voor hun samenkomsten, waar men de Schriften voorlas en uitlegde, elkaar aanmoedigde, bad en God loofde. (1 Korintiërs 14:26-33, 40; Kolossenzen 4:16). Soms was „een aanzienlijke schare” op hun bijeenkomsten aanwezig (Handelingen 11:26).

Zoals in de joodse synagoge was er in de christelijke gemeente ook geen afzonderlijk priesterschap noch een geestelijke die vrijwel alleen aan het woord was. In de synagoge stond het iedere vrome jood vrij een aandeel aan het voorlezen en uitleggen te hebben. Zo ook in de christelijke gemeente werd er verwacht van iedereen dat deze zijn steentje bijdroeg en moesten allen een openbare bekendmaking doen en elkaar tot liefde en voortreffelijke werken aansporen, maar dit moest op ordelijke wijze geschieden (Hebreeën 10:23-25). In de joodse synagoge onderwezen de vrouwen niet en oefenden zij geen autoriteit over mannen uit; op de christelijke vergadering deden zij dat evenmin. Eén Korintiërs hoofdstuk 14 bevat instructies voor de bijeenkomsten van de christelijke gemeente, en er blijkt duidelijk zeer veel overeenkomst te zijn met de gang van zaken in de synagoge. (1 Korintiërs 14:31-35; 1Timotheus 2:11, 12).

Evenals er in de vroege Kerk op het gebied van de verantwoordelijkheid om het evangelie op alle mogelijke manieren te verbreiden, geen onderscheid bestond tussen volle-tijdbedienaren en leken, was er in dit opzicht ook geen onderscheid tussen de seksen. Het stond onomstotelijk vast dat elke Christen was geroepen om een getuige van Christus te zijn, niet alleen door middel van zijn levenswijze, maar ook met zijn lippen. Iedereen moest een apologeet of verdediger van het geloof zijn, op zijn minst in die mate dat hij bereid was een goede uiteenzetting te geven van de hoop die hij bezat. En dit gold zeer nadrukkelijk ook voor vrouwen. Zij hadden een heel groot aandeel aan de bevordering van het christendom.

Verslagen van de vroege kerk vormen het bewijs dat zij de evangelieprediking niet alleen ernstig maar ook letterlijk opvatten. Zelfs de eenvoudigste leden waren boodschappers die de waarheid verbreidden.

De geschiedenis toont aan hoe de eerste christenen, ofschoon zij eerbiedige, ordelievende burgers waren, vastbesloten waren „geen deel van de wereld” te zijn maar toch door te zetten in hun predikingwerk, ook al bracht dit hevige vervolging over hen.

Het christendom groeide van binnenuit op een natuurlijke wijze door de sereniteit van toegewijde aanhangers van Jezus Christus. Het trok mensen aan door haar eigenlijke aanwezigheid en door de rust en vrede welke die Jezus’ volgelingen uitstraalden. Terwijl er geen professionele missionarissen waren die hun geheel leven wijden aan dit specifieke werk, was elke congregatie een missionaire maatschappij, en elke Christelijke gelovige missionaris, ontstoken door de liefde van Christus om zijn medemensen te bekeren. Het voorbeeld werd geplaatst door Jeruzalem en Antiochië, en door die broeders die, na het martelaarschap van Stefanus, „in het buitenland verspreid waren en over gingen tot het prediken van het Woord.“ (Handelingen 8:4; 11:19). Volders, en arbeiders in wol en leer, rustige en onwetende personen, waren de meest ijverige verbreiders van het Christendom, en brachten het eerst tot vrouwen en kinderen. [3] De vrouwen en de slaven introduceerden het in de huiskring. Het was de glorie van het evangelie dat aan de armen en door de armen werd gepredikt om hen rijk te maken. Origenus deelt ons mee dat de stadskerken hun missionarissen naar de dorpen stuurden. Elke Christen vertelde zijn buur, arbeider aan zijn medewerker, de slaaf aan zijn medeslaaf, de bediende aan zijn meester en bazin.

Het evangelie werd voornamelijk verspreid door de wijze van leven, het prediken en door persoonlijke betrekkingen; in belangrijke mate ook door Heilige Schrift, welke reeds vroeg werd verspreid en vertaald in diverse ‘tongen’, het Latijn (Noord Afrika en Italië), Syrisch (Curetoniaans en Peshito), en het Egyptisch (in drie dialecten, Memphitisch, Thebaisch, en Bashmurisch). De communicatie onder de verschillende delen van het Romeinse imperium van Damascus tot Groot-Brittannië was betrekkelijk gemakkelijk en veilig. De wegen die voor handel en voor de Romeinse legioenen gebouwd werden, dienden ook voor de boodschappers van vrede en de stille veroveringen van de Christenheid. De handel zelf op dat ogenblik, evenals nu, was een krachtig agentschap in het uitdragen van het evangelie en het verspreiden van de zaden van Christelijke beschaving tot in de verste delen van het Romeinse Rijk.

Hoewel verschillende caesars als tirannen regeerden, maakten de wetten in de eerste eeuw het gewoonlijk mogelijk ’het goede nieuws te verdedigen en wettelijk te bevestigen’. (Filippenzen 1:7).


[1] Origin of Christianity and its relation with other religions, Catholic Encyclopaedia, New York 1908

[2] Irenæus, “Adversus Hæreses, i. 26

[3] Celsus

+++

Gerelateerde artikels
  • In het begin van de geloofsgemeenschap gaven de volgelingen van Jezus zichzelf de naam van Nazarener-Netzerim-Natzraya. De talmoed verwijst enkele keren naar hen. dat zij als sekte aanschouwd werden valt op te maken aan het Twelth gebed dat door Gamiliel II was toegevoegd aan de Amidahn tegen de Sectairen, de Sekte van de Nazareners-Netzerim-Natzraya. In de talmoed zijn de vroege Messiaanse gelovigen Saduceeën genaamd en soms Essenen of zelfs Netzerim-Natzraya. Rashi maakte er werk van om de titel Netzerim-Natzraya te herstellen daar waar deze was verwijderd, volgens  What Were The Early Believers Called: HaDerech (The Way), The Natzari Sect, Netzerim-Natzraya, Jessaeans, Essene’s, Saducee’s, Christians or Nasaraeans? What Is There Place In Middle Judiasm? (paradoxparables.wordpress.com) waar men ook geschriften aanhaalt waar men meld dat de Nazareners essentieel niet verschilden van de Orthodoxe Joden, aangezien zij de gewoonten, gebruiken en doctrine beoefenden die door de Joodse Wet werden voorgeschreven; behalve dat zij in Christus geloofden. (Epiphanius, “Tegen Ketterijen,” Panarion 29 7 pp 41, 402)
    Zij geloofden in de herrijzenis van de doden en dat het heelal door God werd gecreëerd. Zij predikten dat God één is en dat Jezus Christus zijn zoon was. Zij waren geschoold in de Hebreeuws taal en lazen de Wet (die de Wet van Mozes of Mozaïsche Wet betekent). Vreemd genoeg wordt er dan een onderscheid gemaakt tussen ander Christus volgelingen of Christenen die zich niet hielden aan de Joodse riten, waarmee eigenlijk bedoeld werd op de nieuwe Christenen of gedoopte heidenen. “Daarom verschillen zij…van de ware christenen omdat zij tot nu [zo] Joodse riten als de besnijdenis volbrengen, sabbat en anderen”. (Epiphanius, “Tegen Ketterijen,” Panarion 29 7 pp 41, 402)
  • Ook Earliest (pre-Christian) Nazarenes: Pliny the Elder’s evidence en Earliest Nazarenes: Evidence of Epiphanius gaan in op de benaming van de volgelingen van de Jood Jezus Christus uit Nazareth welke daarom ook wel de Nazareners of Nazoreans (“Panarion 29″ by Epiphanius) werden genoemd. Maar zij werden voor een korte tijd eveneens aangeduid met de benaming “Jessaeans” voor zij in Antiochië als Christenen werden vernoemd. Ook vandaag vinden wij nog de niet-trinitarische Christelijke denominatie ‘Vrienden van de Nazareen’ of “Nazarene Friends”

    “While treating the name of the sect, we may deal here with a short notice by Pliny the Elder which has caused some confusion among scholars. In his Historia Naturalis, Book V, he says: We must now speak of the interior of Syria. Cœle Syria has the town of Apamea, divided by the river Marsyas from the Tetrarchy of the Nazerini; Bambyx, the other name of which is Hierapolis, but by the Syrians called Mabog. This was written before 77 A.D., when the work was dedicated to Titus. The similarity of the name with the Nazerini has led many to conclude, erroneously, that this is an early (perhaps the earliest) witness to Christians  (or Nazarenes) by a pagan writer. Other than this, be it noted, there is no pagan notice of Nazarenes.”
    “… Can Pliny’s Nazerini be early Christians? The answer depends very much on the identification of his sources, and on this basis the answer must be an unequivocal No. It is generally acknowledged that Pliny drew heavily on official records and most likely on those drawn up by Marcus Agrippa (d. 12 B.C.). Jones has shown that this survey was accomplished between 30 and 20 B.C. Any connection between the Nazerini and the Nazarini must, therefore, be ruled out, and we must not attempt to line this up with Epiphanius’ Nazoraioi. One may, however, be allowed to see the Nazerini as the ancestors of today’s Nusairi, the inhabitants of the ethnic region captured some seven centuries later by the Moslems. …” (Neil Godfrey)
    “… everyone called the Christians Nazoraeans, as they say in accusing the apostle Paul, “We have found this man a pestilent fellow and a perverter of the people, a ring-leader of the sect of the Nazoraeans.”  And the holy apostle did not disclaim the name – not to profess the Nazoraean sect, but he was glad to own the name his adversaries’ malice had applied to him for Christ’s sake. For he says in court, “They neither found me in the temple disputing with any man, neither raising up the people, nor have I done any of those things whereof they accuse me. But this I confess unto thee, that after the way which they call heresy, so worship I, believing all things in the Law and the prophets .””

Jezus volgen

Jezus volgen en zijn woorden in ons laten doordringen

Wij als Christenen zouden Jezus moeten volgen en proberen om onszelf te veranderen zodat wij zoals Christus kunnen worden. Onze Hoofdleraar bereidde de weg voor ons voor om onze Vader kunnen direct te mogen  benaderen. Aan onze Vader kunnen wij vragen om ons in het vervullen van de taken die Jezus ons op opdroeg te helpen. Het is de Heilige Geest die ons kan begeleiden en ons de mogelijkheden kan geven om de nodige vaardigheden en middelen te hebben tot het noodzakelijke prediken te komen. God kan ons onder Zijn Geest brengen als wij in de vergaderingen zijn, en als wij verzamelen in naam van Christus.

Het geloof komt uit het horen van de boodschap, en het bericht wordt vandaag gehoord door het woord van Christus die het Woord van God * aan allen bracht, en vandaag moeten wij als gelovigen degenen zijn die dit woord over de grenzen van om het even welke natie kunnen dragen.

“ Zo ontstaat dan het geloof door de prediking, en de prediking geschiedt in opdracht van Christus.” (Romeinen 10:17 WV78)

Het is onder de verdere instructies van Jezus dat wij zouden moeten proberen om ons werk voor God te doen. Hem moeten wij als onze meester nemen, zelfs Messias.

“ En laat u ook geen leraar noemen; gij hebt maar een leraar, de Christus.” (Mattheüs 23:10 WV78)

Cover of "Following Jesus"

Cover of Following Jesus

Ons geloof is in de handen van hem die rechts van de Vader zit. Wij hier ter wereld moeten zijn opdracht tot zijn terugkeer volbrengen . Als de verspreiding van Gods Woord over de gehele aarde zal gebeuren kan het einde komen en zal Jezus allen beoordelen.
Het zijn zijn bevelen die zullen worden in acht genomen, en wij kunnen anderen helpen om deze te leren kennen en te aanvaarden, waarna zij dan gedoopt kunnen worden en opgenomen in onze gemeenschap van gelovigen, die elkaar de broederlijke liefde geven.
Deze liefde van Christus met ons dragend kunnen wij in de wereld uitgaan en zijn onderwijs verder gekend laten worden.

“ Zie naar Jezus, de aanvoerder en voltooier van ons geloof. In plaats van de vreugde die Hem toekwam, heeft Hij een kruis op zich genomen en de schande niet geteld: nu zit Hij aan de rechterzijde van Gods troon.” (Hebreeën 12:2 WV78)

“ Gaat dus en maakt alle volkeren tot mijn leerlingen en doopt hen in de naam van de Vader en de Zoon en de heilige Geest en  leert hun te onderhouden alles wat Ik u bevolen heb. Ziet, Ik ben met u alle dagen tot aan de voleinding der wereld.’” (Mattheüs 28:19-20 WV78)

“ De Blijde Boodschap van het Koninkrijk zal over heel de wereld verkondigd worden tot getuigenis voor alle volkeren en dan zal het einde komen.” (Mattheüs 24:14 WV78)

“ Weest uitvoerders van het woord, en niet alleen toehoorders; dan zoudt gij uzelf bedriegen.” (Jakobus 1:22 WV78)

“ Het is duidelijk dat een mens wordt gerechtvaardigd door daden en niet alleen door geloof.” (Jakobus 2:24 WV78)

“ Zoals het lichaam dood is zonder de ziel, zo is het geloof dood zonder de daad.” (Jakobus 2:26 WV78)

“ Een nieuw gebod geef Ik u: gij moet elkaar liefhebben, zoals Ik u heb liefgehad, zo moet ook gij elkaar liefhebben.  Hieruit zullen allen kunnen opmaken, dat gij mijn leerlingen zijt: als gij de liefde onder elkaar bewaart.’” (Johannes 13:34-35 WV78)

Gaand door geloof, houdende aan het Woord van de Enige God, geven wij ons zelf bloot om door hem te worden verbeterd en anderen te helpen beter te worden, zodat wij allen onze oude persoonlijkheid terzijde kunnen leggen en meer als Christus worden. Dit kan slechts gebeuren als wij onze geest, ons denken herbronnen en laten doordringen door Gods Woord.

“ En beliegt elkaar niet meer. Legt de oude mens met zijn gedragingen af,  bekleedt u met de nieuwe mens, die op weg is naar het ware inzicht, zich vernieuwend naar het beeld van zijn schepper.” (Kolossenzen 3:9-10 WV78)

“ Volgt hieruit, dat wij moeten blijven zondigen om de genade te doen toenemen?  Natuurlijk niet! Hoe zouden wij nog in zonde leven, wij die dood zijn voor de zonde?  Gij weet toch,, dat de doop, waardoor wij een zijn geworden met Christus Jezus, ons heeft doen delen in zijn dood?  Door de doop in zijn dood zijn wij met Hem begraven, opdat ook wij, zoals Christus door de macht van zijn Vader uit de doden is opgewekt, een nieuw leven zouden leiden.  Zijn wij een met Hem geworden door het beeld van zijn dood, dan moeten wij Hem ook volgen in zijn opstanding,  in de overtuiging dat onze oude mens met Hem gekruisigd is; daardoor is aan het bestaan in de zonde een einde gekomen, zodat wij niet langer aan de zonde dienstbaar zijn.” (Romeinen 6:1-6 WV78)

“ Niemand die een lamp aansteekt, zet die in een verscholen hoek of onder de korenmaat, maar op de standaard, opdat wie binnenkomt de lichtglans kan zien.  De lamp van het lichaam is uw oog. Wanneer uw oog helder is, is ook heel uw lichaam verlicht. Is het echter slecht, dan is ook uw lichaam duister.  Zie dus toe, of het licht in u geen duisternis is.  Als nu heel uw lichaam verlicht is, geen plekje donker meer heeft, dan zal het in zijn geheel zo verlicht zijn als wanneer de lamp u met haar helle stralen verlicht.’” (Lukas 11:33-36 WV78)

“ Alles, wat gij wilt dat de mensen voor u doen, doet dat ook voor hen. Dat is Wet en Profeten.” (Mattheüs 7:12 WV78)

“ Elk door God geïnspireerd geschrift dient ook om te onderrichten in de waarheid en dwalingen te weerleggen, om de zeden te verbeteren en de mensen op te voeden tot een rechtschapen leven,  zodat de man Gods voor zijn taak berekend is en toegerust voor elk goed werk.” (2 Timotheüs 3:16-17 WV78)

“ Laten wij onwrikbaar vasthouden aan de belijdenis van onze hoop, want Hij die de beloften deed is betrouwbaar.  Laten we elkaar in het oog houden om met elkaar te wedijveren in liefde en daden van liefde.  Wij moeten niet wegblijven van onze bijeenkomsten, zoals sommigen gewoon zijn te doen; laten we elkaar moed inspreken, en dit te meer naarmate gij de grote dag dichterbij ziet komen.” (Hebreeën 10:23-25 WV78)

“ Roep dan het volk bijeen, de mannen, de vrouwen, de kinderen en de vreemdelingen in uw steden. Zij moeten luisteren en Jahwe uw God leren vrezen, zodat zij al de bepalingen van deze wet nauwgezet volbrengen.” (Deuteronomium 31:12 WV78)

“ In afwachting van mijn komst moet gij u toeleggen op de voorlezing, de vermaning en het onderricht.  Verwaarloos de genadegave niet die in u is en die u krachtens een profetenwoord werd geschonken onder handopleggen van de gezamenlijke presbyters.  Neem dit alles ter harte, ga er geheel in op, dan zullen uw vorderingen voor allen zichtbaar zijn.  Blijf voortdurend zorg besteden aan uzelf en aan uw onderricht. Zodoende redt gij uzelf en hen die naar u luisteren.” (1 Timotheüs 4:13-16 WV78)

“ Op die dag zult gij zeggen: Looft Jahwe, roept zijn naam uit, maakt onder de volken zijn daden bekend, verkondigt zijn hoog verheven naam.  Zingt Jahwe lof, want Hij deed grootse dingen, laat het bekend zijn over heel de aarde!” (Jesaja 12:4-5 WV78)

~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~

* Het Woord van God, de Bestseller aller tijden, hét Boek der Boeken, de Bijbel is nu bijna over de hele wereld beschikbaar in verschijdene talen.

Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen #12 Anabaptisten

Anabaptisten

De Lyonese koopman, Petrus Waldo (of Waldus, ook Valdez)(ca. 1140-1206) las in het evangelie volgens Mattheus 19:21 dat Jezus een rijke jongeman opdraagt al zijn bezit te verkopen ten bate van de armen. Waldo raakte hiervan zo onder de indruk dat hij besloot dit voorbeeld te volgen. Hij gaf zijn bezit aan de armen en ging prediken. Gelijkaardig aan de arme priesters van Engeland vindt hij dat een goed christen een bezitloos en arm leven moet leiden.

Petrus Waldo

Waldes’ volgelingen trokken rond op sandalen in de Provence, Languedoc, Sicilië en in de dalen van Piemonte bij Torino, waarbij mannen èn vrouwen predikten.  Hier komt duidelijk de opvolging van Christus leer om te prediken naar voor, waarbij er totaal geen sprake is van een geestelijke hiërarchie. Het zijn allemaal Broeders van Christus die Jezus’ voorbeeld navolgen en de Blijde boodschap verkondigen. Omdat zij dit als leken deden, veroordeelde de paus paus Lucius III hen op het concilie van Verona in 1184 als ketters. Hij herhaalde dit op het concilie van Lateranen in 1215 nog eens. Doordat ze in de ban werden gedaan, werden ze eeuwenlang vervolgd en werden tienduizenden Waldenzen vermoord. Toch nam hun aantal toe in Zuid-Frankrijk en Noord-Italië. Aanvankelijk werden zij gesteund door de Zuid-Franse adel, die zich op deze wijze los wilde maken van de koning van Frankrijk. Het meest bekende bloedbad is dat van Mérindol en Cabrières in de Zuidelijke Luberon in 1545. Door het Edict van Nantes uit 1598 kregen de protestanten in Frankrijk godsdienstvrijheid, maar Lodewijk XIV herriep dit edict in 1685, waardoor er opnieuw een verdrukkingsgolf ontstond. Er werd een kruistocht tegen de Waldenzen gericht. Ze verborgen zich echter in de dalen van de Alpen, ten zuidwesten van Turijn. De groep telde ongeveer 700 mensen. Het koninklijk leger probeerde hen daar te verslaan, waarna er slechts 250 mensen over waren.

Pijniging van Waldenzen te Atrecht, Luyken, Casper (1672-1708) 1700 prent

Als ernstige Bijbelonderzoekers en Bijbelgetrouwen vonden de Waldenzen dat zij zich niet mochten verzetten met geweld en verwierpen de wapendracht. Zij wensten ook geen eden af te leggen en onthielden zich van en allerlei kathaarse theorieën en kerkelijke gewoonten zoals aflaatpraktijken en het opdragen van missen voor de overledenen.

Uit de Waldenzen ontstonden doopsgezinde broeders. Omstreeks het jaar 1525 traden de anabaptisten voor het eerst op de voorgrond, en wel in Zürich (Zwitserland). Vanuit die stad verbreidden hun geloofsovertuigingen zich snel naar veel delen van Europa. De vroege zestiende-eeuwse Reformatie had enkele veranderingen teweeggebracht, maar naar de mening van de anabaptisten was men niet ver genoeg gegaan. De doopsgezinden waren onafhankelijke Broeders in Christus. Doordat er geen hierarchie was of een algemeen besturend orgaan vormden zij een  beweging met een groot aantal verschillende groepen met eigen theologische opvattingen. Doch kan men stellen dat de belangrijkste gemeenschappelijke kenmerken van de dopers de opvatting is dat wedergeboorte de voorwaarde is voor het toedienen van de doop. Om wedergeborente kunnen worden moet men besef hebben van wat men gedaan heeft.  Als men het leven is ingegaan is men geboren, maar als men tot Jezus Christus komt en zich wil overgeven aan God kan men tot een wedergeboorte komen. Met volheid van verstand kan men enkel die keuze maken. Daarom kan men alleen volwassenen dopen. Omdat men zelfs aan iemand die als baby was gedoopt verzocht zich te laten “herdopen”, gaf men hun de naam „anabaptisten”, wat „wederdopers” betekent.  (Matthéüs 28:19; Handelingen 2:41; 8:12; 10:44-48)

Groepsdoop in een rivier van de Anabaptisten, schilderij van Jeanron

De onafhankelijke opstelling, in het verlengde van de gedachte van de Waldenzen en “poor priests” of “arme priesters” maakte dat zij ook een kerk zagen als een vereniging op basis van vrijwilligheid, los van invloed van de staat, waartoe mensen als zij tot de jaren van verstand waren gekomen konden toetreden. Zij die gedoopt waren moesten dit doopsel ook tot uiting brengen in hun geloof en hun daden. Zij moesten geen academisch geschoolde theologen worden, maar het prediken moest in hun hart en op hun tong liggen. Op deze punten braken de dopers met de middeleeuwse traditie waarin de samenleving gezien werd als een christelijke maatschappij (het corpus christianum) en liepen zij vooruit op de moderne scheiding van kerk en staat.

In hun verlangen tot de christelijke leer van de eerste eeuw terug te keren, verwierpen zij meer van het rooms-katholieke dogma dan Maarten Luther en andere hervormers hadden gedaan.

„Voor de anabaptisten was de ware Kerk een gemeenschap van gelovigen”, schrijft dr. R. J. Smithson in zijn boek The AnabaptistsTheir Contribution to Our Protestant Heritage.Als zodanig beschouwden zij zich als een vereniging van gelovigen binnen de gemeenschap als geheel, en in het begin kenden zij geen speciaal opgeleide of betaalde predikanten. Evenals Jezus’ discipelen waren zij rondtrekkende predikers die steden en dorpen bezochten en de mensen aanspraken op de markt, in werkplaatsen en in huizen. (Matthéüs 9:35; 10:5-7, 11-13; Lukas 10:1-3). Voor hen moesten er geen speciale kerkgebouwen zijn om God te aanbidden en kon dat even goed in een schuur gedaan worden, wat dan ook meermaals gebeurde om de vele volgelingen op te vangen.

Anabaptist martelaar Maria van Beckum haar broeders vrouw, 1554

Men ging ervan uit dat elke anabaptist persoonlijk rekenschap verschuldigd was aan God, dat hij een vrije wil bezat en zijn geloof door middel van zijn werken toonde maar toch wist dat redding niet alleen door werken werd verkregen. Als iemand tegen het geloof zondigde, kon hij uit de gemeente worden geworpen, want voor hen was het belangrijk dat de gehele gemeenschap zuiver bleef. Verschillen in opvatting over de omgang met zondaars en de mate van wereldmijding leidden tot een grote versplintering van de beweging. Herstel volgde alleen nadat oprecht berouw was getoond. (1 Korinthiërs 5:11-13; vergelijk 2 Korinthiërs 12:21).

Net als de vroege christenen werden ook de anabaptisten niet begrepen. En net als de vroege christenen werden zij beschouwd als personen die de gevestigde maatschappelijke orde verstoorden en ’de bewoonde aarde ondersteboven keerden’ (Handelingen 17:6). In Zürich kantten de autoriteiten, die aan de zijde stonden van de hervormer Huldrych Zwingli, zich vooral tegen de anabaptisten omdat zij de kinderdoop verwierpen. In 1527 brachten zij Felix Mantz, een van de anabaptistische leiders, op wrede wijze door verdrinking om het leven en vervolgden zij de Zwitserse anabaptisten zo hevig, dat zij bijna werden uitgeroeid.

In Duitsland werden de anabaptisten zowel door de katholieken als de protestanten hevig vervolgd. Een keizerlijke verordening, die in het jaar 1528 werd uitgevaardigd, bepaalde dat een ieder die anabaptist werd, zonder enige vorm van proces ter dood gebracht zou worden. De vervolging in Oostenrijk deed de meeste aldaar woonachtige anabaptisten hun toevlucht zoeken in Moravië, Bohemen en Polen, en later in Hongarije en Rusland.

Toen zo veel oorspronkelijke leiders stierven, was het onvermijdelijk dat extremisten op de voorgrond traden. Zij brachten een onevenwichtigheid met zich mee die aanleiding gaf tot veel verwarring en tot gevolg had dat men de maatstaven die men in de beginperiode had gehanteerd, liet varen. Dit trad op tragische wijze aan het licht in het jaar 1534, toen de extremisten met geweld het stadsbestuur van Münster (Westfalen) overnamen. Het jaar daarop werd de stad na veel bloedvergieten en martelingen heroverd. Deze episode strookte niet met de werkelijke anabaptistische leer en heeft er veel toe bijgedragen hen in diskrediet te brengen. Sommige gelovigen trachtten zich van de naam anabaptisten te ontdoen door zich „baptisten” te noemen. Maar welke naam zij ook kozen, zij werden toch nog het slachtoffer van oppositie en in het bijzonder van de katholieke inquisitie.

Melchior Hofmann (ca. 1500 – 1543) van oorsprong een Lutherse lekenprediker hield er chiliastische ideeën op na, wat inhield dat hij er in geloofde dat na de wederkomst van Christus een duizendjarig vrederijk en/of een paradijs op aarde zou vestigen. Met zijn apocalyptische preken en geschriften had hij grote invloed op het ontstaan van het doperse rijk van Münster in 1534 onder leiding van de door Jan Matthijs gedoopte Jan van Leiden (Jan of Johan Beukelsz van Leiden, Johann Bockelson of Johan Beukelszoon) (15091536) die het niet zo nauw nam met getrouwheid aan één vrouw en er 17 tot zich nam.

Melchior Hofmann

De Haarlemse bakker Jan Matthijs (ook bekend als Jan Matthias, Johan Mathijszoon) (ca. 15001534) was rond 1520 door toedoen van Melchior Hoffman wederdoper geworden. Deze laatste had Matthijs met zijn toekomstvisioenen geïnspireerd. Nadat Hoffman gevangen was gezet werd Matthijs een vooraanstaand leider bij de wederdopers. Hij stuurde Jan van Leiden als apostel naar Münster om de wederdopers aldaar te ondersteunen. De geweldloosheid die Hoffman had uitgedragen werd door Matthijs verworpen. Hij was de mening toegedaan dat bij onderdrukking gewapend verzet geoorloofd was. Met Jan van Leiden en Bernhard Rottmann probeerde hij in Münster een “Duizendjarig vrederijk” te stichten, dat nog geen twee jaar duurde.

Hofmann, die rondreisde in Oost-Friesland en Holland tot 1532 als prediker, wist daar de grondslag te leggen voor een sterke doperse beweging en zijn ideaal van de geweldloosheid werd overgenomen door de latere Friese doperse leider Menno Simons (ca. 14961561), een voormalig rooms-katholiek priester die door heel het Duitse taalgebied christelijke gemeenten oprichtte. deze ging ook uit van het zuivere apostelschap van de christelijke gemeente die volledig zuiver moest gehouden worden, ‘zonder vlek of rimpel’ (Efezen5:27) . Zijn volgelingen worden nu als oudste nog bestaande doperse kerk beschouwd en zijn gekend origine Doopsgezinden. Die mennonieten of mennisten vallen op door hun ouderwetse kledij en gebruiken omdat zij alle hedendaagse ‘onnatuurlijke” hulpmiddelen afzweren. Het streven naar een geweldloze wereld, het weigeren van de eed en de persoonlijke belijdenis van mondige mensen, in plaats van het onderschrijven van de door de kerk vastgelegde teksten is gebleven. Zij kennen noch steeds geen ambtsdragers zoals er ook geen zijn bij de Christadelphians, waar ook niets moet maar mag. De predikanten worden beschouwd als gewoon lid van de gemeente te midden van alle anderen. In 2004 waren er ongeveer 1 miljoen mennonieten en 1,5 miljoen in 2006 met de grootste groeperingen in Canada, de Democratische Republiek van Congo and the Verenigde  Staten van Amerika.

Ten slotte emigreerden groepen anabaptisten, op zoek naar meer vrijheid en vrede. Op het ogenblik treffen wij hen zowel in Noord- en Zuid-Amerika als in Europa aan. Veel groeperingen hebben een zekere invloed ondervonden van hun vroege leerstellingen, zoals onder andere het door George Fox in 1649 opgerichte “Genootschap der Vrienden” dikwijls beter gekend onder de naam Quakers.Verder baptisten en de Plymouth Brethren. De quakers delen de door de anabaptisten gekoesterde haat ten opzichte van oorlog en de gedachte van leiding door een ’innerlijk licht’.

Not a mennonite

Mennonitische zusters

De anabaptisten bestaan thans voornamelijk voort in twee specifieke groeperingen. De eerste is die der Hutterse Broeders, genoemd naar hun zestiende-eeuwse leider Jacob Hutter. In de quakergemeenschap in Nederland, evenals elders in de wereld, bestaan verschillende affiniteiten waaronder een evangelische, vrijzinnig-christelijke en universalistische. Zoals de de minder radicale Mennonietische hoofdstroom en de Alsaser Anabaptistische  schismatise strekking van Jakob Amman (16441730) de Old Order Mennonite en de groep beter gekend onder de naam Amish (Amisch, Amische) of Amish Mennonites heeft men enkele Quaker groeperingen die het werelds genot verwerpen en een ascetisch leven nastreven. Veel Amish gemeenschappen emigreerden  vanaf 1737 vanuit Europa  naar Noord-Amerika omdat hun levenswijze in Europa vaak nauwelijks getolereerd werd. Dit gebeurde onder invloed van de uitnodiging van William Penn die ook de andere religieuze minderheden zoals Quakers en Hernhutters had gevraagd om naar zijn kolonie Pennsylvania in Noord-Amerika te komen om zich daar te vestigen. Zo’n 500 Amish gingen op deze uitnodiging in. In de 19e eeuw, als reactie op politieke (Franse Revolutie) en economische (Industriële revolutie) veranderingen, volgden nog eens 3.000 personen. Als gevolg hiervan stonden in 2005 zo’n 224.000 Amish geregistreerd in 22 Amerikaanse staten, waarvan het merendeel in Pennsylvania, Ohio en Indiana waar zij nog Pennsylvania Dutch of Pennsylvania German spreken. Dezen hebben wel districten die  worden geleid door een bisschop, enkele ministers en diaken.  Hun leden zijn wel gebonden door opgelegde strengen gemeenschapsregels: de Ordnung. Deze regels bedekken de meeste aspecten van het dagelijkse leven en omvatten verboden of beperkingen op het gebruik van elektrische leidingselektriciteit, telefoons en auto’s evenals voorschriften op kledij. Alsook wordt er de voorkeur gehouden zich afstandelijk te houden van de rest van de wereld. Behalve voor een tijdelijk moment wanneer de jongeren voor de beslissing om over te gaan tot hun doop even in de wereld worden losgelaten om zo hun keuze te bepalen. Deze kennismaking met de rest van de wereld tijdens adolescentie wordt rumspringa (Rumschpringe of Rumshpringa) of “rondlopen” genoemd. Niet alle amishe mennonieten gebruiken deze term (in de verlengde discussie over adolescentie treft men het niet aan bij die van Hostetler) , maar in groepen die het wel doen wordt deze tijd door de amishe ouderen aanschouwd als een tijd voor verkering en het vinden van een echtgenoot/echtgenote. Bij de Amish die zich verzette tegen autogebruik werd de Groffdale Conferentie mennonietische  Kerk of Groffdale Conference Mennonite Church (die ook naar Bisschop Joseph Wenger is genoemd). De rest van de Weaverland Conferentie is gekend onder de naam Horning Church of “Black-bumped Mennonites” (Zwart-Verdrongen mennonieten) voor hun vroegere gewoonte om van hun gekochte auto’s het opzichtige chroom met zwarte verf te verdoezelen.

Mennonitisch zusters anno 2011 zonder gordel

Tag Cloud

The Eccentric Fundamentalist

Musings on theology, apologetics, practical Christianity and God's grace in salvation through Jesus Christ

John 20:21

"As the Father has sent me, so I am sending you."

The Biblical Review

Reviewing Publications, History, and Scripture

Words on the Word

Blog by Abram K-J

Bybelverskille

Hier bestudeer ons die redes vir die verskille in Bybelvertalings.

Michael Bradley - Time Traveler

The official website of Michael Bradley - Author of novels, short stories and poetry involving the past, future, and what may have been.

BIBLE Students DAILY

"Be faithful unto death, and I will give you the crown of life." Revelation 2:10

God's Simple Kindness

A place to share your daily blessings

takeaminutedotnet

All the Glory to God

Religieus Redeneren

Gedachten en berichten over hedendaags (on)geloof

Jesse A. Kelley

A topnotch WordPress.com site

JWUpdate

JW Current Apostate Status and Final Temple Judgment - Web Witnessing Record; The Bethel Apostasy is Prophecy

Sophia's Pockets

Wisdom Withouth Walls

ConquerorShots

Spiritual Shots to Fuel the Conqueror Lifestyle

Examining Watchtower Doctrine

Truth Behind the "Truth"

Theological NoteBook

Dabbling into Theology

sowers seed

be careful 'how you hear'

Next Comes Africa

If I take the wings of the morning, and dwell in the uttermost parts of the sea; Even there shall thy hand lead me, and thy right hand shall hold me - Psalm 139: 9,10

friarmusings

the musings of a Franciscan friar...

%d bloggers like this: