An other Christian WordPress.com site – Een andere Christelijke WordPress.com site

Posts tagged ‘Profetie’

Gods Uitspraken opgetekend in een boek

De Allerhoogste Schepper van hemel en aarde heeft door Zijn woord alles doen ontstaan en laat Zijn Woord tot in eeuwigheid verder duren.

 

 

Schrift door God geïnspireerd om ernstig te nemen

“Is er ooit een volk geweest dat net als u vanuit een vuur de stem van een god heeft gehoord en dat heeft overleefd?” (Deuteronomium 4:33 NBV)

“Vanuit de hemel heeft hij zijn stem laten horen om u op te voeden, en op aarde heeft hij u dat grote vuur laten zien en vanuit het vuur zijn geboden bekendgemaakt.” (Deuteronomium 4:36 NBV)

“En de HEER strekte zijn hand uit, raakte mijn mond aan en zei tegen mij: ‘Hiermee leg ik mijn woorden in jouw mond.” (Jeremia 1:9 NBV)

“11  De HEER zei: ‘Wie heeft de mens een mond gegeven? Wie maakt iemand stom of doof, ziende of blind? Wie anders dan ik, de HEER? 12  Ga nu, ik zal bij je zijn als je moet spreken en je de woorden in de mond leggen.’” (Exodus 4:11-12 NBV)

“want nooit is een profetie voortgekomen uit menselijk initiatief: mensen die namens God spraken werden daartoe altijd gedreven door de heilige Geest.” (2 Petrus 1:21 NBV)

“9  Denk terug aan alles wat eertijds is gebeurd. Ik ben God, er is geen ander, ik ben God, niemand is aan mij gelijk. 10  Die in het begin al het einde aankondigde en lang tevoren wat nog gebeuren moest. Die zegt: ‘Wat ik besluit, wordt van kracht, en alles wat ik wil, breng ik ten uitvoer.’” (Jesaja 46:9-10 NBV)

“12  Allen die vroom en in eenheid met Christus Jezus willen leven, zullen worden vervolgd. 13  Slechte mensen en oplichters zullen van kwaad tot erger vervallen; het zijn bedriegers die zelf bedrogen worden. 14  Maar jij, blijf bij alles wat je geleerd hebt en met overtuiging hebt aangenomen. Je weet wie je leraren waren 15  en bent van kindsbeen af vertrouwd met de heilige geschriften die je wijsheid kunnen geven, zodat je wordt gered door het geloof in Christus Jezus. 16  Elke schrifttekst is door God geïnspireerd en kan gebruikt worden om onderricht te geven, om dwalingen en fouten te weerleggen, en om op te voeden tot een deugdzaam leven, 17  zodat een dienaar van God voor zijn taak berekend is en voor elk goed doel volledig is toegerust.” (2 Timotheüs 3:12-17 NBV)

“Ik zal in hun midden profeten laten opstaan zoals jij. Ik zal hun mijn woorden ingeven, en zij zullen het volk alles overbrengen wat ik hun opdraag.” (Deuteronomium 18:18 NBV)

“Hij was het die, toen het volk in de woestijn bijeen was, als bemiddelaar optrad tussen onze voorouders en de engel die op de berg Sinai tegen hem sprak, hij was het die de levenbrengende woorden ontving om ze aan ons door te geven.” (Handelingen 7:38 NBV)

“Geloof je niet dat ik in de Vader ben en dat de Vader in mij is? Ik spreek niet namens mezelf als ik tegen jullie spreek, maar de Vader die in mij blijft, doet zijn werk door mij.” (Johannes 14:10 NBV)

“maar als dat wel het geval is en u gelooft me toch niet, geloof dan tenminste wat ik doe. Dan zult u begrijpen dat de Vader in mij is en dat ik in de Vader ben.’” (Johannes 10:38 NBV)

“Dit zei God, de HEER, de Heilige van Israël: ‘In rust en inkeer ligt jullie redding, in geduld en vertrouwen ligt jullie kracht.’ Maar jullie wilden niet.” (Jesaja 30:15 NBV)

“12  Ik, ik ben het die jullie troost. Hoe kun je dan bang zijn voor een sterveling, voor een mensenkind dat vergaat als gras? 13  Hoe kun je de HEER vergeten, die je gemaakt heeft, die de hemel heeft uitgespannen en de aarde gegrondvest? Hoe kun je je zo laten beheersen door angst voor de toorn van je belagers, voor hun pogingen je te vernietigen? Waar blijven die belagers met hun toorn?” (Jesaja 51:12-13 NBV)

“Wees niet bang voor hen die wel het lichaam maar niet de ziel kunnen doden. Wees liever bang voor hem die in staat is én ziel én lichaam om te laten komen in de Gehenna.” (Mattheüs 10:28 NBV)

“7  Het gras verdort en de bloem verwelkt wanneer de adem van de HEER erover blaast. Ja, als gras is dit volk.’ 8  Het gras verdort en de bloem verwelkt, maar het woord van onze God houdt altijd stand.” (Jesaja 40:7-8 NBV)

“zo geldt dit ook voor het woord dat voortkomt uit mijn mond: het keert niet vruchteloos naar mij terug, niet zonder eerst te doen wat ik wil en te volbrengen wat ik gebied.” (Jesaja 55:11 NBV)

“Dit verbond sluit ik met hen-zegt de HEER: mijn geest, die op jou rust, en de woorden die ik je in de mond heb gelegd, zullen uit jouw mond niet wijken, noch uit de mond van je kinderen, noch uit de mond van je kindskinderen, van nu tot in eeuwigheid-zegt de HEER.” (Jesaja 59:21 NBV)

“Ik verzeker jullie: zolang de hemel en de aarde bestaan, blijft elke jota, elke tittel in de wet van kracht, totdat alles gebeurd zal zijn.” (Mattheüs 5:18 NBV)

“Hemel en aarde zullen verdwijnen, maar mijn woorden zullen nooit verdwijnen.” (Mattheüs 24:35 NBV)

“Maar nog eerder vergaan hemel en aarde dan dat er ook maar één tittel van de wet wegvalt.” (Lukas 16:17 NBV)

*

Neergeschreven namens God om op te voeden tot een deugdzaam leven

“23  En dit is niet alleen voor hem geschreven, 24 maar ook voor ons, want ook wij zullen als rechtvaardigen worden aangenomen omdat we geloven in hem die Jezus, onze Heer, uit de dood heeft opgewekt:” (Romeinen 4:23-24 NBV)

“Alles wat vroeger is geschreven, is geschreven om ons te onderwijzen, opdat wij door te volharden en door troost te putten uit de Schriften zouden blijven hopen.” (Romeinen 15:4 NBV)

“16 Elke schrifttekst is door God geïnspireerd en kan gebruikt worden om onderricht te geven, om dwalingen en fouten te weerleggen, en om op te voeden tot een deugdzaam leven, 17 zodat een dienaar van God voor zijn taak berekend is en voor elk goed doel volledig is toegerust.” (2 Timotheüs 3:16-17 NBV)

“19  Ons vertrouwen in de woorden van de profeten is daardoor alleen maar toegenomen. U doet er goed aan uw aandacht altijd daarop gericht te houden, als op een lamp die in een donkere ruimte schijnt, totdat de dag aanbreekt en de morgenster opgaat in uw hart. 20 Besef daarbij vooral dat geen enkele profetie uit de Schrift een eigenmachtige uitleg toelaat, 21 want nooit is een profetie voortgekomen uit menselijk initiatief: mensen die namens God spraken werden daartoe altijd gedreven door de heilige Geest.” (2 Petrus 1:19-21 NBV)

“die in de hemel moest worden opgenomen tot de tijd aanbreekt waarover God van oudsher bij monde van zijn heilige profeten heeft gesproken en waarin alles zal worden hersteld.” (Handelingen 3:21 NBV)

“De HEER heeft deze woorden-deze, en niet meer-tot u gesproken toen u daar bijeen was. Met een geweldig stemgeluid kondigde hij op de berg zijn geboden af, vanuit vuur en dreigende, donkere wolken, en hij schreef ze op twee stenen platen en gaf die aan mij.” (Deuteronomium 5:22 NBV)

“8 Schrijf alle bepalingen van deze wet heel duidelijk op die stenen.’ 9 Omringd door de Levitische priesters zei Mozes tegen heel Israël: ‘Wees stil en luister, Israël. Vandaag bent u het volk van de HEER, uw God, geworden. 10 Wees hem daarom gehoorzaam en leef zijn geboden en wetten na, zoals ik ze u nu heb voorgehouden.’” (Deuteronomium 27:8-10 NBV)

“2 ‘De geest van de HEER sprak in mij, zijn woorden zijn op mijn tong. 3 De God van Israël heeft gesproken, de rots van Israël heeft over mij gezegd: “Wie rechtvaardig heerst over de mensen, heerst in diep ontzag voor God. 4 Hij is als een stralende morgenzon die na de regens opkomt aan een wolkeloze hemel en met zijn warmte het jonge groen laat opschieten.”” (2 Samuël 23:2-4 NBV)

“Is mijn woord niet als een vuur, als een hamer die een rots verbrijzelt? spreekt de HEER.” (Jeremia 23:29 NBV)

“Toen zei hij: ‘Luister, dit zegt de HEER over Zerubbabel: Niet door eigen kracht of macht zal hij slagen-zegt de HEER van de hemelse machten-maar met de hulp van mijn geest.” (Zacharia 4:6 NBV)

“Ze lieten de woorden en vermaningen die de HEER van de hemelse machten hun door zijn geest bij monde van de vroegere profeten voorhield niet tot zich doordringen, maar sloten zich ervoor af. Daarom werden ze getroffen door de toorn van de HEER van de hemelse machten.” (Zacharia 7:12 NBV)

“Zelf heeft David, geïnspireerd door de heilige Geest, gezegd: “De Heer sprak tot mijn Heer: ‘Neem plaats aan mijn rechterhand, tot ik je vijanden onder je voeten heb gelegd.’ ”” (Markus 12:36 NBV)

“‘Broeders en zusters, het schriftwoord waarin de heilige Geest bij monde van David heeft gesproken over Judas, de gids van hen die Jezus gevangen hebben genomen, moest in vervulling gaan.” (Handelingen 1:16 NBV)

“Zo heeft God echter in vervulling doen gaan wat hij bij monde van alle profeten had aangekondigd: dat zijn messias zou lijden en sterven.” (Handelingen 3:18 NBV)

“(12:14) Door een profeet leidde de HEER Israël uit Egypte weg, door een profeet werd Israël gehoed.” (Hosea 12:13 NBV)

“Dit is de troost in mijn ellende: dat uw belofte mij doet leven.” (Psalmen 119:50 NBV)

“Want de lessen van je vader en je moeder zijn een lamp, een licht dat je vermaant en de weg wijst naar het leven.” (Spreuken 6:23 NBV)

“maar als ze mij liefhebben en doen wat ik gebied, bewijs ik hun mijn liefde tot in het duizendste geslacht.” (Exodus 20:6 NBV)

“De HEER zei tegen Mozes: ‘Kom naar mij toe, de berg op, en wacht daar; dan zal ik je de stenen platen geven waarop ik de wetten en geboden heb geschreven om het volk te onderrichten.’” (Exodus 24:12 NBV)

“Houd je aan je verplichtingen tegenover de HEER, je God: gehoorzaam hem en neem zijn bepalingen, geboden, rechtsregels en voorschriften in acht, zoals die zijn vastgelegd in de wetten van Mozes. Dan zul je slagen in alles wat je doet en onderneemt,” (1 Koningen 2:3 NBV)

“Blijf volkomen toegewijd aan de HEER, onze God, door zijn voorschriften te volgen en u aan zijn geboden te houden, zoals u dat nu ook doet.’” (1 Koningen 8:61 NBV)

“Of zegt hij dit om ons? Om ons natuurlijk, want het is ook om ons dat er staat: ‘Een ploeger en een dorser werken beiden in de hoop op een aandeel in de oogst.’” (1 Corinthiërs 9:10 NBV)

“Wat hun overkomen is, moet ons tot voorbeeld strekken; het is geschreven om ons, voor wie de tijd ten einde loopt, te waarschuwen.” (1 Corinthiërs 10:11 NBV)

“want de HEER straft wie hij liefheeft, zoals een vader die houdt van zijn zoon.” (Spreuken 3:12 NBV)

“En hij moet zich houden aan de betrouwbare boodschap die in overeenstemming is met de leer, zodat hij in staat is om anderen met heilzaam onderricht te bemoedigen en dwarsliggers terecht te wijzen.” (Titus 1:9 NBV)

“ontuchtplegers, knapenschenders, slavenhandelaars, leugenaars en plegers van meineed. De wet is er voor alles wat indruist tegen de heilzame leer,” (1 Timotheüs 1:10 NBV)

“Iemand die iets anders onderwijst en niet instemt met de heilzame woorden van onze Heer Jezus Christus en de leer van ons geloof,” (1 Timotheüs 6:3 NBV)

“Neem als richtsnoer de heilzame woorden die je van mij hebt gehoord, houd vast aan het geloof en aan de liefde die in Christus Jezus zijn.” (2 Timotheüs 1:13 NBV)

“Dát is pas een waar woord! Wijs hen daarom streng terecht, zodat ze een heilzaam geloof krijgen,” (Titus 1:13 NBV)

“Kennelijk bent u de bemoediging vergeten die tot u als tot kinderen wordt gericht: ‘Mijn zoon, je mag een vermaning van de Heer nooit terzijde schuiven en nooit opgeven als je door hem terechtgewezen wordt,” (Hebreeën 12:5 NBV)

“Zijn leerlingen dachten aan wat er geschreven staat: ‘De hartstocht voor uw huis zal mij verteren.’” (Johannes 2:17 NBV)

“De Geest maakt levend, het lichaam dient tot niets. Wat ik gezegd heb is Geest, en leven.” (Johannes 6:63 NBV)

“23 Jezus antwoordde: ‘Wanneer iemand mij liefheeft zal hij zich houden aan wat ik zeg, mijn Vader zal hem liefhebben en mijn Vader en ik zullen bij hem komen en bij hem wonen. 24 Maar wie mij niet liefheeft, houdt zich niet aan wat ik zeg, en wat jullie mij horen zeggen, zijn niet mijn woorden, maar de woorden van de Vader door wie ik gezonden ben. 25  Dit alles zeg ik tegen jullie nu ik nog bij jullie ben. 26 Later zal de pleitbezorger, de heilige Geest die de Vader jullie namens mij zal zenden, jullie alles duidelijk maken en alles in herinnering brengen wat ik tegen jullie gezegd heb. 27 Ik laat jullie vrede na; mijn vrede geef ik jullie, zoals de wereld die niet geven kan. Maak je niet ongerust en verlies de moed niet. 28  Jullie hebben toch gehoord dat ik zei dat ik wegga en bij jullie terug zal komen? Als je me liefhad zou je blij zijn dat ik naar mijn Vader ga, want de Vader is meer dan ik. 29 Ik vertel jullie dit nu, voordat het gebeurt, zodat jullie het geloven wanneer het zover is. 30 Ik kan niet lang meer met jullie spreken, want de heerser van deze wereld is al onderweg. Hij heeft geen macht over mij, 31 maar zo zal de wereld weten dat ik de Vader liefheb en doe wat de Vader me heeft opgedragen. Kom, laten we hier weggaan.’” (Johannes 14:23-31 NBV)

“Jezus zei: ‘Wat ik onderwijs heb ik niet van mijzelf, maar van hem die mij gezonden heeft.” (Johannes 7:16 NBV)

“Ik heb niet namens mezelf gesproken, maar de Vader die mij gezonden heeft, heeft me opgedragen wat ik moest zeggen en hoe ik moest spreken.” (Johannes 12:49 NBV)

“10 Geloof je niet dat ik in de Vader ben en dat de Vader in mij is? Ik spreek niet namens mezelf als ik tegen jullie spreek, maar de Vader die in mij blijft, doet zijn werk door mij. 11 Geloof me: ik ben in de Vader en de Vader is in mij. Als je mij niet gelooft, geloof het dan om wat hij doet. 12  Waarachtig, ik verzeker jullie: wie op mij vertrouwt zal hetzelfde doen als ik, en zelfs meer dan dat, ik ga immers naar de Vader. 13 En wat jullie dan in mijn naam vragen, dat zal ik doen, zodat door de Zoon de grootheid van de Vader zichtbaar wordt. 14 Wanneer je iets in mijn naam vraagt, zal ik het doen. 15  Als je mij liefhebt, houd je dan aan mijn geboden. 16 Dan zal ik de Vader vragen jullie een andere pleitbezorger te geven, die altijd bij je zal zijn: 17 de Geest van de waarheid. De wereld kan hem niet ontvangen, want ze ziet hem niet en kent hem niet. Jullie kennen hem wel, want hij woont in jullie en zal in jullie blijven. 18  Ik laat jullie niet als wezen achter, ik kom bij jullie terug.” (Johannes 14:10-18 NBV)

“Ze werden het niet met elkaar eens en gingen uiteen, maar niet voordat Paulus nog een laatste woord had gesproken: ‘Volkomen terecht heeft de heilige Geest bij monde van de profeet Jesaja tegen uw voorouders gezegd:” (Handelingen 28:25 NBV)

“10  Ten slotte, zoek uw kracht in de Heer, in de kracht van zijn macht. 11 Trek de wapenrusting van God aan om stand te kunnen houden tegen de listen van de duivel. 12 Onze strijd is niet gericht tegen mensen maar tegen hemelse vorsten, de heersers en de machthebbers van de duisternis, tegen de kwade geesten in de hemelsferen. 13 Neem daarom de wapens van God op om weerstand te kunnen bieden op de dag van het kwaad, om goed voorbereid stand te kunnen houden. 14 Houd stand, met de waarheid als gordel om uw heupen, de gerechtigheid als harnas om uw borst, 15 de inzet voor het evangelie van de vrede als sandalen aan uw voeten, 16 en draag bovenal het geloof als schild waarmee u alle brandende pijlen van hem die het kwaad zelf is kunt doven. 17 Draag als helm de verlossing en als zwaard de Geest, dat wil zeggen Gods woorden.” (Efeziërs 6:10-17 NBV)

“maar laten wij, die toebehoren aan de dag, op onze hoede zijn, omgord met het harnas van geloof en liefde, en getooid met de helm van de hoop op redding.” (1 Thessalonicen 5:8 NBV)

“De Geest maakt levend, het lichaam dient tot niets. Wat ik gezegd heb is Geest, en leven.” (Johannes 6:63 NBV)

“Want levend en krachtig is het woord van God, en scherper dan een tweesnijdend zwaard: het dringt diep door tot waar ziel en geest, been en merg elkaar raken, en het is in staat de opvattingen en gedachten van het hart te ontleden.” (Hebreeën 4:12 NBV)

“die hoeft zijn ouders geen eerbied te tonen.” Zo ontkracht u het woord van God uit eerbied voor uw eigen traditie.” (Mattheüs 15:6 NBV)

“en zo ontkracht u het woord van God door de tradities die u doorgeeft; en u doet nog veel meer van dit soort dingen.’” (Markus 7:13 NBV)

“als mensen die opnieuw zijn geboren, niet uit vergankelijk maar uit onvergankelijk zaad, door Gods levende en altijd blijvende woord.” (1 Petrus 1:23 NBV)

“De apostelen en de gemeenteleden in Judea hoorden dat ook de heidenen Gods woord hadden aanvaard.” (Handelingen 11:1 NBV)

“Wij danken God dan ook onophoudelijk dat u zijn woord, dat u van ons ontvangen hebt, niet hebt aangenomen als een boodschap van mensen, maar als wat het werkelijk is: als het woord van God dat ook werkzaam is in u, die gelooft.” (1 Thessalonicen 2:13 NBV)

“Wij zeggen u met een woord van de Heer: wij, die in leven blijven tot de komst van de Heer, zullen de doden in geen geval voorgaan.” (1 Thessalonicen 4:15 NBV)

“Hij wilde ons door de verkondiging van de waarheid tot leven roepen, om ons de eersten te maken in zijn schepping.” (Jakobus 1:18 NBV)

*

+

Écrit pour Dieu de mettre à une vie vertueuse

Denn Gott aufgeschrieben, um bis zu einem tugendhaften Leben zu erwecken

Neergeskryf namens God om op te voed tot ‘n deugsame lewe

Jehova kann veranlassen, dass er steht

Jehovah kan hem staande houden

Jehovah kan hom staande hou

Het woord van de Ware God gegeven voor wijsheid te vergaren

De heilige geest zal alle dingen welke gezegd zijn in herinnering terugbrengen

++

  1. Bijbel, zwaard van de Geest in de eenheid van het geloof en van de kennis van de Zoon van God om tot een volkomen mens te komen
  2. Ewige woord dat alles vertel
  3. Bijbel, Gods Woord tot opvoeding (NBG51)
  4. Bijbel, Gods Woord ingegeven nuttig tot lering, tot bestraffing, tot verbetering en tot onderwijzing
  5. Hele Skrif deur God geïnspireer om in die waarheid te onderrig en dwaling te bestry
  6. Bibel, Schwert des Geistes, in die Einheit des Glaubens und der Erkenntnis des Sohnes Gottes
  7. Bibel, Helm des Heils, nütze zur Lehre, zur Strafe, zur Besserung und zur Züchtigung
  8. Bibel Gott redet Worte zu unserer Belehrung geschrieben

+++

Het woord van de Ware God gegeven voor wijsheid te vergaren

 

 

Psalm 19:1  De hemelen maken de heerlijkheid van God* bekend;+ En het uitspansel vertelt van het werk van zijn handen.+

Exodus 20:1-3: 1 Voorts sprak God al deze woorden* en zei:+ 2 „Ik ben Jehovah, uw God,*+ die u uit het land Egy̱pte heb geleid, uit het slavenhuis.+ Gij moogt geen andere goden*+ tegen mijn persoon in* hebben.

Jesaja 7: 7: Dit heeft de Soevereine Heer Jehovah gezegd: „Het zal niet bestaan, noch zal het geschieden.+

Jeremia 1: 9: Daarop stak Jehovah zijn hand uit en liet die mijn mond aanraken.+ Toen zei Jehovah tot mij: „Zie, ik heb mijn woorden in uw mond gelegd.+

Johannes 14:10: 10 Gelooft gij niet dat ik in eendracht met de Vader ben en de Vader in eendracht met mij is?+ De dingen die ik tot ulieden zeg, spreek ik niet uit mijzelf; maar de Vader, die in eendracht met mij blijft, doet zijn werken.+

Efeziërs 6: 17: 17 Neemt ook de helm+ der redding aan en het zwaard+ van de geest,+ dat is Gods woord,+ 

Exodus 3: Zeg daarom tot de zonen van I̱sraël: ’Ik ben Jehovah, en ik zal U stellig van onder de lasten der Egyptenaren uitleiden en U van hun slavernij bevrijden,+ en ik zal U inderdaad opeisen met een uitgestrekte arm en met zware strafgerichten.+

1 John 5:2020 Wij weten echter dat de Zoon van God is gekomen,+ en hij heeft ons het verstandelijke+ vermogen* gegeven om de kennis van de waarachtige te verwerven.+ En wij zijn in eendracht+ met de waarachtige, door bemiddeling van zijn Zoon Jezus Christus. Dit is de waarachtige+ God en het eeuwige leven.+

Revelatie 4: 11 „Gij, Jehovah,* ja onze God, zijt waardig de heerlijkheid+ en de eer+ en de kracht te ontvangen,+ want gij hebt alle dingen geschapen,+ en vanwege uw wil+ bestonden ze en werden ze geschapen.”+

Exodus 6:2-3: 2 En God* sprak verder tot Mo̱zes en zei tot hem: „Ik ben Jehovah.+ En aan A̱braham,+ I̱saäk+ en Ja̱kob+ ben ik altijd verschenen als God de Almachtige,*+ maar wat mijn naam Jehovah+ betreft,* daarmee heb ik mij niet aan hen bekendgemaakt.*+

Job 22:13-14: 13 En toch hebt gij gezegd: ’Wat weet God* feitelijk? Kan hij richten door dikke donkerheid heen? 14 Wolken zijn voor hem een schuilplaats, zodat hij niet ziet, En op het hemelgewelf wandelt hij rond.’

Nehemiah 9: 5-7: En de levieten Je̱sua en Ka̱dmiël, Ba̱ni, Hasa̱bneja, Sere̱bja, Hodi̱a, Seba̱nja [en] Petha̱hja zeiden vervolgens: „Staat op, zegent+ Jehovah, UW God, van onbepaalde tijd tot onbepaalde tijd.+ En men zegene uw glorierijke naam,+ die boven alle zegen en lof verheven is.

Gij alleen zijt Jehovah;+ gijzelf hebt de hemel gemaakt,+ [ja] de hemel der hemelen, en heel zijn heerleger,+ de aarde+ en al wat daarop is,+ de zeeën+ en al wat daarin is;+ en gij houdt dat alles in het leven; en het heerleger+ van de hemel buigt zich voor u neer. Gij zijt Jehovah, de [ware] God, die A̱bram hebt uitgekozen+ en hem uit Ur der Chaldeeën hebt geleid+ en hem de naam A̱braham hebt gegeven.+

Psalm 50:7-17: 7 „Luister toch, o mijn volk, en ik wil spreken,+ O I̱sraël, en ik wil tegen u getuigen.*+ Ik ben God, uw God. 8 Niet aangaande uw slachtoffers wijs ik u terecht,+ Noch [aangaande] uw volledige brandoffers, [die] bestendig vóór mij [zijn]. 9 Ik wil geen stier uit uw huis nemen,+ [Noch] bokken uit uw kooien. 10 Want aan mij behoort al het wild gedierte van het woud toe,+ De beesten op duizend bergen.+ 11 Ik ken elk gevleugeld schepsel van de bergen heel goed,+ En het gewemel van dieren op het open veld is bij mij.+ 12 Indien ik honger had, zou ik het u niet zeggen; Want aan mij behoren het productieve land*+ en zijn volheid toe.+ 13 Zal ik het vlees van sterke [stieren] eten,+ En soms het bloed van bokken drinken?+ 14 Breng God dankzegging als uw slachtoffer,+ En betaal de Allerhoogste uw geloften;+ 15 En roep mij aan op de dag der benauwdheid.+ Ik zal u verlossen, en gij zult mij verheerlijken.”+ 16 Maar tot de goddeloze zal God moeten zeggen:+ „Wat voor recht hebt gij om mijn voorschriften op te sommen,+ En mijn verbond* in uw mond te nemen?+ 17 Zie, gij — gij hebt streng onderricht gehaat,+ En gij blijft mijn woorden achter u werpen.+

Efeziërs 4 4:11-1411 En hij heeft sommigen gegeven als apostelen,+ sommigen als profeten,+ sommigen als evangeliepredikers,*+ sommigen als herders en leraren,+ 12 met het oog op het terechtbrengen*+ van de heiligen, voor het werk der bediening, tot opbouw van het lichaam van de Christus,+ 13 totdat wij allen geraken tot de eenheid in het geloof en in de nauwkeurige kennis van de Zoon van God, tot een volwassen+ man, tot de mate van wasdom die tot de volheid van de Christus behoort;+ 14 opdat wij niet langer kleine kinderen zouden zijn, heen en weer geslingerd+ als door golven en her- en derwaarts gevoerd door elke wind van leer+ door middel van de bedriegerij+ van mensen, door middel van listigheid in het beramen van dwaling.

1 Korinthiërs 2 : 1,9-10, 14-16: 1 En daarom, broeders, ben ik, toen ik tot U kwam, niet met een overdaad* van woorden+ of van wijsheid gekomen om het heilige geheim+ van God aan U bekend te maken. … Maar zoals er staat geschreven: „Geen oog heeft gezien en geen oor heeft gehoord, noch is het in het hart van een mens opgekomen, al wat God heeft bereid voor degenen die hem liefhebben.”+ 10 Want aan ons heeft God het geopenbaard+ door middel van zijn geest,+ want de geest+ onderzoekt alle dingen, zelfs de diepe+ dingen Gods. …

14 Maar een fysiek* mens aanvaardt niet de dingen die van de geest Gods zijn, want ze zijn hem dwaasheid; en hij kan [ze] niet te weten komen+ omdat ze geestelijk worden onderzocht. 15 De geestelijke+ mens* echter onderzoekt wel alle dingen, maar zelf wordt hij door geen mens onderzocht.+ 16 Want „wie heeft de zin van Jehovah* leren kennen,+ dat hij hem zou kunnen onderrichten”?+ Wij hebben echter wel de zin+ van Christus.*

Jesaja 40:13: 13 Wie heeft de afmetingen van de geest van Jehovah opgenomen, en wie kan hem als zijn raadsman iets doen weten?+

Efeziërs 3 :5, 6: In andere geslachten werd dit [geheim+] niet aan de zonen der mensen bekendgemaakt zoals het nu door geest aan zijn heilige apostelen en profeten+ is geopenbaard,+ namelijk dat mensen uit de natiën mede-erfgenamen zouden zijn en medeleden van het lichaam+ en met ons deelgenoten van de belofte+ in eendracht met Christus Jezus door middel van het goede nieuws.

Kolossenzen 2:2opdat hun hart vertroost moge worden,+ opdat zij harmonisch samengevoegd mogen zijn in liefde+ en met het oog op alle rijkdom van de volledige verzekerdheid van [hun] inzicht,+ met het oog op een nauwkeurige kennis van het heilige geheim van God, namelijk Christus.*+

Spreuken 23 : 9 Spreek ten aanhoren van een verstandeloze niet,+ want hij zal uw verstandige woorden verachten.+

2 Samuel 23:2: De geest van Jehovah was het die door mij heeft gesproken,+ En zijn woord* was op mijn tong.+

Handelingen 1:1616 „Mannen, broeders, het schriftwoord moest vervuld worden+ dat de heilige geest+ bij monde van Da̱vid tevoren gesproken heeft over Ju̱das,+ die een gids is geworden van hen die Jezus gevangennamen,+

Handelingen 28 :25: 25 Omdat zij het dan niet met elkaar eens waren, maakten zij aanstalten om te vertrekken, terwijl Pa̱u̱lus deze ene opmerking maakte: „Treffend heeft de heilige geest door bemiddeling van de profeet Jesa̱ja tot UW voorvaders gesproken

1 Petrus 1:11: 11 Zij bleven onderzoeken* op welk speciale tijdperk+ of wat voor een [tijdperk] de geest+ in hen betreffende Christus doelde,*+ toen die van tevoren getuigenis aflegde van het voor Christus [bestemde] lijden+ en van de heerlijkheden+ die daarop zouden volgen.

2 Petrus 1:21:21 Want nooit werd profetie door de wil van een mens voortgebracht,+ maar mensen hebben van Godswege gesproken+ zoals zij door heilige geest werden meegevoerd.+

Johannes 14:2626 Maar de helper,* de heilige geest, die de Vader in mijn naam zal zenden, die* zal U alle dingen leren en alle dingen welke ik U heb gezegd, in UW herinnering terugbrengen.+

2 Timotheüs 3: 16-17: 16 De gehele Schrift is door God geïnspireerd*+ en nuttig om te onderwijzen,+ terecht te wijzen,+ dingen recht te zetten,*+ streng te onderrichten+ in rechtvaardigheid, 17 opdat de mens Gods volkomen bekwaam zij,+ volledig toegerust* voor ieder goed werk.+

1 Tessalonisense 2: 13: 13 Ja, daarom dank ons God ook onophoudelik,+ want toe julle God se woord ontvang het,+ wat julle by ons gehoor het, het julle dit nie as die woord van mense aangeneem nie+ maar, soos dit waarlik is, as die woord van God, wat ook in julle, die gelowiges, aan die werk is.+

Romeinen 15 :4Want alle dingen die eertijds werden geschreven, werden tot ons onderricht+ geschreven,+ opdat wij door middel van onze volharding+ en door middel van de vertroosting+ uit de Schriften hoop* zouden hebben.+

1 Korinthiërs 10:1111 Deze dingen nu bleven hun overkomen als voorbeelden* en ze werden opgeschreven tot een waarschuwing+ voor ons, tot wie de einden* van de samenstelsels van dingen*+ gekomen zijn.

Psalmen 119 :49, 50: 49 Gedenk het woord tot uw knecht,+ Waarop gij mij hebt doen wachten. 50 Dit is mijn troost in mijn ellende,+ Want het is uw toezegging die mij in het leven heeft gehouden.+

Spreuken 4: 7-9: Wijsheid is het voornaamste.+ Verwerf wijsheid; en bij alles wat gij verwerft, verwerf verstand.+ Schat haar hoog, en ze zal u verhogen.+ Ze zal u verheerlijken omdat gij haar omhelst.+ Aan uw hoofd zal ze een bekoorlijke krans geven;+ een luisterrijke kroon zal ze u schenken.”+

Spreuken 15:14: 14 Het is het verstandige hart dat naar kennis vorst,+ maar de mond der verstandelozen is op dwaasheid uit.+

Mattheüs 13:23: 23 Die op de voortreffelijke aarde is gezaaid, dat is hij die het woord hoort en de betekenis ervan begrijpt, die werkelijk vrucht draagt en voortbrengt, deze honderd-, die zestig-, de ander dertigvoud.”+

Hebreeën 5:14: 14 Vast voedsel behoort echter bij rijpe mensen, bij hen die door gebruik hun waarnemingsvermogen*+ hebben geoefend* om zowel goed als kwaad te onderscheiden.+

Daniël 1:17: 17 En wat deze kinderen, die vier, betreft, hun gaf de [ware] God kennis en inzicht in alle schrift en wijsheid;+ en Da̱niël zelf had verstand van allerlei visioenen en dromen.+

Spreuken 21: 30 Er is geen wijsheid, noch enig onderscheidingsvermogen, noch enige raad tégen Jehovah.+

Spreuken 19: 21 Vele zijn de plannen in het hart van een man,*+ maar het is de raad van Jehovah die zal bestaan.+

2 Timotheüs 2: 7-10: 7 Denk voortdurend aan* wat ik zeg; de Heer zal u werkelijk onderscheidingsvermogen in alle dingen geven.+

8 Houd in gedachte dat Jezus Christus uit de doden werd opgewekt+ en uit het zaad van Da̱vid was,+ overeenkomstig het goede nieuws dat ik predik,+ 9 in verband waarmee ik zelfs tot [gevangenis]boeien toe als een boosdoener kwaad te lijden heb.+ Niettemin is het woord van God niet gebonden.+ 10 Daarom ga ik voort alle dingen te verduren ter wille van de uitverkorenen,+ opdat ook zij de redding mogen verkrijgen die in eendracht met Christus Jezus is, te zamen met eeuwige heerlijkheid.+

Johannes 17: Dit betekent eeuwig leven,+ dat zij voortdurend kennis+ in zich opnemen van u,* de enige ware God,+ en van hem die gij hebt uitgezonden, Jezus Christus.+

1 Johannes 5: 20 Wij weten echter dat de Zoon van God is gekomen,+ en hij heeft ons het verstandelijke+ vermogen* gegeven om de kennis van de waarachtige te verwerven.+ En wij zijn in eendracht+ met de waarachtige, door bemiddeling van zijn Zoon Jezus Christus. Dit is de waarachtige+ God en het eeuwige leven.+

1 Timotheüs 2: 2-4: betreffende koningen+ en allen die een hoge positie bekleden,+ opdat wij een kalm en rustig leven mogen blijven leiden met volledige godvruchtige toewijding* en ernst.+ Dit is voortreffelijk en aangenaam+ in de ogen van onze Redder, God,+ wiens wil het is dat alle soorten van mensen+ worden gered+ en tot een nauwkeurige kennis+ van de waarheid komen.+

*

 


Nieuwe Wereldvertaling van de Heilige Schrift met studieverwijzingen 1984/1995 herziening en aantekeningen

Nieuwe Wereldvertaling van de Heilige Schrift met studieverwijzingen 1984/1995 herziening en aantekeningen

+

Engelse versie / English version: True God giving His Word for getting wisdom

Duitse versie / Deutsh: Wahren Gott gibt sein Wort für immer Weisheit

Franse versie / Français: Vrai Dieu donne Sa Parole pour obtenir la sagesse

Aansluitend op:

+++

In Talen sprekend

 

 

 

5 Nu woonden er in Jeru̱zalem joden,{1} eerbiedige mannen,{2} die afkomstig waren uit elk van de natiën die er onder de hemel zijn. 6 Toen dan dat geluid ontstond, kwam de menigte bijeen en was verbijsterd, daar iedereen hen in zijn eigen taal hoorde spreken. 7 Ja, zij waren verbaasd en gingen zich verwonderen en zeiden: „Ziet, zijn niet allen die daar spreken, Galileeërs?{3} 8 Hoe komt het dan dat een ieder van ons zijn eigen taal hoort, waarin wij werden geboren? 9 Parthen en Meden{4} en Elamieten,{5} en de bewoners van Mesopota̱mië, en Jude̱a{6} en Kappado̱cië,{7} Po̱ntus{8} en het [district] A̱sia,{9} 10 en Fry̱gië{10} en Pamfy̱lië,{11} Egy̱pte en de streken van Li̱bië, dat bij Cyre̱ne ligt, en de hier tijdelijk verblijvende mensen uit Ro̱me, zowel joden als proselieten,{*+12} 11 Kretenzers {13} en Arabieren,{14} wij horen hen in onze talen over de grote daden van God spreken.” 12 Ja, zij waren allen verbaasd en verkeerden in verlegenheid en zeiden tot elkaar: „Wat heeft dit toch te betekenen?” 13 Anderen echter bespotten hen en zeiden voorts: „Zij zijn vol zoete wijn.”{15}

*

(NWV)

 

 

Pentecostés. Óleo sobre lienzo, 275 × 127 cm. ...

 

~~~

 

{1} joden: (Exodus 23:17) 17 Bij drie gelegenheden in het jaar zal al wat mannelijk onder u is, voor het aangezicht van de [ware] Heer,* Jehovah,* verschijnen.+

{2} eerbiedige mannen: (Handelingen 22:12): 12 Een zekere Anani̱as nu, een eerbiedig man naar de Wet, over wie door alle joden die daar woonden een goed bericht werd uitgebracht,+

{3} Galileeërs: (Markus 14:70): 70 Hij ontkende het opnieuw. En even daarna zeiden de omstanders nu nogmaals tot Pe̱trus: „Zeker, gij zijt een van hen; trouwens, gij zijt een Galileeër.”+

(Handelingen 1:11): 11 en zij zeiden: „Mannen van Galile̱a, waarom staat GIJ in de lucht te kijken? Deze Jezus, die van U werd opgenomen in de lucht, zal aldus op dezelfde wijze komen+ als GIJ hem in de lucht* hebt zien gaan.”

{4} Parthen en Meden: (2 Koningen 17:6): 6 In het negende jaar van Hose̱a nam de koning van Assy̱rië Sama̱ria in,+ waarna hij I̱sraël in ballingschap voerde+ naar Assy̱rië en hen liet wonen in Ha̱lah+ en in Ha̱bor aan de rivier de Go̱zan+ en in de steden van de Meden.+

{5} Elamieten: (Daniël 8:2): 2 Ik dan zag in het visioen; en het geschiedde, terwijl ik zag, dat ik in de burcht Su̱san+ was, die in het rechtsgebied E̱lam+ ligt; vervolgens zag ik in het visioen, en ikzelf bevond mij aan de waterloop* van de U̱lai.+

{6} Jude̱a:(Mattheüs 24:16): 16 laten dan zij die in Jude̱a zijn, naar de bergen vluchten.+

(Markus 1:5): 5 Bijgevolg trokken heel het gebied van Jude̱a en alle inwoners van Jeru̱zalem naar hem uit, en zij werden door hem gedoopt in de rivier de Jorda̱a̱n, terwijl zij openlijk hun zonden beleden.+

{7} Kappado̱cië: (1 Petrus 1:1): 1 Pe̱trus,* een apostel+ van Jezus Christus, aan de tijdelijke inwoners+ die verstrooid zijn*+ in Po̱ntus, Gala̱tië, Kappado̱cië,+ A̱sia en Bithy̱nië, aan hen die uitverkoren zijn+

{8} Po̱ntus: (Handelingen 18:2): 2 En hij trof er een zekere jood aan genaamd Aqu̱i̱la,+ van geboorte uit Po̱ntus, die onlangs uit Ita̱lië+ was gekomen, en zijn vrouw Priski̱lla, omdat Cla̱u̱dius+ bevolen had dat alle joden uit Ro̱me moesten vertrekken. Hij dan ging naar hen toe,

{9} [district] A̱sia: (Handelingen 13:1): 13 In Antiochi̱ë nu waren in de plaatselijke gemeente profeten+ en leraren: Ba̱rnabas en ook Si̱meon, die Ni̱ger werd genoemd, en Lu̱cius+ van Cyre̱ne, en Ma̱naën, die met de districtsregeerder* Hero̱des was opgevoed, en Sa̱u̱lus.

(1 Petrus 1:1): 1 Pe̱trus,* een apostel+ van Jezus Christus, aan de tijdelijke inwoners+ die verstrooid zijn*+ in Po̱ntus, Gala̱tië, Kappado̱cië,+ A̱sia en Bithy̱nië, aan hen die uitverkoren zijn+

{10} Fry̱gië: (Handelingen 16:6): 6 Zij trokken ook door Fry̱gië en het land van Gala̱tië,+ omdat* het hun door de heilige geest was verboden het woord in het [district] A̱sia te spreken.

(Handelingen 18:23): 23 En nadat hij daar enige tijd had doorgebracht, vertrok hij en ging van plaats tot plaats het land van Gala̱tië+ en Fry̱gië+ door en versterkte+ alle discipelen.

{11} Pamfy̱lië: (Handelingen 13:13): 13 Van Pa̱fos voeren de mannen, te zamen met Pa̱u̱lus, nu weg en kwamen te Pe̱rge in Pamfy̱lië+ aan. Maar Joha̱nnes+ scheidde zich van hen af en keerde naar Jeru̱zalem terug.+

(Handelingen 15:38): 38 Maar Pa̱u̱lus achtte het niet juist hem mee te nemen, aangezien hij hen van Pamfy̱lië af had verlaten+ en zich niet met hen tot het werk had begeven.

{*+12} proselieten Of: „bekeerlingen.”: (Exodus 12:48): 48 En ingeval er een inwonende vreemdeling bij u vertoeft en hij het Pascha voor Jehovah werkelijk wil vieren, laten dan al de zijnen die van het mannelijk geslacht zijn, besneden worden.*+ Eerst dan mag hij naderen om het te vieren; en hij moet als een in het land geborene worden. Maar geen onbesnedene mag ervan eten.

(Jesaja 56:6): 6 En de buitenlanders die zich bij Jehovah hebben aangesloten om hem te dienen+ en om de naam van Jehovah lief te hebben,+ ten einde hem tot knechten te worden, allen die de sabbat houden om hem niet te ontheiligen en die vasthouden aan mijn verbond,+

{13} Kretenzers: (Titus 1:12): 12 Iemand van hen, hun eigen profeet,* heeft gezegd: „Kretenzers zijn altijd leugenaars, schadelijke+ wilde beesten, werkeloze veelvraten.”*

{14} Arabieren: (2 Kronieken 17:11): 11 En van de Filistijnen bracht men Jo̱safat geschenken+ en geld als schatting.+ Ook de Arabieren+ brachten hem kleinveekudden: zevenduizend zevenhonderd rammen en zevenduizend zevenhonderd bokken.+

{15} vol zoete wijn: (1 Samuël 1:14): 14 Daarom zei E̱li tot haar: „Hoe lang zult gij u nog als een beschonkene gedragen?+ Doe uw wijn van u weg.”

~~~~

Betreft het in “talen spreken” of “in tongen spreken” kan u ook het Engelstalige artikel lezen: Is Speaking in Tongues an Evidence of True Worship? waar de auteur de trend van het “spreken in tongen” bekijkt volgens de Schriftuurlijke waarde.

Het is namelijk zo dat wij een aantal religieuze organisaties kunnen zien in het Christendom die spreken in tongen prominent maken in hun aanbidding.
Volgens hen is “spreken in tongen” een noodzakelijke voorwaarde van de ware aanbidding. Zij geloven “in de doop van de Heilige Geest, zoals het was op de dag van Pinksteren en zij geloven dat iedereen die de Heilige Geest ontvangt met andere tongen zal spreken. Vooral de Pinksterkerken  of Pinkstergemeenten zijn zulke enorm groeiende kerkgemeenschapen waar men dit aanhoudt.

Men mag ernstig de vraag stellen of het wel zo is dat “spreken in tongen” een onderscheidend kenmerk van een ware christenen is.

Best kan u de vroege kerkgeschiedenis bekijken en zien wat er in de eerste dagen van het Christendom gebeurde. Men kan zelfs verder gaan dan de uitstorting van de Heilige Geest op de apostelen. Want indien het een belangrijk element zou zijn om in tongen te spreken zou Jezus dit toch ook gedaan hebben. Maar heeft Jezus in tongen gesproken?

Jezus genas de zieken, wekte de doden op en verrichte vele andere verbazingwekkende daden. Deze wonderbaarlijke krachten identificeerde hem als een ware profeet en dienaar van God, net zoals het uitvoeren van wonderen Mozes ‘authenticiteit bewezen dat deze als Gods profeet de wereld kon in gaan.

Jezus staat zo ook als profeet vermeld in de Heilige Schrift en openbaarde Gods Werken. Hij sprak echter niet bepaald in vreemde talen, maar eerder in steeds een duidelijke taal, niets verbloemend, alleen soms omschrijvend wanneer hij in vergelijkingen, gelijkenissen of parabels sprak. Die vertelling of niet echt gebeurde zaken vertelde Jezus om zaken te verduidelijken. Hij sprak ze wel in de taal van de toehoorders.

Het spreken in tongen was niet een van de wonderlijke krachten uitgeoefend door Jezus. Het was niet tot het feest van Pinksteren GT 33 dat deze gave eerst werd ontvangen, en bij die gelegenheid diende het als een effectief bewijs dat christenen Gods geest op hen hadden. Het was een teken voor de omstaanders dat die apostelen wel mensen waren die met bijzondere gaven waren begenadigd door de Allerhoogste, in wiens naam zij spraken over belangrijke geestelijke elementen.

In het late voorjaar van de GT 33 hadden de Joden zich binnen en buiten het Romeinse Rijk verzameld voor hun jaarlijkse feest van Pinksteren, de Shavuot. De apostelen waren eigenlijk nog niet zeker genoeg om onder de mensen te komen en wachtten op de door Jezus beloofde ‘Instructeur’.  120 van Jezus zijn leerlingen wachtten in gehoorzaamheid in Jeruzalem om de beloofde instructies van de “Kracht uit het hoge” te ontvangen.

49 En ziet! ik zend over U uit wat door mijn Vader beloofd is. GIJ moet echter in de stad blijven totdat GIJ met kracht van boven wordt bekleed.” (Lukas 24:49 NWV)

Toen zij in de bovenkamer bijeen waren, afwachtend wat er zou gebeuren, stonden zij versteld bij de wind die zich door de kamer bewoog. De bries was voelbaar tot in hun innerlijk. Naast een geluid uit de hemel was er ook een ruisende stevige bries die het gehele huis, waar zij zaten, vervulde . . . . en zij werden allen vervuld met heilige geest en begonnen met andere tongen te spreken, zoals de Geest hen de mogelijkheid verleende om uitspraken te maken in hen oorspronkelijk vreemde talen. (Handelingen van de apostelen 2:2-4). (zie: Op de Dag van het Pinksterfeest)

Toen de Joden vanuit allerlei windstreken Jezus ‘volgelingen hoorden spreken, in misschien wel meer dan een dozijn verschillende talen, moet dit wel een bijzondere indruk op hen gemaakt hebben.

“Ze waren verbaasd,” zegt de Bijbel ,  “en begonnen zich af te vragen en te zeggen: ‘Zie hier, al dezen, die daar spreken zijn ze niet Galileeërs? En toch, hoe is het mogelijk, we horen, ieder van ons, onze eigen taal, waarin wij geboren zijn? . . . wij horen hen in onze talen spreken over de grote daden van God. ‘”- (Handelingen van de apostelen 2:5-11).
Om Galileeërs duidelijk te horen spreken in hun vele verschillende talen werd als een overtuigend bewijs aanschouwd voor deze vreemdelingen, dat Gods geest op Jezus ‘volgelingen was. Het was wonderbaarlijk! Het was totaal verschillend van het ‘luid en vurig geschreeuw’ van de Pinksteropwekkingen die men kan horen in die Pinkstergemeenschappen. Eigenlijk heeft het er weinig mee te maken, want daar uiten velen zich  met geluiden die door anderen juist niet verstaanbaar zijn. Daar gebeurt dus eigenlijk het omgekeerde van wat er in Jeruzalem gebeurde.

In Jeruzalem kregen veel buitenlanders onderricht in hun eigen taal over “de grote daden van God.”
Van wat er gebeurde met Pinksteren is het duidelijk dat de Heilige Geest werd gegeven aan de eerste christenen voor het praktische doel van de prediking van het goede nieuws. Bij zijn afscheid had Jezus aan zijn discipelen aangegeven: “Niet terug te trekken uit Jeruzalem, maar blijf wachten op wat de Vader heeft beloofd,. . . gij zult kracht ontvangen wanneer de heilige geest op u gekomen is, en gij zult getuigen van mij, zowel in Jeruzalem als in geheel Judea en Samaria en tot de verst verwijderde streek der aarde. “- (Handelingen 1:4-8).

4 En terwijl hij met hen samenkwam, beval hij hun: „Vertrekt niet uit Jeru̱zalem,+ maar blijft wachten op datgene wat de Vader heeft beloofd,+ waarover GIJ van mij hebt gehoord, 5 want Joha̱nnes doopte wel met water, maar GIJ zult niet vele dagen hierna in heilige geest worden gedoopt.”+ 6 Toen zij nu bijeengekomen waren, gingen zij hem vragen: „Heer,* herstelt gij in deze tijd het koninkrijk+ voor I̱sraël?” 7 Hij zei tot hen: „Het komt U niet toe kennis te verkrijgen van de tijden of tijdperken*+ die de Vader onder zijn eigen rechtsmacht* heeft gesteld,+ 8 maar GIJ zult kracht+ ontvangen wanneer de heilige geest op U gekomen is, en GIJ zult getuigen*+ van mij zijn zowel in Jeru̱zalem+ als in geheel Jude̱a en Sama̱ria+ en tot de verst verwijderde streek* der aarde.”+ 9 En nadat hij deze dingen had gezegd, werd hij ten aanschouwen van hen omhooggeheven,+ en een wolk onttrok hem aan hun gezicht.+ (Handelingen 1:4-8 NWV)

Deze speciale gave van spreken in tongen, of spreken in vreemde talen, ontvingen de aanwezige volgelingen van Jezus  in Jeruzalem door Gods heilige geest. Hierdoor werden de leerlingen geholpen in de prediking van het goede nieuws, voor een teken aan die joodse gelovigen uit afgelegen delen van de aarde. Maar de echte vervulling van de profetie van Joël 2:28-32 op die Pinksterdag was het feit dat degenen die waren gevuld met de geest profeteerden. Spreken in tongen was incidenteel, als een teken van authenticiteit of goddelijke backing. – (Handelingen 2:16-22).

De Bijbel registreert slechts twee andere gebeurtenissen waarbij een uitstorting van de heilige geest plaats grijpt en wordt begeleid met het spreken in tongen. De eerste vond plaats ongeveer drie en een half jaar na Pinksteren, toen God zijn aandacht richtte op de natiën en zijn geest goot op de heiden Cornelius en zijn huishouden. Door zijn onmiddellijke zichtbare manifestatie, was het spreken in tongen het logische cadeau voor God om aan deze onbesneden niet-joden aan te bieden en zo de apostel Petrus te laten zien dat ze konden worden aanvaard in de christelijke gemeente of congregatie. – (Handelingen 10:44-46).
Het was vergelijkbaar in de andere instantie, toen de apostel Paulus predikte aan de mensen in Efeze, die de doop van Johannes hadden ontvangen. Hun spreken in tongen was indrukwekkend en een on-the-spot bewijs dat de doop van Johannes, zoals het was vóór de uitstorting van de Geest op Pinksteren GT 33, niet meer geschikt was in Gods ogen .- (Handelingen 19:1-7).

Deze  drie geregistreerde gevallen geven echter niet aan dat alle eerste-eeuwse christenen in tongen spraken. De apostel Paulus geeft ook te kennen dat niet iedereen dezelfde gaven heeft. Het is duidelijk dat Paulus liet zien dat niet alle christenen deze wonderlijke gaven om in tongen te spreken of andere gaven bezaten en, bijgevolg, het bezit van een van hen, met inbegrip van het spreken in tongen, niet noodzakelijk was tot zaligheid. -(1 Korinthiërs 12:4-11, 28-31).

De Schrift zegt onderscheid te maken tussen de gave van profetie door de uitstorting van de heilige geest en later de uitoefening van verkondiging door de medegelovigen. Ook wordt er op gewezen dat er zelfs belangrijkere gaven zijn dan dat spreken in tongen. De Liefde gave of Agape is namelijk door de apostel Paulus (in het dertiende hoofdstuk van zijn brief aan de Korinthiërs) als één van de duurzame elementen benadrukt.

8 De liefde faalt nimmer.+ Maar hetzij er [gaven van] profeteren zijn, ze zullen worden weggedaan; hetzij er talen zijn, ze zullen ophouden; hetzij er kennis is, ze zal worden weggedaan.*+ 9 Want wij hebben gedeeltelijke kennis*+ en wij profeteren gedeeltelijk;+ 10 wanneer echter het volledige gekomen is,+ zal dat wat gedeeltelijk is, worden weggedaan. (1 Korinthiërs 13:8-10 NWV)

Paulus vergelijkt hier niet de stopzetting van het spreken in tongen met ongelovigen, maar veeleer de tijdelijkheid van de gaven van de geest met de permanentie van de liefde, en hij verbindt de vergankelijkheid van deze gaven, niet met ongelovigen, maar met de kinderschoenen van het christendom. eigenlijk zou men kunnen zeggen dat
in vers 8, de miraculeuze gaven van profetie, tongen en kennis dienen te worden afgeschaft. Paulus laat zien dat ze een kenmerk waren van de babytijd van de christelijke gemeente. In de kinderschoenen waren zulke wonderbaarlijke gaven nodig om op een spectaculaire manier Gods gunst, die was verschoven van de Joodse natie (het Volk van God) op deze nieuwe gemeente van christenen, te identificeren. Maar, zoals Paulus verklaarde, wanneer een mens volwassenheid bereikt rekent hij af met “de trekken van een baby.” Dus toen de christelijke gemeente groeide naar volwassenheid, dat is, volwassenheid bereikte door zich als een erkende, gevestigde organisatie te vestigen, ‘overleden’ of kwamen deze wonderlijke gaven ten einde. Toch bleven geloof, hoop en liefde als het onderscheidende kenmerk van ware Christenheid. -(1 Korinthiërs 13:9-13).

Toen de apostelen en zij die de wonderbaarlijke gaven hadden ontvangen stierven, hielden de bovennatuurlijke gaven van de geest, met inbegrip van spreken in tongen op.

18 Toen Si̱mon nu zag dat door middel van de handoplegging van de apostelen de geest werd gegeven, bood hij hun geld aan+ 19 en zei: „Geeft ook mij deze macht, opdat een ieder die ik de handen opleg, heilige geest ontvangt.” 20 Maar Pe̱trus zei tot hem: „Dat uw zilver met u verga, omdat gij hebt gedacht door middel van geld in het bezit te komen van de vrije gave Gods.+ 21 Gij hebt part noch deel aan deze zaak, want uw hart is niet recht in Gods ogen.+ 22 Heb daarom berouw over deze slechtheid van u, en smeek Jehovah*+ dat de beraming van uw hart u, indien mogelijk, vergeven mag worden, 23 want ik zie dat gij een* giftige gal+ en een band van onrechtvaardigheid zijt.”+ 24 Si̱mon gaf ten antwoord: „Smeekt gijlieden voor mij+ tot Jehovah,* dat niets van wat GIJ hebt gezegd, mij moge overkomen.” (Handelingen 8:18-24, NWV)

Het met vreemde geluiden spreken tijdens een bijeenkomst, of onverstaanbare woorden kramen tijdens een dienst zouden zoals bij de apostel Paulus ook voor ons niet belangrijk mogen zijn.  Paulus verklaarde: “Hij die in een tong spreekt bouwt zichzelf op, maar wie profeteert bouwt een gemeente op.” Hij vroeg toen: “Als ik zou komen tegen je spreken in tongen, wat voor nut zou het zijn?” Ja, hoe zou het anderen helpen als ze niet begrepen wat hij zei? Dus zei Paulus : “In een gemeente wil ik liever vijf woorden spreken met mijn verstand, opdat ik ook mondeling anderen kan onderwijzen, dan tien duizend woorden in een tong.”

Speaking in Tongues (TV series)

TV serie Spreken in tongen / Speaking in Tongues (TV series) (Photo credit: Wikipedia)

Als iemand in een vreemde taal spreekt, spreekt hij tot God en niet tot mensen, want zij verstaan hem niet. Wat hij onder de leiding van de Geest zegt, is geheimtaal. Maar wie woorden van God doorgeeft, spreekt de mensen opbouwend, bemoedigend en troostend toe, en dat is wat leden van een kerkgemeente onder elkaar horen te doen. Als iemand in een vreemde taal spreekt, bouwt hij zichzelf op. Maar als iemand woorden van God doorgeeft, bouwt hij de gemeente op. Diegenen die een gemeenschap in Christus willen vormen moeten er voor zorgen dat zij elkaar kunnen opbouwen. Niet dat ‘spreken in tongen’ moet het doel van de gemeenschap zijn, maar laat de liefde uw doel zijn, terwijl  u ook  streeft naar de gaven van de Geest, in het bijzonder naar het spreken namens God.

Het doorgeven van de woorden van God is veel belangrijker dan het ‘spreken in tongen’. Als u iets in een vreemde taal zegt, heeft de gemeente er alleen iets aan als u uitlegt wat het betekent. Het is heel anders als men in de gemeenschap in verstaanbare taal verteld wat God ons duidelijk maakt. De apostel Paulus haalt de vergelijking aan met losse klanken van muziek instrumenten.  Als er zomaar wat geblazen of getokkeld wordt, zal geen mens er enige melodie in horen. Als mensen geen duidelijke signalen krijgen hoe weten zij dan hoe zij moeten reageren? Wel, als u een taal spreekt die niemand verstaat, gaan uw woorden verloren in de lucht. Er worden in de wereld vele talen gesproken. Maar als iemand iets tegen iemand iets zegt in een taal die hij of zij niet verstaat, blijven zij in het ongewisse en blijven zij ook vreemden voor elkaar. Dus moet u, omdat u zo vurig naar de gaven van de Geest verlangt, proberen uit te blinken in díe gaven waar de gemeente door opgebouwd wordt.

Iemand die een andere taal heeft dan deze van de meerderheid in de ecclesia, kan persoonlijk in zijn of haar taal aangesproken worden. Of als men naar andere oorden gaat kan men eerst die taal van die streek leren en zo in een vreemde taal tegenover de moedertaal de anders sprekenden toch te woord staan. Dit in andere talen spreken is dan wel héél iets anders dan het ‘spreken in tongen’ dat men in de Pinkstergemeenten kan vinden.

Wij moeten in gemeenschap in voor iedereen verstaanbare taal samen bidden. Het bidden moet met geest én met mijn verstand gebeuren waarbij eenieder ook tot eer van God zal zingen met zijn geest én zingen met zijn verstand. Want als u alleen met uw geest God prijst en dankt, hoe kan dan een belangstellende die daar ook is, zeggen of hij het met u eens is? Hij verstaat er immers niets van! U dankt wel goed, maar een ander wordt er niet door opgebouwd. als men op zijn eigen is kan men misschien in voor anderen onverstaanbare woorden tot God bidden, maar in gemeenschap is dat tot niemands nut. Zoals de apostel Paulus met andere gelovigen liever vijf woorden met zijn verstand sprak, dan duizenden woorden in een vreemde taal, moeten ook wij geen brabbeltaaltje als kinderen uiten, maar volwassen zijn in ons denken en spreken.

Enkel door klare taal te spreken zal men gelovigen én ongelovigen kunnen aanspreken en verder tot God trekken. Indien men zou overgaan tot het spreken van een vreemde taal in een dienst zal het moeten zijn om in de taal van de vreemdeling(en) te spreken zo dat de vreemde of de ongelovige iets duidelijk kan gemaakt worden. Anderzijds zal een ongelovige of belangstellende zeggen dat u dol geworden bent als hij in de gemeente komt en ieder in vreemde talen hoort spreken of zo maar onverstaanbare klanken hoort uiten. Maar als u allemaal namens God spreekt, wordt zo iemand overtuigd en zal hij tot inzicht komen, omdat zijn geweten gaat spreken. Wat er in hem omgaat, komt aan het licht. Dan zal hij op zijn knieën vallen, God aanbidden en openlijk erkennen dat God bij u is.
Weet u hoe het moet, broeders? Als u bijeen komt, neemt ieder deel aan de dienst. De een zingt een lied, de ander onderwijst; de een geeft door wat God hem duidelijk heeft gemaakt, de ander spreekt in vreemde talen en weer een ander legt uit wat hij zegt. Maar het moet wel opbouwend zijn.” (1 Korinthiërs 14:1-26)

+

Voorgaand artikel: Op de Dag van het Pinksterfeest

++

Lees meer:

  1. Wat betreft Korte inhoud van lezingen: Bijgeloof en feesten
  2. Op de Dag van het Pinksterfeest
  3. De uitstraling van God en zijn pleitbezorger
  4. De Kerk als realiteitsspel
  5. Feestdagen, consumeren en besparen
  6. Zingen geschenk van God
  7. Aanbiddingsmuziek en opzweping in kerken
  8. Maak een vreugdevol geluid voor Jahweh, verheug, en breng lofzang tot Jehovah
  9. Joodse Wetten en Wetten voor Christenen
  10. Onder de Geest blijven
  11. Samen komen in huizen
  12. Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen. #3 De Weg
  13. Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen. #4 Volgelingen van Jezus
  14. Verlichting door Gods Geest
  15. Hij heeft de Pneuma, de Kracht van Hem gegeven
  16. Geest van God geeft liefde, hoop en vrijheid
  17. Het begin van Jezus #6 Beloften van innerlijke zegeningen
  18. Het begin van Jezus #8 Beloofde Gezalfde zoon van God
  19. Jezus van Nazareth #3 De Zoon van God
  20. Jezus van Nazareth #6 Zijn unieke macht
  21. Dienaar van zijn Vader
  22. Hoop zal niet worden beschaamd
  23. Vertrouwen, Geloof, Roepen en Toeschrijving aan Jehovah #3 Stem van God #5 Meditatie en transformatie
  24. Vertrouwen, Geloof, Roepen en Toeschrijving aan Jehovah #5 Gebed #2 Getuigen zonder taalbarrieres
  25. Missionaire hermeneutiek 4/5
  26. Ernstig strijdend voor het geloof
  27. Paulus dienaar van het evangelie
  28. De betrokkenheid van geniaal leerlingschap
  29. Twee soorten mensen
  30. Wim Verdouw zijn tocht naar geloof in slechts één God
  31. Verkondigen van Evangelie opgetekend in de Bijbel
  32. Getuig van het gehoorde
  33. Getuig van een levende God en zijn zegeningen voor jou
  34. Kerkgroei en samengaan
  35. Vergadering – Meeting
  36. Redding, vertrouwen en actie in Jezus #6 Samenhoren
  37. Samen komen in huizen
  38. Leer mij anderen Helpen
  39. Dagelijks helpen in het geloof

+++

 

 

  • Who was able to speak in tongues during New Testament times? (braggschurchofchrist.com)
    There were three groups in the New Testament who could speak in tongues, or languages they had never studied. The first group was the apostles, as we have already noted. They received the baptism of the Holy Spirit on Pentecost which gave them this power. The second group included those people to whom the apostles gave this power by laying their hands on them.
    +
    Is there an apostle still living today? No. So there is no one who can give this power to anyone else. And no one is still alive today who was given this power by an apostle. Therefore, the gift of tongue speaking is not available today.
  • Is Speaking in Tongues an Evidence of True Worship? (illustrationstoencourage.wordpress.com)
    On the basis of Paul’s words here, there should be no question that the miraculous gifts of the spirit were to pass away. But when? It is argued by some that, since Paul said that ‘tongues are a sign to the unbelievers,’ they would not pass away until unbelievers passed away, that is, until there were no longer any unbelievers. (1 Cor. 14:22)
    +
    Regarding the transitoriness of the miraculous gifts M’Clintock and Strong’s Cyclopædia, Volume 10, page 484, says: “It thus appears that the miraculous gifts of the first days bestowed upon the Church for a definite purpose were gradually but quickly withdrawn from men when the apostles and those who had learned Christ from their lips had fallen asleep.” The Scriptures show that it was “through the laying on of the hands of the apostles the spirit was given.” Therefore, when the apostles died, and when those who had received the miraculous gifts through them passed from the earthly scene, the supernatural gifts of the spirit, including speaking in tongues, ceased.—Acts 8:18.
    +
    The fact of the matter is that Bible scholars are agreed that the last twelve verses shown with the book of Mark, which speak about tongues and not being injured by snakes, were not written by Mark but were added by another. Tregelles, a noted nineteenth-century Bible scholar, states: “Eusebius, Gregory of Nyssa, Victor of Antioch, Severus of Antioch, Jerome, as well as other writers, especially Greeks, testify that these verses were not written by St. Mark, or not found in the best copies.” But even if these words were part of Mark’s inspired writings (although the bulk of evidence shows they are not) there is nothing in them contrary to the Scriptural evidence that tongues would pass away following the death of the apostles.
  • Baptism of the Holy Ghost (teamtripartite.wordpress.com)
    There is a school of thought that says you cannot be baptized with the Holy Ghost, you can only be filled with the Holy Ghost, while the other school of thought says you must be baptized with the Holy Ghost with the evidence of speaking in tongues, the truth of the matter in this context is that; if you say baptised or filled it means the same thing, so I do not understand while nomenclatures should be the course of division in the Christendom.
  • Mark Driscoll Preaches About the Gift of Tongues (blackchristiannews.com)
    Pastor Mark Driscoll of Mars Hill Church in Seattle, Wash., recently spoke on the gift of tongues as described in the New Testament as part of his “Acts: Empowered for Jesus’ Mission” sermon series. The conservative Reformed, or New Calvinist, Christian minister laid out his arguments as to why he believes the gift of speaking in tongues did not end with Jesus’ apostles in the first century.
    +
    Driscoll relayed a part of the passage: “‘For to one is given through the Spirit . . . various kinds of tongues’ — or languages, heavenly or earthly — ‘to another, the interpretation of tongues’ — the ability to articulate in the other language what has been said in the foreign language. ‘All these are empowered by one and the same Spirit, who apportions to each one individually as he wills.'”
    +
    “So, we agree with the Cessationists that yes, certain gifts, at least, they’re going to cease. They’re going to cease,” added Driscoll. “Where we disagree with the Cessationists and we agree with the Continuationists is when they cease. We believe that all of the gifts continue until one very important transitionary moment in the history of the world.”
    +
    “Miracle gifts like tongues and healing are mentioned only in 1 Corinthians, an early epistle. Two later epistles, Ephesians and Romans, both discuss gifts of the Spirit at length — but no mention is made of the miraculous gifts,” explains an adaptation of MacArthur’s 1992 book Charismatic Chaos, published on the theologian’s Grace to You (GTY) ministry website. “By that time miracles were already looked on as something in the past (Heb. 2:3-4). Apostolic authority and the apostolic message needed no further confirmation. Before the first century ended, the entire New Testament had been written and was circulating through the churches.”
  • Rose and Linda’s Journal Speaking in Tongues (momsfirstscreenn.wordpress.com)
    Jesus said that the Spirit would testify, and that the disciples would be the ones to witness. And ye also shall bear witness, because ye have been with me from the beginning (John 15:27). But ye shall receive power, after that the Holy Ghost is come upon you: and ye shall be witnesses unto me both in Jerusalem, and in all Judaea, and in Samaria, and unto the uttermost part of the earth (Acts 1:8). These verses speak of the witness by the disciples; read them along with John 15:26 which plainly tells that the Holy Ghost will speak when He comes in.
    +
    Speaking with tongues was the physical, initial evidence of the Holy Ghost baptism of the early church Christians and it is the physical, initial evidence of Christians who receive it today. The main purpose of receiving the Holy Ghost is not just to have something speak through you; speaking in tongues is simply the first evidence that He has come in; there are many evidences of the Holy Spirit. At Mount Sinai it was not the thunder, lightning, fire nor trumpet which were paramount, but the giving of the Law; and at Pentecost it was not the sound of wind or the tongues of fire, or speaking with other tongues which was paramount, but the giving of the Holy Ghost.
  • Baptism in the Holy Spirit (currentoracles.wordpress.com)
    Tongues were given for personal edification as prayer and praise to be used in private worship. Every believer can speak with these tongues when they receive the Baptism of the Holy Spirit.
  • Pneumatology: On Spiritual Gifts and the Fruits of The Holy Sprit (The relevancy of speaking in tongues to the Post-Modern Christian) (hades1solution.wordpress.com)
    Pneumatology is the theological study of the Holy Spirit. This doctrine explains the identity, office, and empowerment of the Holy Spirit and establishes the monotheistic relationship with the Father, Son and Holy Ghost. Pneumatology explains the Spirit has both a human and spiritual relationship much like Christ and is a persona (Psa. 51:11, Acts 7:51, John 14:17, Romans 8:16) and like Jesus is omniscient (1 Cor: 25), omnipotent (Zech. 4:6), and omnipresent (1 Cor. 2: 10-16). The Holy Spirit was present from the beginning and part of creation (Genesis 1:2; Gn. 1:7) and originated from the father but sent forth from the son and is present in all men but awakened at the time of salvation.
  • Tongues Beyond The Upper Room. #TonguesBUR (dosomethingfresh.wordpress.com)
    Speaking in tongues – the divinely imparted gift that enables Christians to supernaturally communicate with God in a more intimate way than prayer and praise in languages we know. Its one of the most controversial topics among Christians and non Christians

 

Tag Cloud

The Eccentric Fundamentalist

Musings on theology, apologetics, practical Christianity and God's grace in salvation through Jesus Christ

John 20:21

"As the Father has sent me, so I am sending you."

The Biblical Review

Reviewing Publications, History, and Scripture

Words on the Word

Blog by Abram K-J

Bybelverskille

Hier bestudeer ons die redes vir die verskille in Bybelvertalings.

Michael Bradley - Time Traveler

The official website of Michael Bradley - Author of novels, short stories and poetry involving the past, future, and what may have been.

BIBLE Students DAILY

"Be faithful unto death, and I will give you the crown of life." Revelation 2:10

God's Simple Kindness

A place to share your daily blessings

takeaminutedotnet

All the Glory to God

Religieus Redeneren

Gedachten en berichten over hedendaags (on)geloof

Jesse A. Kelley

A topnotch WordPress.com site

JWUpdate

JW Current Apostate Status and Final Temple Judgment - Web Witnessing Record; The Bethel Apostasy is Prophecy

Sophia's Pockets

Wisdom Withouth Walls

ConquerorShots

Spiritual Shots to Fuel the Conqueror Lifestyle

Examining Watchtower Doctrine

Truth Behind the "Truth"

Theological NoteBook

Dabbling into Theology

sowers seed

be careful 'how you hear'

Next Comes Africa

If I take the wings of the morning, and dwell in the uttermost parts of the sea; Even there shall thy hand lead me, and thy right hand shall hold me - Psalm 139: 9,10

friarmusings

the musings of a Franciscan friar...

%d bloggers like this: